Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Mark, hier is je toespraak

Home

Hans de Bruijn en Mimoun Oaissa

Premier Mark Rutte in de Ridderzaal tijdens de viering van het 200-jarig bestaan van het parlementaire tweekamerstelsel in Nederland. © anp

De komst van duizenden vluchtelingen roept heftige emoties en grote zorgen op, ook in Nederland. Wat betekent politiek leiderschap voor een minister-president in dagen als deze? Hans de Bruijn en Mimoun Oaissa schreven de toespraak die Mark Rutte kan houden. Een rede voor een politiek leider in een versplinterd land, die met veel verschillende gevoelens rekening moet houden. Voor een premier die boven de partijen staat, maar die ook een eigen achterban heeft.

1. Dames en heren, ons land wordt op dit moment met een diepe crisis geconfronteerd. De wereld van vandaag is guur en onveilig - en miljoenen mensen zijn op drift geraakt. Velen van hen zijn naar dit deel van Europa gekomen, ook naar Nederland. Ze komen naar een dichtbevolkt land, dat in de afgelopen jaren al zulke langdurige en zware crises meemaakte. Een dichtbevolkt land, dat de afgelopen jaren al zo worstelde met vragen van immigratie en integratie.

Vanavond wil ik, als minister-president van Nederland, het met u hebben over de vluchtelingen. Ik ben ervan overtuigd dat het bij deze crisis niet alleen gaat over de vluchtelingen, maar ook over ons, over de vraag hoe wij als Nederlanders met deze crisis omgaan. Wat voor land willen wij zijn en kunnen wij zijn, nu zo veel ontheemden aan onze grenzen staan?

Ondernemend
2. Wat kenmerkt Nederland en de Nederlanders? Wat maakt onze traditie tot een typisch Nederlandse traditie? Ik kreeg die vraag vorig jaar van een journalist en ik gaf drie antwoorden. Nederlanders zijn ondernemend en trekken erop uit.

Nederlanders hebben een hekel aan hiërarchie.

Nederlanders laten je niet in de steek als je in problemen komt.

Het zijn kenmerken die ons vaak het stempel opleveren van 'nuchtere Nederlanders' - en dat zijn we ook.

Wij laten mensen niet in de steek. Wij helpen vluchtelingen. Dat hebben we altijd gedaan. Dat gaan we ook nu doen.

Wij hebben een hekel aan hiërarchie. We houden niet van sturing van bovenaf, we hebben een traditie van samenwerken. Wanneer er grote problemen op Nederland afkwamen, dan stonden we schouder aan schouder, hadden we altijd de wil om er samen uit te komen. Dat gaan we ook nu doen. Als het vluchtelingenvraagstuk een wig in onze samenleving drijft, dan weten we een ding zeker: we komen nergens.

Wij zijn ondernemend, trekken eropuit, zijn altijd praktisch en nuchter geweest. Wij hebben geen traditie van ideologische haarkloverij - als er problemen zijn, dan lossen we die op. Dat gaan we ook nu doen. Nuchtere ondernemerszin, praktisch problemen oplossen.

Lees verder na de advertentie
Asielzoekers arriveren bij het AZC in Heumensoord. © anp

Ongerust
3. Wat zie ik in het Nederland van vandaag? Ik zie de warme golf van medemenselijkheid die door dit land gaat. Mensen lezen voor, geven een Nederlandse les, nemen een vluchteling mee naar een wedstrijd van hun voetbalclub. Een meisje van een jaar of zeventien vertelde me hoe zij deze zomer naar Griekenland was afgereisd om daar te helpen. Samen met een paar vrienden en vriendinnen. Haar verhaal raakte me, gaf me het gevoel van trots.

Ik zie ook dat veel mensen zich diepe zorgen maken - en ik met hen. Ouders zijn ongerust. Is het veilig om mensen uit een oorlogsgebied dicht bij een kinderspeelplaats te huisvesten? Mensen met wellicht een oorlogstrauma? Er is een grens aan wat we aankunnen - als het gaat om integratie, huisvesting, werk. We zijn bezorgd over de vraag of er foute mensen onder de vluchtelingen zitten, over vechtpartijen in opvangcentra, over de gevolgen van gezinshereniging.

