Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

LONDEN: STOOMMONUMENT

Home

SYBE I. RISPENS

NewMetropolis heet het gloednieuwe science and technology center dat bovenop de IJtunnel in Amsterdam wordt neergezet. Hoe past de nieuweling tussen de wetenschapsmusea in andere Europese hoofdsteden? In de aanloop naar de opening op 3 juni belicht deze serie de kijk op wetenschap, techniek en samenleving zoals Britten, Duitsers, Fransen en tot slot Nederlanders die in hun nationale wetenschap- en techniekmuseum tentoonstellen.

Het Science Museum werd in 1857 als het South Kensington Museum geopend. Men financierde de bouw met de opbrengst van de eerste wereldtentoonstelling, die zes jaar eerder een paar miljoen mensen naar London lokte. Zo kon het machtige Britse Empire de wereld niet alleen in een tijdelijke show een staaltje technisch kunnen van de eerste orde laten zien, maar in een permanente tentoonstelling de zegeningen van de wetenschappelijke en industriële ontwikkelingen uitstallen.

Onder de welgestelde delen van de bevolking kon zo'n initiatief rekenen op grenzeloos enthousiasme. Was het niet door de sublieme uitvindingen op technisch en wetenschappelijk gebied dat mensen in de best mogelijke wereld leefden?

Naast deze lofzang op de vooruitgang van wetenschap en techniek had het museum vanaf het begin ook een educatieve functie. Er was in de vorige eeuw dringend behoefte aan een systematische aanpak van de techniekstudie en het bestuderen van nieuwe apparatuur. Daarbij kon het techniekmuseum een voortrekkersrol spelen, want de snelle ontwikkelingen op wetenschappelijk en technologisch gebied konden de meeste scholen niet bijbenen. En dat terwijl de vraag naar ingenieurs sterk was toegenomen door het proces waarin machines steeds meer handarbeid overnamen.

Het museum heeft inmiddels veel van zijn glans verloren. De stoommachines staan tegenwoordig in de Easthall opgesteld, als stille getuigen van het industriële tijdperk.

Opvallendste verschijning is een grote stoommachine die ooit in een spinnerij dienst heeft gedaan. Schijnbaar vanzelf beweegt het apparaat een paar keer per dag zijn zware mechanisme. Alsof het ding in een soort gewichtloze toestand staat te draaien, laat het zijn krachten spelen: onaantastbaar, reukloos, geluidloos.

Je moet er wel bewonderend naar kijken. Maar zo op een voetstuk gezet gaat de context en uitwerking van de stoommachine in de vorige eeuw volledig verloren. Allerlei vragen blijven op die manier onbeantwoord. Hoe heeft de aandrijving dan in de spinnerij precies gewerkt? Wat moet het voor de arbeiders zijn geweest om in de buurt van de hitte, stank en herrie van het apparaat te werken en te wonen? Waarom had Engeland eigenlijk als eerste land in Europa zoveel stoommachines? En kon alleen stoomkracht het Britse koninkrijk als industrienatie vormen, of speelden meer dingen een rol? Wat je ook bedenkt: de stoommachine in de Easthall maalt geruisloos en onverstoorbaar door.

Met de meeste andere tentoonstellingen in het Science Museum staat het er eveneens niet zo best voor. Bij veel van de historische verzamelingen ontbreekt het aan een heldere uitleg.

Triest hoogtepunt is de afdeling met mechanische klokken. Over de wetenschappelijke opwinding die er eeuwenlang rond het uurwerk was en de gedreven zoektocht naar nauwkeurige tijdmeters, maken de duizenden tentoongestelde klokken en horloges vrijwel niets duidelijk. Er heerst een doodse stilte, terwijl andere techniekmusea er vaak in slagen een koor met tikkende uurwerken te presenteren.

Er zijn een paar uitzonderingen. De expositie over huishoudelijke apparatuur, gemaakt door de televisiemaker Tim Hunklin, is bijvoorbeeld grappig en leerzaam tegelijk. Net als in zijn televiesieserie The Secret Life of Machines (in Nederland uitgezonden door de VPRO) sta je versteld van de apparaten die generaties huisvrouwen hebben staan bejubelen of uitfoeteren. Spelenderwijs leer je er een boel over wat de apparaten in huis allemaal kunnen en hoe ze werken.

Ook de pas geopende tentoonstelling over de rol van wetenschap in sport gaat, is onderhoudend en informatief. Je leert er bijvoorbeeld hoe natuurkundig en fysiologisch onderzoek fietsen of boten sneller maken en beter op de mens afstemmen.

De grootse nieuwbouwplannen van het Science Museum beloven meer van dit soort tentoonstellingen. In augustus gaat men beginnen met de bouw van de Wellcome Hall. De vleugel zal worden genoemd naar de Amerikaanse apotheker en zakenman Henry Wellcome, die in het begin van deze eeuw schatrijk werd met de opbrengsten van zijn medische laboratoria in London. Uit de nalatenschap van Wellcome is een derde van de bouwkosten betaald, de rest komt uit de pot van de Nationale Staatsloterij en andere private geldschieters.

In totaal komt de nieuwbouw op zo'n slordige 130 miljoen gulden, ongeveer twee keer zoveel als het complete NewMetropolis in Amsterdam heeft gekost. Over drie jaar moet de verbouwing klaar zijn, waarna het museum tienduizend vierkante meter expositieruimte rijker is.

Helemaal in de geest van de oprichters van het Science Museum in de vorige eeuw zal het publiek in de Wellcome Hall kennis kunnen maken met de laatste ontwikkelingen op technisch en wetenschappelijk gebied. De tentoonstellingen zullen zich speciaal gaan toespitsen op moleculaire biologie, neurologie en informatietechnologie. Een aanvullende wetenschapshistorische expositie krijgt de veelbelovende titel Making of the Modern World - het ontstaan van de moderne wereld, waarin niet alleen een plaatsje weggelegd lijkt te zijn voor machines maar ook voor de sociale en culturele veranderingen die naar de moderne industriële samenleving hebben gevoerd.

Hoofdrolspeler in het vernieuwde Science Museum zal ongetwijfeld de computer zijn. Niet alleen maakt de computertechniek het moderne IMAX filmtheater van de Wellcome Hall mogelijk, waarin beelden driedimensionaal worden geprojecteerd, bezoekers zullen dankzij de computer ook de imaginaire werelden van cyberspace kunnen verkennen. Aan het begin van de volgende zal men het zich na een bezoekje aan het Science Museum weer kunnen afvragen: is het niet door de sublieme uitvindingen op technisch en wetenschappelijk gebied dat mensen in de best mogelijke wereld leven?



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie