Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Markant psychiater wilde de gekte begrijpen

Home

Eveline Brandt

In zijn laatste levensdagen heeft zijn kwelgeest hem weer bezocht. Zaterdag 9 februari overleed hij, prof. dr. P.C. Kuiper, 82 jaar oud - na 'een vreselijke oude dag', zoals de minstens zo beroemde psychiater en leeftijdgenoot A. van Dantzig het uitdrukt. De dood redde hem uit de klauwen van de depressie.

Piet Kuiper was van 1961 tot 1985 hoogleraar psychiatrie aan de Universiteit van Amsterdam. Maar hij was nog veel meer. Auteur van vele boeken, voor vakgenoten én voor een breed publiek; internationaal befaamd en spraakmakend op zijn vakgebied en daarbuiten, onder meer als schilder. Daarnaast was de psychiater zelf psychiatrisch patiënt.

,,Hij was de eerste hoogleraar psychiatrie in Nederland die niet alleen klassiek psychiater was, maar ook de psychoanalyse in het vak betrok'', zegt collega en vriend Van Dantzig. ,,Zijn assistenten, de psychiaters in opleiding, werden ook psychoanalytisch geschoold. Voor die tijd betekende dat een enorme vernieuwing.''

De klassieke psychiater stelde in die'tijd vooral diagnoses; tot de jaren zestig was er ook niet veel meer mogelijk. Behandelingen en medicijnen waren er nog nauwelijks. Van Dantzig: ,,Kuiper was niet zo geïnteresseerd in alleen die diagnostiek, hij wilde begrijpen hóe zijn patiënten zo gek waren geworden. Hun verschijnselen zag hij als het gevolg van een innerlijk conflict. Door dat inzichtelijk te maken kon je, meende hij net als Freud, het echte lijden achter het neurotische lijden onderzoeken.''

,,Kuiper is een heel markante man geweest in ons vak'', vindt M. de Wolf, directeur van het Psychoanalytisch Instituut in Amsterdam. ,,In zijn tijd was de psycho-analytische invloed op de psychiatrie heel groot, en dat was zijn verdienste. In de generaties na hem zijn die vakgebieden langzaam weer uit elkaar gegroeid.''

,,Zijn moeder vond dat hij eigenlijk dominee had moeten worden'', weet Van Dantzig. ,,Daar heeft hij zich met veel schuldgevoelens aan onttrokken, maar het preken in seculiere vorm lag hem wel. Hij had ook echt een boodschap, een missie: de vernieuwing van de psychiatrie. En daarin heeft hij veel bereikt. Doordat hij echt luisterde en praatte met zijn patiënten, werd het vak humaner.''

,,In de controverse tussen pillen en praten zat hij meer op de lijn van het praten'', zegt ook De Wolf. Kuiper moest eerst zelf patiënt worden om overtuigd te raken van het effect van medicijnen. In 1983 viel hij ten prooi aan een depressie die hem jaren in zijn greep hield. ,,Hij heeft een melancholische depressie doorgemaakt, wat een vreselijke, zo niet de ergste vorm van lijden is'', zegt Van Dantzig bewogen.

Hij werd weer op de been gebracht door psychiater W. Nolen, met behulp van een middel dat Kuiper zelf als hoogleraar sterk had afgeraden. ,,Maar'', zegt Van Dantzig, ,,de ziekte is daarna nog vaak teruggekomen en heeft ook de laatste jaren van zijn leven zeer belast. In het doodsbericht dat ik net van zijn familie ontving staat dat er nu een einde aan zijn lijden is gekomen.''

Kuiper schreef over zijn ziekte het aangrijpende boek 'Ver heen', waar tienduizenden exemplaren van zijn verkocht. Het bracht hem meer bekendheid dan de standaardwerken die hij over zijn vak schreef, zoals 'Neurosenleer' en 'Hoofdsom der Psychiatrie'. Boeken die, aldus De Wolf, in de kast van geen enkele psycholoog en psychiater ontbraken.

In de tijd van zijn ziekte meende hij nu eens dat hij dement was geworden, dan weer dat hij al dood en in de hel was. Er was slechts angst, paniek, en er waren wanen. Hij schaamde zich er niet voor. ,,Gek worden'', zei hij, ,,dat kan iedereen overkomen''. En: ,,Een depressie is zo'n godvergeten gruwel, je bent zo reddeloos verlaten en eenzaam... ik wil dat dit boek mensen troost biedt.''

,,Ik vind het knap'', zegt De Wolf, ,,dat je dit als psychiater die zo veel geschreven heeft over depressie, tot onderwerp van je eigen reflectie maakt. Hij durfde zichzelf ter discussie te stellen en wilde dit niet onder het vloerkleed vegen.''

Er was ook de gezonde, flamboyante Kuiper. Die, herinnert De Wolf zich, 'met zijn markante kaaklijn' en zijn 'sigaar in de mond' meeslepend les gaf. ,,Ik heb veel cursussen en colleges bij hem gevolgd. Peinzend pratend kon hij dan in gewoon, begrijpelijk Nederlands de meest ingewikkelde dingen uitleggen.''

Gevoel voor theater had hij; hij verkeerde graag tussen de beau monde. Maar ook en vooral had hij gevoel en compassie voor de zwakkeren, de zieken, de patiënten. Hij zou, zo citeerde hij de profeet Jesaja, nooit 'het geknakte riet' breken; het 'smeulende vuurtje' nooit uittrappen. Hij vocht tegen de traditionele kloof tussen zogenaamde gekken en psychiaters. ,,Stel je niet boven de patiënt'', hield hij zijn leerlingen voor.

Ondertussen had hij van zichzelf geen lage dunk. Een 'narcist', noemde hij zichzelf, en een 'hoogmoedig mens'. Maar hij was ook begaafd en getalenteerd, is het unanieme oordeel. Van Dantzig: ,,Hij kon echt verdienstelijk schilderen. Als hij professioneel schilder was geworden, had hij veel meer succes kunnen hebben dan nu, omdat hij als hobbyist te boek stond. Daar zou hij ook niets tegen hebben; hij zou iedere roem geïncasseerd hebben die hij kon krijgen. Hij was zeer hongerig naar beroemdheid en erkenning. Maar nooit op een nare manier, eerder op een ontwapenende, kinderlijke manier. Hij wist dat ook heel goed van zichzelf: hij wilde graag geaaid worden.''

Deel dit artikel