Medemenselijkheid en bezorgdheid. Laten we eerlijk zijn, hebben we niet allemaal die beide gevoelens? We zien de vluchtelingen, kijken naar hun gezicht, luisteren naar hun verhalen, voelen ons bij hen betrokken. Maar we kunnen ook diep bezorgd zijn over die enorme aantallen. Die innerlijke tweestrijd is er bij velen van ons. Ook bij mij. Misschien moeten we dat elkaar wat vaker toegeven; dat we allemaal dat dubbele gevoel kunnen hebben.

Kinderachtige politiek
4. Die tweestrijd is er en dus zeg ik heel duidelijk: ik erger me aan de makkelijke, de gemakzuchtige oplossingen die ons worden voorgehouden. De Nederlandse grens moet weer op slot, zegt de een. Probleem opgelost. We hebben deze mensen nodig in onze vergrijzende samenleving, die straks arbeidskrachten tekortkomt, zegt de ander. Probleem ook opgelost - sterker, er is geen probleem.

Het is veel te makkelijk. Je kunt een landgrens van 1000 kilometer niet in het slot gooien. Dat is een naïeve gedachte, zo naïef dat het kinderlijk is als politici dat suggereren - kinderachtige politiek. Maar we komen de gemakzucht vaker tegen. Er wordt te vaak te optimistisch gesproken over integratie, over de bijdrage van immigranten aan een vergrijzende samenleving. De cijfers over eerdere groepen vluchtelingen laten geen rooskleurig beeld zien als het gaat om participatie. Dat moeten we onder ogen zien.

Burgemeester Ahmed Aboutaleb van Rotterdam praat met Rotterdammers tijdens een bewonersbijeenkomst in IJsselmonde over de komst van een tijdelijk asielzoekerscentrum (azc) in hun wijk. © ANP

Ik weet zeker: we weten allemaal donders goed dat veel van die oplossingen niet werken. En makkelijke antwoorden zijn gevaarlijk. Omdat ze niet werken, maar vooral omdat ze voor een diepe verdeeldheid in ons land zorgen. Want makkelijke antwoorden roepen makkelijke oordelen over de ander op.

Jij heet vluchtelingen welkom want jij bent wereldburger en humaan - en de ander is dus bekrompen en hardvochtig.

Jij wilt de grenzen dicht want jij bent realistisch en streng - en de ander is dus naïef en heeft slappe knieën.

Als we die tweespalt een kans geven, zal ons dat niet verder brengen. Zal ons dat tot een verbeten samenleving maken, waarin je strijdt voor het eigen gelijk, in plaats van gewoon aan de slag te gaan.

Waarden
5. Maar zo hoeft het niet te gaan. Als minister-president van Nederland wil ik iets zeggen over de vluchtelingen, over wat ons land wel verder brengt, vooruithelpt.

6. We gaan de vluchtelingen helpen. Wij helpen vluchtelingen, want dat past bij ons en onze waarden. Wij laten mensen op de vlucht voor oorlogsgeweld, niet in de steek. We zien de beelden van mensen op de vlucht, zo vaak en zo veel, dat ze soms niet meer tot je doordringen. Het beeld van een vader die in zee drijft en met alle macht het hoofd van zijn kind boven water probeert te houden. Ik was, zoals wij allemaal, tot in het hart geraakt toen ik de foto zag van peuter Aylan. Een peuter, die verdronk in zee. Ik heb even getwijfeld of ik dat vanavond moest zeggen omdat je volgens sommigen door zijn naam te noemen, in een moeras komt van feiten en beelden en media-effecten en van media-effecten en beelden en feiten. Maar dit was een peuter. Een peuter die verdronk in zee.

We helpen vluchtelingen en gaan ook niet beweren dat dit slechts economische vluchtelingen zijn. IS en Assad hebben de regio daar tot een hel gemaakt. Wat doe je als je gezin wordt bedreigd door gifgas, wat doe je als je wordt bedreigd door massale executies, wat doe je als je wordt bedreigd door slavernij? Wie alles achterlaat om die hel te ontvluchten, is een vluchteling. Geen economische vluchteling, maar een vluchteling.

