Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Met de democratie speel je geen poker

Home

Hans Goslinga

Mark Rutte en Maxime Verhagen luisteren naar PVV-leider Geert Wilders tijdens een debat in 2012. © anp
Column

Zowel in de Verenigde Staten als in Nederland moest de regeerbaarheid van de natie de afgelopen weken worden afgedwongen in een ijzingwekkend pokerspel. Oorzaak: het vanzelfsprekende midden, de plaats waar compromissen worden gesloten, bestaat niet meer. Aan beide kanten van de oceaan ging het net goed. Maar hoe zal het volgende keer gaan?

In ons land werd het midden lang bezet door de christen-democraten. Zij regeerden beurtelings met rechts en links en zorgden daarmee voor dynamiek en continuïteit in het politieke leven - en ook afgunst vanwege de spilfunctie, die als vanzelf macht gaf. In de jaren negentig werd dit patroon doorbroken door twee paarse coalities van VVD en PvdA, maar na 2002 herpakten de christen-democraten onder aanvoering van Balkenende hun spilpositie.

De coalitie van CDA, VVD en PVV, waarop Rutte I rustte, kan worden gezien als een laatste, krampachtige poging het vertrouwde patroon in stand te houden. In de beeldvorming ging de combinatie door voor centrum-rechts; feitelijk was dat, gezien de linkse economische paragraaf van de PVV, niet zo. Maar dit verschil tussen schijn en wezen was niet het enige dat aan deze coalitie een onnatuurlijk karakter gaf.

Onvolmaaktheid
De historicus Johan Huizinga onderscheidde in een essay uit 1935 over onze volksaard drie temperamenten in het politieke leven: behoud, hervorming en radicaliteit. De radicaal of revolutionair was in zijn ogen de mens die de onvolmaaktheid van de wereld niet kan dragen: het moet volstrekt anders worden en wel terstond. Volgens Huizinga was het logisch dat de behoudende en hervormingsgezinde krachten, als het nodig was, zouden samengaan tegen de radicalen.

De strekkingen van behoud en hervorming hebben immers grondslagen gemeen, schreef hij, die ontbreken in het extremisme. Zij gaan beide uit van geleidelijke ontwikkeling, waarbij de een de erfelijkheid accentueert, de ander de verandering. Het is een waarneming, die het bekritiseerde samengaan van de oude ideologische tegenpolen VVD en PvdA ineens verklaart en als verbond tegen de radicale flanken logisch en geloofwaardig maakt. Zeker nu die flanken het parlementaire debat minachten.

Het probleem dat zich nu zowel in Amerika als hier voordoet is dat deze tegenstelling door partijpolitieke grenzen niet scherp zichtbaar wordt. In beide parlementen hebben tegen klokslag twaalf de gematigde krachten dwars door de partijgrenzen heen gewonnen, maar in Washington en Den Haag was de afgrond gevaarlijk dichtbij.

Slagvaardig
In mijn vorige column heb ik nogal scherp uitgepakt tegen CDA en GroenLinks, omdat zij in deze kritieke situatie hun partijpolitieke belang bovengeschikt maakten aan het gemeenschappelijke belang van een democratie die slagvaardig blijft. Net als het Lenteakkoord van 2012 ontleent het Herfstakkoord van 2013 zijn betekenis aan het feit dát het tot stand is gekomen en minder aan de inhoud. Overdreven? Een prominent onderzoeker van het Brookings Instituut, een gerenommeerde denktank in Amerika, zei deze week dat het huidige Congres 'een groter gevaar is voor de nationale veiligheid van de VS dan Al-Kaida'. In Nederland houden we het liever wat kleiner, maar ook hier lag een politiek-bestuurlijke shutdown om de hoek, met nieuw vertrouwensverlies in de democratie als gevolg.

Conclusie: in de strijd tussen de gematigde en de radicale krachten is het CDA twee keer aan de verkeerde kant van Huizinga's streep uitgekomen. De historicus schreef dat het toelaten van radicale partijen in het stelsel der regering 'in de hoogste mate irrationeel' is. Zo'n staat gedraagt zich als een levend wezen dat vrijwillig de kiemen van zijn verderf in zijn weefsel opneemt. De PVV was weliswaar slechts gedoogpartner, haar verderfelijke aantasting van de godsdienstvrijheid was tussen haken geplaatst, maar toch.

In de VS en hier kan dezer dagen worden gesproken van het moeizame midden; moeizaam in de zin dat het tegen oude patronen en scheidslijnen in moet worden bevochten. Ook daaruit kan een conclusie worden getrokken: de partijpolitieke verhoudingen voldoen niet meer en onttrekken de wezenlijke tegenstelling aan het oog. Hier zijn de gematigde krachten vooralsnog aangewezen op de ene man die straks in de senaat de meerderheid bepaalt: SGP-senator Holdijk uit Uddel. Dat is toch te weinig.

Lees verder na de advertentie

 
Conclusie: in de strijd tussen de gematigde en de radicale krachten is het CDA twee keer aan de verkeerde kant van Huizinga's streep uitgekomen

Deel dit artikel