Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Magistrale biografie van Jeruzalem vol moord en doodslag

Home

Peter van Nuijsenburg

Beeld uit het besproken boek.

Simon Sebag Montefiore schreef een biografie van Jeruzalem waarin hij de lezer langs een imposante rij schurken leidt, terwijl hij de zwaarbeladen geschiedenis ook met de juiste afstandelijkheid analyseert.

Stad van krankzinnigen
Er zijn twee wereldsteden die hun naam gegeven hebben aan een psychische aandoening. Vrijwel iedereen kent het Stockholm-syndroom, de verbroedering tussen slachtoffer en misdadiger. Minder bekend is het Jeruzalem-syndroom maar naar het zich laat aanzien is het minstens zo ingrijpend.

Dit syndroom komt voor bij mensen 'die zich sterk identificeren met figuren uit het Oude of Nieuwe Testament of ervan overtuigd zijn dat ze een van die figuren zijn en die in Jeruzalem ten prooi vallen aan een psychose'. Dit blijft niet altijd beperkt tot een persoonlijk drama, maar kan ook grote politieke repercussieshebben. In 1969 stak een Australische christen de Al-Aksamoskee, een van de belangrijkste moslim heiligdommen, in brand om de wederkomst van Christus te bespoedigen. Arabieren zagen in de aanslag een Joods complot om hen van de Tempelberg te verdrijven en er braken op grote schaal rellen uit.

Wie Simon Sebag Montefiore's magistrale 'Jeruzalem. Een biografie.' leest ontkomt niet aan de conclusie dat het syndroom geen recent fenomeen kan zijn. De geschiedenis van de Heilige Stad wordt bevolkt door (godsdienst)krankzinnigen, psychopaten, criminelen van allerlei pluimage en excentrieke vrijbuiters. Montefiore leidt de lezer door een permanente heksenketel waar het sporadische verschijnen van wat je een normaal mens zou kunnen noemen, een verademing is.

Jeruzalem heeft de pech dat het voor de drie grote monotheïstische religies - jodendom, christendom en islam - een heilige stad is. De 'kinderen van Abraham', (door alle drie erkend als de gezamenlijke stamvader) staan niet bekend om hun verdraagzaamheid, zodat conflicten voorgeprogrammeerd lijken. Maar ook voordat het christendom en de islam hun opwachting maakten was deze zinderende rotsvlakte een geweldadig oord. Montefiore vertelt de geschiedenis van het vroege jodendom als een kroniek van veroveringen, bloedbaden, deportaties en vernietiging met als traumatisch sluitstuk de verwoesting van de Tempel in 70 na Chr. door de Romeinen.

Het is het begin van een spektakelstuk waarvan het nog maar de vraag is of het ooit een bevredigend eind krijgt. Montefiore beschrijft met veel verve alle bedrijven en hun hoofdrolspelers van dit stuk, dat soms een melodrama, van tijd tot tijd een klucht, maar meestal toch een tragedie is. Alle hoogte- en vooral dieptepunten passeren de revue: van het verschijnen van Jezus en het ontstaan van het christendom, de vernietiging van de Tempel, de opkomst van de islam en de verovering van de stad, de kruistochten tot de stichting van de staat Israël.

De lezer die aan de hand van Montefiore dit bloedspoor door de tijd heeft gevolgd, weet in elk geval een ding zeker: de Heilige Stad is geen gezegende plek. Dat is mede te wijten aan de heersers met wie de stad werd opgezadeld en die zelden het predicaat humaan verdienen. De moslims komen er in de late Middeleeuwen nog het beste van af, beter dan de door geloofswaan gedreven kruisridders, al waarschuwt Montefiore ervoor de boegbeelden van de moslim-verdraagzaamheid als Saladin en Suleiman de Grote niet met een al te rooskleurige bril te bezien. Hun tolerantie ten opzichte van de andere twee religies was niet zozeer een kwestie van principe als wel van pragmatisme.

Het valt niet mee om uit deze schurkengalerij de grootste boef te kiezen, maar de Turkse nationalist Djemal Pasja die tijdens de Eerste Wereldoorlog een moorddadig schrikbewind voerde, gooit hoge ogen. Hij had een 'voorkeur voor sigaren, champagne mooie Joodse courtisanes en wrede terechtstellingen', schrijft Montefiori. Tijdens zijn regime was niemand zijn leven zeker. Het bezorgde Djemal de bijnaam 'de slachter'.

Alsof de religieuze rivaliteit en haat nog niet genoeg waren, kwam er aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw nog een explosief element bij: het nationalisme.

Joodse intellectuelen kwamen tot de conclusie dat alleen een eigen staat bescherming kon bieden tegen het uitslaande antisemitisme in vooral Oost-Europa en Rusland. De aangewezen plek was Palestina, zoals het Heilige Land was gaan heten. Dit zionisme stuitte op het Palestijnse nationalisme en ondanks een aanvankelijke compromisbereidheid van zionistische kopstukken als de latere Israelische premier Ben Goerion, bleek een conflict onvermijdelijk.

Montefiore analyseert de verwikkelingen rond de stichting van Israël en het Palestijns-Israëlische conflict met gepaste afstandelijkheid. Hij stelt vast dat het zoeken naar een compromis aan beide kanten is vastgelopen in vaak kleingeestige onwrikbaarheid, waarbij r Yasser Arafat de twijfelachtige eer toekomt tien jaar geleden de laatste kans op een doorbraak te hebben verspeeld. Sindsdien is de situatie er met de opkomst van de fundamentalistische Hamas niet op vooruitgegaan.

Hoe het nu verder moet mag je van niemand vragen, ook van Montefiore niet. Er kan alleen hoop geput worden uit het feit dat Jeruzalem al zoveel verschrikkingen door haar poorten heeft zien binnentrekken dat ze dit ook wel zal overleven.

Simon Sebag Montefiore: Jeruzalem, de biografie. Uitgeverij Nieuw Amsterdam. Vertaald door Henk Moerdijk, George Pape en Mieke Hulsbosch. ISBN 9789046807804; 732 blz. € 39,95

Deel dit artikel