Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Margriet Leemhuis: Vrouwen, spreek je ambities uit

Home

Marte van Santen

© Merlijn Doomernik
Levenslessen

Diplomaat Margriet Leemhuis (55) is één van de 35 Nederlandse ambassadrices. Sinds twee jaar is zij ‘onze vrouw’ in Mexico en Belize. ‘Ik heb nooit iets gemerkt van een glazen plafond.’

1. Vertrouwen geeft je vleugels

Lees verder na de advertentie

“Mijn wieg stond op het Groningse platteland, maar de wereld was mijn horizon. Mijn vader had een boomkwekerij en exporteerde zijn producten onder andere naar de Verenigde Staten en het Midden-Oosten. Zo kwam het dat we bijvoorbeeld regelmatig Egyptenaren over de vloer hadden. Daar keken ze in Veendam wel vreemd van op. Mijn vaders vader had trouwens ook al zo’n internationale blik, als jonge boer liep hij begin vorige eeuw stage in Duitsland. Mijn nieuwsgierigheid naar andere landen en culturen heb ik dus niet van een vreemde.

Zielig in een hoekje zitten is niets voor mij

Een ander familietrekje, onze hang naar zelfstandigheid, zat er eveneens jong in. ‘Zelf doen’ waren zo’n beetje mijn eerste woorden. Mijn vader en moeder gaven me de vrijheid om mijn eigen weg te gaan. Mijn twee oudere zussen studeerden - in de voetsporen van mijn medisch geschoolde moeder - geneeskunde in Groningen. Hoewel ik ook goed was in exacte vakken, wilde ik iets heel anders, op kamers in Amsterdam en daar Frans en communicatiewetenschappen studeren. ‘Moet je doen’, zeiden mijn ouders. Ze vertrouwden erop dat ik mezelf wel zou redden, en dat was ook zo.”

2. Van niets komt niets

“Op een wild feest was ik mijn contactlens kwijt. De oogarts die me nieuwe lenzen aanmat, schrok zich rot; er was iets mis met mijn hoornvlies. Ik bleek een progressieve oogziekte te hebben, keratoconus, waardoor je dingen wazig en vervormd gaat zien. Ineens kon ik niet meer lezen. Knap lastig als je in het tweede jaar van je studie zit. Iemand anders was daar misschien mee gestopt, maar zielig in een hoekje zitten is niets voor mij. Dus heb ik al mijn moed bij elkaar geraapt en ben ik naar een inloophuis voor blinden en slechtzienden gegaan. Daar brachten ze me in contact met een nuchtere maatschappelijk werkster, een echte Amsterdamse. ‘Koop eerst maar eens een goede lamp’, zei die. ‘En daarna een dictafoon om je colleges op te nemen.’ Ze is misschien een half uur bij me geweest, maar haar schop onder de kont was precies wat ik nodig had. Dankzij haar tips heb ik uiteindelijk toch nog de helft van het jaar gehaald. Toen ik daarna nieuwe lenzen kreeg die mijn zichtproblemen corrigeerden, was ik uiteraard heel opgelucht. Maar haar daadkrachtige aanpak inspireert me tot op de dag van vandaag.”

3. Steek je licht niet onder de korenmaat

“Tijdens mijn studie had ik geen idee wat ik daarna moest. Dus toen een vriendin me vroeg of ik samen met haar bij het diplomatenklasje van Buitenlandse Zaken wilde solliciteren, dacht ik: waarom niet? Tot mijn eigen verbazing werd ik aangenomen - ik wist nauwelijks iets over internationale betrekkingen. Dat werd in het klasje gauw verholpen. Economie, geschiedenis, ontwikkelingssamenwerking, talen, ik vond alle vakken even leuk. We waren met vier vrouwen, tegenover negen mannen. De diplomatie was - en is - nu eenmaal een mannenwereld, al komt daar langzamerhand wel verandering in. In 2007 was 16 procent van de Nederlandse ambassadeurs vrouw, inmiddels is dat 30 procent. Internationaal scoren we daarmee goed.