Harde keuzes
7. We sturen mensen terug en dat vinden we niet meer dan normaal. Hulp aan vluchtelingen is humaan en is onze plicht, dat is mijn diepe overtuiging. Maar dat betekent niet dat terugsturen inhumaan is. Natuurlijk, terugsturen is vrijwel altijd onaangenaam. Als mensen worden opgehaald. Naar het vliegtuig gebracht. Worden uitgezet. Maar we moeten en zullen ook hard zijn en harde keuzes maken. Ik waarschuw meteen maar: hardere keuzes dan in het verleden - meer mensen aan onze grenzen, betekent ook minder ruimte voor vrijblijvendheid. We zijn een klein en dichtbevolkt land, kunnen niet al het leed van deze wereld op ons nemen.

Er moeten mensen terug. Iedere politicus die dat niet erkent, die daar niet voor staat, iedere politicus die wel vooraan staat als mensen hulp nodig hebben, maar zich niet laat zien als die harde maatregelen noodzakelijk zijn, is immoreel bezig. Die politicus voedt het idee dat je of humaan of hardvochtig bent. Dat die makkelijke oplossing toch bestaat. En werkt zo mee aan de kloof in onze samenleving.

Faire kans
8. Wie blijft, krijgt een eerlijke kans. Vorige week bestormden mannen met bivakmutsen een noodopvang in Woerden. Iedereen begrijpt toch: dat is een traumatische ervaring voor mensen die uit een oorlogsgebied komen. Ik ben naar Woerden gegaan. Heb met de mensen gesproken. Heb gezien wat deze laffe actie met mensen doet.

Er zullen vluchtelingen teruggaan, er zullen er ook blijven. Hoeveel weet ik nog niet. De gesprekken in Woerden hebben mij weer eens doen beseffen: als zij zich niet welkom voelen in onze samenleving, alleen als een probleem worden gezien, dan wordt niemand daar beter van. Wij niet en zij niet. Wie blijft, moeten we een faire kans geven. En dus zal van iedereen zelfonderzoek worden gevraagd of we dat ook echt doen. Een vluchteling die mag blijven, moet na verloop van tijd opgelucht kunnen constateren dat hij of zij niet meer als vluchteling wordt gezien, dat label kwijt is. Dat vraagt veel van vluchtelingen. Maar ook van ons.

Traditie
9. We gaan met elkaar in gesprek over de vluchtelingen. En alle onderwerpen mogen en moeten op tafel kunnen komen. Ooit maakte de politieke elite in Nederland een grote fout: die legde haar politieke correctheid aan ons op en verklaarde allerlei onderwerpen tot taboe. Die fout maken wij niet.

We gaan met elkaar in gesprek over de vraag hoe het verder moet. Dat past bij een land met een traditie van samenwerken en nuchterheid. Ik weet: dat kunnen rauwe en grimmige gesprekken zijn. Maar ik heb liever het rauwe, grimmige gesprek, dan geen gesprek. En als we er onverhoopt niet uitkomen met elkaar, hebben we elkaar in ieder geval recht in de ogen gekeken. Ik zeg er tegelijk dit bij: ik heb geen tolerantie voor geweld tegen bestuurders, geen tolerantie voor respectloze onzin als dat alle vluchtelingen verkrachters zouden zijn, geen tolerantie voor wie de ander bestempelt tot racist, als die ander bezorgd is. Rauwe gesprekken kunnen heel goed respectvolle gesprekken zijn.

Asielzoekers nabij het voormalig recreatiepark, welke dient als opvangcentrum, in het Drentse dorp Oranje. © anp

Cultuur
10. We dragen onze waarden met overtuiging uit. Vrijwel alle vluchtelingen komen uit islamitische landen. Veel mensen maken zich daar zorgen om. Is dat niet bedreigend voor onze cultuur en onze waarden? Mijn antwoord is altijd: we mogen ons nooit laten leiden door angst. We weten een ding zeker: een samenleving die van angst doordrenkt is, zal de toekomst niet aankunnen. Als wij ons bang laten maken door anderen, bepalen die anderen ons bestaan.

