Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

MANUEL YERGATIAN/ARMEENS-APOSTOLISCHE KERK/Soms komen mensen bij mij thuis en dan zeggen ze: Je woont als een Hollander

Home

MARIJKE VERDUYN

Een poosje geleden bezocht pater Manuel Yergatian een gemeentelid in het ziekenhuis. Toen hij terugkwam bij zijn auto, zat er een pamflet onder de ruitenwisser met daarop een doorgekraste Turkse vlag en de woorden: Verboden voor Turken. Een nogal navrante vondst voor een Armeniër die zes jaar in de Turkse gevangenis doorbracht wegens vermeende staatsgevaarlijke activiteiten. Inmiddels ligt het papier - dat door zijn zuster in een vlaag van woede werd versnipperd - weer keurig aan elkaar geplakt op het dressoir: het mag niet zomaar verdwijnen. Maar Yergatian is een gemoedelijk mens en hij moet er ook om lachen: “Het is zo on-Nederlands!”

Pater Manuel Yergatian is de enige voorganger van de Armeens-Apostolische kerk in Nederland. De ongeveer 6000 gemeenteleden zijn enigszins verweesd, want hun voorganger onderging vorig jaar een bypassoperatie en mag nog niet veel doen. De aartsbisschop van Parijs, waarvan de Armeense kerk deel uitmaakt, houdt hem daaraan. En zijn zuster, die een straat verderop woont met haar zoontje, zorgt voor hem.

Manuel Yergatian is priester en volgens de Armeense traditie dus ongehuwd. Hij deelt zijn Almelose huis met een papegaai, twee parkieten, drie honden en een plusminus drie kubieke meter groot zoutwateraquarium met koralen en vissen. “Al vijftien jaar mijn grote hobby.” Manuel Yergatian werd geboren in Istanboel. “Ik denk dat mijn vader me geïnjecteerd heeft met spiritualiteit: elke zondag maakte hij me wakker en nam hij me bij de hand om naar de kerk te gaan. Mijn zusjes en broer sliepen door, maar ik hield ervan naar de kerk te gaan. Eén van de drieëndertig kerken was naast de (Armeens-christelijke) school en als daar iets gebeurde - een begrafenis of zo - dan glipte ik weg naar de kerk. Dan vroeg de directeur me: 'waarom was je niet op school?' En dan zei ik: 'de paters hadden me nodig'.”

Het lag dus voor de hand dat hij theologie ging studeren, maar niet in Istanboel. Armenië viel ook af, omdat zijn vader bang was voor het communisme dat daar destijds onder invloed van Rusland heerste. Derhalve viel de keuze op Jeruzalem, waar de Armeense kerk een seminarie heeft. In 1967 werd hij tot priester gewijd en daarna benoemd tot directeur van het seminarie. Toen hij in 1980 zijn zuster en zijn vader in Istanboel bezocht, werd hij bij het verlaten van Turkije opgepakt door de politie. De officiële aanklacht luidde dat hij als Turks staatsburger tegen de Turkse overheid had geageerd. Hij had in Jeruzalem aan Armeense kinderen de Armeense geschiedenis gedoceerd. En dat stelt Turkije niet op prijs: de Armeense geschiedenis is er één van terugkerende Turkse genocides op het Armeense volk, waarbij alleen al rond de laatste eeuwwisseling achthonderdduizend mensen omkwamen.

Yergatian werd veroordeeld tot veertien jaar gevangenisstraf. “Veel Armeense gevangenen werden naar Anatolië gedeporteerd om daar gemarteld te worden en vervolgens spoorloos te verdwijnen. Maar dankzij mijn internationale contacten was ik daarvoor te bekend en ontliep ik dat lot. Ik bleef drie jaar in de gevangenis van Istanboel, waar een grotere controle mogelijk was.”

Een Turkse gevangenis is niet te vergelijken met een Nederlandse. “Hebt u de film Midnight Express gezien? Zo is het echt!” Gedetineerden zitten in grote ruimtes bij elkaar, worden aan elkaars willekeur overgelaten en vormen onderling een keiharde samenleving. Hij deelde de gevangenis met Koerden en zowel linkse als 'fascistische' politieke gevangenen. De kring van links-politieke gevangenen nam hem op. Dankzij zijn internationale contacten kwam hij na zes jaar vrij. “Het is verleden tijd. Ik droom er nog wel eens over, het waren harde dagen. Ik heb Goddank nooit mijn hoop en mijn geloof verloren. Ik ben erg gemarteld: elektriciteit, harde dingen, je kan het je niet indenken. Maar God was met mij. In die dagen voelde ik dat extra sterk, omdat ik alleen was. Ik heb uiteindelijk niets verloren. Alleen heel veel mooie, zachte dagen. Zes jaar is een heleboel dagen. Maar het is verleden tijd.”