Overigens heb ik zelf nooit iets van een glazen plafond gemerkt. Wel heb ik moeten leren om als vrouw mijn plek op te eisen, en duidelijk van me te laten horen. Vrouwen veronderstellen sneller dat ze iets niet kunnen, dat ze door de mand zullen vallen. Als zoiets door mijn hoofd schiet, denk ik aan de wijze woorden van mijn opa: je moet je licht niet onder de korenmaat steken. Verberg je kennis en vaardigheden niet, wilde hij daarmee zeggen. Laat juist zien wat je weet en kunt, en spreek je ambities uit. Dus bij dezen: in de toekomst wil ik graag nog eens een post in Marokko of Indonesië bekleden. Dan weten ze dat op het ministerie maar alvast.”

© Merlijn Doomernik
In landen in opbouw kan ik voor mijn gevoel het grootste verschil maken

4. Als niet nu, dan later

“Mijn man David is ook diplomaat; we hebben elkaar in het klasje ontmoet. Toen ik in 1990 in Chili werd geplaatst, bleef hij in Nederland. Anderhalf jaar lang schreef ik hem elke week een brief van negen kantjes. Al ons geld ging op aan telefoongesprekken - naar het buitenland bellen was in die tijd hartstikke duur. Later heb ik nog een keer negen maanden zonder hem in Parijs gezeten. Toen we kinderen kregen, wilden we dat niet meer. Het betekende voor ons allebei compromissen sluiten, en af en toe concessies doen.

Zes jaar geleden kon ik ook al ambassadeur in Mexico worden, maar onze tieners zagen dat absoluut niet zitten. In plaats daarvan ben ik toen de tweede man in Londen geworden. Tweede man ja, want ‘mijn tweede vrouw’ klonk een beetje vreemd als de ambassadeur me aan gasten voorstelde. David kon vanuit Londen zijn werk als speechschrijver van de minister van buitenlandse zaken blijven doen. Op dat moment was het dus de beste oplossing. Er komt altijd weer een nieuwe kans, dacht ik. Vier jaar later kreeg ik de post in Mexico alsnog.”

Ik heb me in Mexico nog nooit onveilig gevoeld

5. Zonder wrijving geen glans

“Ik werk het liefst op plekken met een rafelrandje, waar het schuurt en nog niet alles af is. In landen in opbouw kan ik voor mijn gevoel het grootste verschil maken. En het is er nooit saai. Wat dat betreft stond ik te juichen toen ik de post in Mexico kreeg. Het is echt een hot-spot in de wereld, waar op het moment veel gebeurt, zowel politiek als economisch. Sinds Donald Trump aan de macht is, is Mexico nog meer in de belangstelling komen te staan. Door de discussie over de beruchte muur tussen beide landen, maar ook doordat Trump al meerdere keren heeft gedreigd de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst Nafta op te zeggen. De gevolgen daarvan zouden voor Mexico groot zijn; tachtig procent van hun export gaat naar de VS. Interessant genoeg biedt deze situatie voor ons juist kansen.

De Mexicanen willen nu namelijk maar wat graag zaken doen met andere landen. Ik vind het trouwens bewonderenswaardig hoe relaxt de ze omgaan met alle ellende die ze over zich krijgen uitgestort. Ondanks alles houden ze hun rug recht, en blijven ze positief en beleefd. Het is één van de redenen waarom ik verliefd ben geworden op de Latijns-Amerikaanse spirit. De mensen zijn zo hartelijk en optimistisch, ik voel me bij hen helemaal thuis.”

6. Werk is de beste therapie

“Als Mexico in het nieuws komt, gaat het vaak over geweld. Begrijpelijk, want er woedt een hevige strijd tussen bendes en drugkartels. Persoonlijk merk ik daar weinig van, ik heb me in Mexico nog nooit onveilig gevoeld. Aan het begin van mijn carrière heb ik in Chili wel iets traumatisch meegemaakt. Dat had niets met mijn functie als diplomaat te maken. Ik was toevallig op het verkeerde moment op de verkeerde plek. Tijdens de bezichtiging van een museum op zondagochtend viel een groep gewapende mannen het gebouw binnen, op zoek naar de onafhankelijkheidsverklaring van Chili. Samen met andere bezoekers werd ik vastgebonden. Toen de man naast mij een van de gijzelnemers herkende, schoot die hem neer. Later zou hij aan zijn verwondingen overlijden.

Ik leef erg mee met de mensen in het Groningse aard­be­vings­ge­bied

Na die gebeurtenis ben ik een tijd nerveus en angstig geweest. Ik voelde me achtervolgd en kreeg last van pleinvrees. Een lichte vorm van posttraumatische stress, constateerde een psychiater. Hij heeft me geholpen om de gebeurtenis te boven te komen. Al die tijd ben ik trouwens gewoon blijven werken. Meteen weer op het paard klimmen, bleek voor mij de beste therapie.”