Onze cultuur wordt niet bepaald door ons af te zetten tegen de islam. Die wordt bepaald door onze waarden - vrijheid, individuele verantwoordelijkheid, gelijke behandeling. Door onze kracht - samenwerken, nuchterheid, ondernemerszin. Ik spreek daar niet vaak over, maar laat ik het vanavond nog maar eens heel duidelijk zeggen: onze vrijheid, onze welvaart, onze vrije markt - ze hebben alles te maken met onze waarden.

Wij gaan uit van onze eigen waarden en accepteren iedereen die die waarden omarmt. Als je nieuw bent en hier mag blijven, accepteer je onze waarden. Ben je het daar niet mee eens, bevalt dat je niet - dan heb je hier niets te zoeken.

Grenzen
11. Er zijn problemen en die gaan we oplossen, als overheid, als burgers, als ondernemers. Daar werk ik elke dag aan, en daar gaat het uiteindelijk om. We bedenken met elkaar creatieve oplossingen voor noodopvang. Er zijn grenzen aan wat we aankunnen. Het houdt een keer op, dus zoeken we naar nieuwe mogelijkheden voor opvang in de regio. Veilige opvang in de regio is beter dan opvang hier.

We vangen vluchtelingen op, maar wie als economische vluchteling wil meeliften op de ellende van anderen, sturen we terug. We willen huisvesting voor vluchtelingen, maar we willen niet dat zij burgers op de wachtlijsten verdringen. Dat probleem lossen we op. We screenen de vluchtelingen, want mocht er een gevaarlijke gek onder hen zijn, dan willen we die eruit halen.

We werken aan een Europees terugkeerbeleid; landen die hun burgers niet willen terugnemen, kunnen rekenen op economische gevolgen. Wij willen geen kindhuwelijken, geen vechtpartijen met andersgelovigen in azc's, geen discriminatie van homoseksuelen. Oplossing: wie daar geen boodschap aan heeft, zal dat merken en dat heeft gevolgen voor zijn asielaanvraag.

We zullen out of the box moeten denken. We zullen maatregelen moeten doorvoeren, die misschien niet perfect zijn. Maatregelen die controversieel zijn. Er zullen zulke voorstellen komen en het is altijd heel makkelijk om het voorstel van de ander meteen af te branden, het liefst inclusief een morele veroordeling. Er niet eens over te willen nadenken en je terug te trekken op je eigen gelijk. Ik wil daar ernstig voor waarschuwen. Het zal ons niet verder brengen, alleen maar leiden tot een nerveuze politieke cultuur, waarin we voortdurend ons eigen gelijk moeten bevestigen.

Uitdaging
12. We staan voor een historische uitdaging, die ons allen persoonlijk raakt. Een historische uitdaging, die mij veel heeft doen denken aan mijn eigen familiegeschiedenis. Mijn vader werkte in de jaren dertig bij een handelsmaatschappij in Indië. De Tweede Wereldoorlog bereikte Indië en mijn vader belandde in een Japans kamp. Na de oorlog kwam hij met zijn drie kinderen terug naar Nederland. Het enige bezit dat ze hadden waren de kleren die ze droegen. Hij ging even later weer terug naar Indië, Indonesië, om een heel nieuw bestaan op te bouwen. Maar weer was het lot hem niet gunstig gezind. In 1957 werd hij het land uitgezet, moest hij terug naar Nederland, waar hij zijn leven van de grond af aan weer heeft opgebouwd.

Van mijn vader, met die geschiedenis, heb ik de overtuiging meegekregen dat het niet uitmaakt wat je in het leven doet, als je er binnen je mogelijkheden maar het beste van maakt. Als je maar doet wat je kunt.

Doen wat je kunt, het zijn nuchtere woorden in de beste traditie van Nederland. Ik hoop dat onze kinderen later trots zullen zijn op de manier waarop wij zijn omgegaan met het ingewikkelde probleem van de vluchtelingen. Dat ze over ons een eenvoudig verhaal kunnen vertellen. Dit verhaal: je moet doen wat je kunt, en dat hebben ze gedaan. Niet meer en niet minder. Ze werkten samen, schouder aan schouder - ze zagen problemen en losten die met ondernemerszin en nuchterheid op. En ze lieten de vluchtelingen niet in de steek.

Deel dit artikel