Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Maarten van der Weijden ontroert me met elke armslag meer

Home

Marijn de Vries

Columnist Marijn de Vries. © Maartje Geels
Column

Ik kan niet stoppen met aan Maarten van der Weijden denken. Zaterdag begon het: af en toe dwaalden mijn gedachten af. Niet lang, hoor. Ik dacht gewoon eventjes aan hem. Stelde me het water voor. Soms wijds, soms nauw. Meren, kanalen, sloten. De zon scheen. Dat was vast wel lekker zwemmen.

Toen ik vlak voor het slapen gaan drie muggen uit de klamboe joeg, werden de gedachten sterker. Hoe zou het nu met Maarten gaan? Donker. Kou. Eindeloze watervlaktes. Het brommen van de boten om hem heen. Vermoeidheid. Pijn. Ik kroop onder het dekbed en wenste hem zachtjes sterkte.

Lees verder na de advertentie

Mijn nacht was dromenloos, maar bij het ontwaken dook hij direct op in mijn hoofd. Nog voor het goedemorgen zeggen wilde ik het weten. Hoe zou het met Maarten zijn? Ik bekeek de beelden van de nacht. Een wit tentje op een vlot. Isolatiefolie. Een slaapzak. Een dekbed. Alles wat maar warm houdt.

Ik vind het bijna ongepast straks te gaan slapen, wetend hoe zwaar hij het nog krijgen gaat

Wankelende passen. Een pafferig hoofd van uren in het water. Een vertraagde stem: "Mijn lijden kent wel ergens een grens, waar ik vooraf dacht dat het grenzeloos zou zijn." Bij deze beelden in het schemerdonker drong de waanzin van Maartens onderneming pas echt tot me door.

Schuldgevoel

Hij is gek. Hij is bezeten. Dat komt: hij wordt verteerd door schuldgevoel. In een ijzingwekkend interview in NRC Handelsblad verhaalt hij erover. Hij is er nog. Maar anderen overleden aan de ziekte die hij ook had - en sindsdien weet hij zich geen raad. Geen raad met zijn eigen geluk. Geen raad met het verdriet van anderen.

Er is geen waarom. Er is geen reden dat anderen er niet meer zijn, en Maarten wel. Het is noodlot, het is botte pech. Het is een kluwen van verdriet, die voort- en voortrolt en telkens een nieuwe familie treft. Een kluwen die in niemands hoofd te ontwarren valt, maar wel draaglijker wordt met de zin die je er zelf aan geeft. Voor Maarten is dat: iets waanzinnigs doen.

De pijn verdoven met dagenlang zwemmen. Het schuldgevoel het zwijgen opleggen met gevoelens die veel sterker zijn. Spieren die al uren niets meer willen. Een lijf dat al een dag geleden opgegeven heeft. Maar de kop erop gaat door. Want je kunt volgens Maarten best leren tegen je lichaam te zeggen, als het echt niet meer wil: je zwemt nog twaalf uur door.

Gitzwarte leegte

Het ergste moet nog komen. Terwijl ik dit schrijf gaat het grijs van de dag over in de schemering. De nacht staat voor de deur, met in die nacht het allerzwaarste stuk. Van Franeker naar Dokkum, en terug. Bijna vijftig kilometer gitzwarte leegte. Maarten zag daar van tevoren als een berg tegenop.

Ik vind het bijna ongepast straks te gaan slapen, wetend hoe zwaar hij het nog krijgen gaat. De boeren en de brandweer die spontaan besloten hem met licht en juichen door het donkerste donker heen te slepen zijn geweldig. Net als al die mensen langs de kant. Elke doorkomst meer.

Hoe het met Maarten is als u dit op maandagochtend leest, wie zal het zeggen. Het maakt eigenlijk ook niet uit. Hup vent, zwem door zo ver je kunt. Leg je schuldgevoel voorgoed het zwijgen op. Hoe ver je ook komt, voor mij heb je je doel bereikt. Er viel niets in te lossen. Toch heb je dat dubbel en dwars gedaan. Je ontroert me met elke armslag meer.

Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend. Al haar columns vindt u hier terug.

Lees ook: Maarten van der Weijden is de enige echte reus in Friesland

Friesland loopt massaal uit voor de 200 kilometer lange zwemtocht van olympisch kampioen Maarten van der Weijden. Overleeft hij 'de Hel van het Noorden'?

Deel dit artikel

Ik vind het bijna ongepast straks te gaan slapen, wetend hoe zwaar hij het nog krijgen gaat