7. Waar je hond is, ben je thuis

“Toen we in Zuid-Afrika woonden, waren onze kinderen op de leeftijd dat ze niets liever dan een hond wilden. Die kwam er dus. Na vier jaar verhuisden we naar Bratislava, in Slowakije, en ging Sam mee. Vervolgens vergezelde hij ons naar Nederland en Londen. Op elke nieuwe plek was hij onze houvast, de stabiele factor. Hij hielp ons snel de buurt te verkennen en contact te maken. In Londen kende ik op een gegeven moment zo’n beetje alle hondenbezitters in Hyde Park. De Britten zijn van nature nogal afstandelijk en gereserveerd, maar honden breken ook bij hen het ijs. Inmiddels is Sam overleden, en hebben we een andere hond, Senna. Ik vind het heerlijk om elke ochtend een stuk met haar te wandelen. Het is een natuurlijk rustpunt in mijn dag. Zoals een vriend ooit tegen me zei: een hond is love in, stress out.”

8. Gedeelde smart is halve smart

“Ik leef erg mee met de mensen in het aardbevingsgebied in Groningen. Omdat ik er zelf vandaan kom, en omdat ik nu in een land woon dat geregeld door aardbevingen wordt getroffen. We hadden net een ontruimingsoefening gedaan, toen vorig jaar op 19 september de aarde heftig begon te trillen. We wisten dat ons kantoorgebouw gemaakt is om aardbevingen te doorstaan, maar toch was het beangstigend om op de zevende verdieping alles te zien schudden. Het bleek een beving met een kracht van 7,1 op de schaal van Richter. Tientallen gebouwen in Mexico-Stad stortten in, waarbij meer dan tweehonderd doden vielen. Hoewel iedereen van ons team ongedeerd bleef, hakt zo’n ervaring er wel in. Gelukkig konden we er samen over praten.

Met goede begeleiding van de bedrijfsarts en bedrijfsmaatschappelijk werker hebben we de draad snel weer weten op te pakken. Wat hielp was de saamhorigheid en veerkracht van de Mexicanen. Mensen lieten alles uit hun handen vallen om anderen te helpen. Werkelijk iedereen deed mee - vanwege het watertekort, produceerde de lokale Heineken-fabriek tijdelijk blikjes water, die gratis werden uitgedeeld. Fantastisch om te zien hoe zo’n ramp het beste in mensen naar boven kan halen. Bang voor een nieuwe aardbeving ben ik niet, al onze kantoren en huizen staan nog, en ons veiligheidsplan werkte perfect. Ik weet nu: we kunnen dit aan.” 

Margriet Leemhuis

Diplomaat Margriet Nieske Leemhuis (Veendam, 1963) studeerde Frans en communicatiewetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. In 1989 werd ze aangenomen voor ‘het klasje’ van Buitenlandse Zaken. Haar eerste plaatsing was in Santiago, Chili. De afgelopen twintig jaar bekleedde ze onder meer posten in Zuid-Afrika, Slowakije en Groot-Brittannië. Ook was ze vijf jaar lang hoofd van de Eenheid Internationaal Cultuurbeleid en ambassadeur Internationale Culturele Samenwerking.

In 2016 werd ze benoemd tot ambassadeur voor Mexico en Belize. Margriet Leemhuis is getrouwd met David Zeverijn, even-eens werkzaam bij Buitenlandse Zaken. Samen hebben ze een zoon (22) en een dochter (21).

Trouw vraagt wekelijks een bekende of minder bekende Nederlander: welke levenslessen heeft u geleerd? Lees hier eerdere levenslessen.

Lees ook: Yan Ting Yueng: Ik wilde de perfecte dochter en echtgenote zijn

In vergelijking met China is Nederland soms wel saai, vindt Yan Ting Yueng. Maar saai is ook wel lekker.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

Zielig in een hoekje zitten is niets voor mij

In landen in opbouw kan ik voor mijn gevoel het grootste verschil maken

Ik heb me in Mexico nog nooit onveilig gevoeld

Ik leef erg mee met de mensen in het Groningse aard­be­vings­ge­bied