In de jaren daarna bleven er problemen met de politie: ze pakten hem steeds weer op en vielen ook zijn zuster lastig. Hij besloot het land te verlaten. De bisschop in Parijs vroeg hem de gemeente in Nederland bij te staan. In 1992 arriveerde hij in Nederland. Zijn zuster volgde hem een jaar later.

De geschiedenis van de Armeense gemeenschap in Nederland gaat ver terug. Al in 1665 was er een Armeense priester werkzaam in Amsterdam en aan het begin van de achttiende eeuw werd een Armeense kerk in gebruik genomen. In de loop der eeuwen nam het aantal Armeniërs zodanig af dat de kerk werd verkocht. Maar zo'n dertig jaar geleden kwamen er opnieuw grotere aantallen Armeniërs naar Nederland, op zoek naar werk. Dat vonden ze in kippenslachterijen, de vleesverwerkende industrie en in de confectie. In die tijd ontstond de Armeense gemeenschap in Almelo. En na de Golfoorlog kwamen er veel vluchtelingen, onder wie nogal wat Armeense Irakezen. Er zijn nu vijf kerkelijke gemeenten: Amsterdam, Almelo, Hilversum, Den Haag, Dordrecht 'en een beetje in Rotterdam'. In Almelo en in Amsterdam heeft de gemeente een eigen kerkgebouw. In Amsterdam is de oorspronkelijke kerk aan de Kromboomsloot een paar jaar geleden weer aangekocht.

De Armeens-Apostolische kerk is een kerk voor Armeniërs. De taal - in de liturgische en in de alledaagse variant - is wezenlijk voor het kerk-zijn. 'Maak hem Armeens' vragen ouders als ze hun kind komen aanmelden voor de doop. Toch is dat niet gemakkelijk in een vreemd land: de Armeense jeugd spreekt de eigen taal nauwelijks meer. “Onze voornaamste opgave is de jeugd vast te houden. In Amsterdam geven we tweemaal per week Armeens aan de jongeren. Ook in Almelo wordt daarover nu gesproken.”

Voor pater Yergatian is het evenwel ook wezenlijk dat zijn gemeenteleden zich oriënteren op de Nederlandse samenleving. “In Almelo wonen veel Armeniërs die uit dorpen afkomstig zijn. Lange tijd hebben ze hun oorspronkelijke leven hier voortgezet: hun eigen brood gebakken, hun eigen kleding gemaakt. Maar ze beginnen te begrijpen dat het belangrijk is contacten te leggen met Nederlanders. Er zijn in Almelo drie jonge Armeniërs die rechten studeren. En inmiddels hebben we dokters, advocaten en middenstanders. De mensen klimmen op op de maatschappelijke ladder. Dat is belangrijk. Wonderen moet je creëren, daar kun je niet op wachten. We moeten leren dat het belangrijk is iets over te nemen van andere mensen. Soms komen mensen bij mij thuis en dan zeggen ze: 'je woont als een Hollander'. Waarom niet? Ik houd van dit soort meubels. Ik leef hier. Nederland is mijn land. Ik ben twee keer geboren in Nederland: toen ik hier kwam én na een bypassoperatie die vijfentwintig uur duurde. Humaniteit is heel belangrijk. Dat vond ik in Holland: of je nu priester bent, dokter, koningin of wat dan ook: je bent allereerst een menselijk wezen.”

Wel lijkt het voor Armeense Turken moeilijker te zijn een A-status te krijgen als vluchteling dan voor bijvoorbeeld Irakezen. Ook Yergatians zuster kreeg geen A-status, maar een vluchtelingenstatus uit 'klemmende overwegingen van humaniaire aard'. Maar pater Yergatian zou niet durven zeggen dat dat voortkomt uit de vrees Navo-partner Turkije voor het hoofd te stoten.

De Armeens-Apostolische kerk is lid van de Wereldraad van Kerken. Yergatian onderhoudt op het persoonlijke vlak goede contacten met de Nederlandse kerken en in Amsterdam en Almelo is de Armeense kerk lid van de plaatselijke Raad van Kerken. Nee, er is geen enkele zendingsdrang. En geen kritiek op de Nederlandse kerk of de maatschappij. Misschien is de catechese niet erg 'levend', maar aan de andere kant: hij ziet zoveel enthousiaste jongeren in de kerk. “Jongeren zijn op zoek naar iets. Het christendom moet hen proberen te begrijpen en hen helpen bij de kerk te komen. Als jongeren bijvoorbeeld gitaar willen spelen in de kerk, dan moet je dat toelaten.”

Eerlijk is eerlijk: in de Armeense kerk speelt dat eigenlijk niet. De autoriteit van de ouders is groot genoeg om de jongeren trouw naar de kerk te laten gaan. Maar niemand kan in de toekomst kijken en uit Yergatians woorden blijkt eenzelfde bezorgdheid als in veel autochtone kerken wordt gevoeld: “maar hoe dat over tien jaar is?”

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie