Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Lilian Janse Ik heb helaas weleens 'verdorie' gezegd

Home

Lilian Janse-Van der Weele (1973) is de eerste vrouw die zich bij de SGP verkiesbaar stelde voor een openbaar politiek ambt. Op 27 maart 2014 werd ze raadslid in Vlissingen. Over haar verkiezing maakte Fifi Visser de documentaire 'De eerste vrouw', die Omroep Zeeland eind dit jaar uitzendt.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

Lees verder na de advertentie

"God is in de hemel, Hij overziet heel de aarde. God is almachtig. Hij weet wat goed is, maar de verkeerde dingen, die ziet God ook. God is voor mij een man, een eerbiedwaardige wijze man. Ik weet wel dat God een geest is, maar in de beeldspraak wordt Hij altijd als een manspersoon opgevoerd. Psalm 19 begint met: De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt het werk Zijner handen. En in II Kronieken vers 16 zijn het Zijn ogen die de ganse aarde doorlopen. God als geest is natuurlijk veel moeilijker te bevatten. Niemand weet hoe God eruitziet. In de Bijbel wordt ook gesproken over God als een verterend vuur, een eeuwige gloed, bij wie niemand wonen kan. Ik denk: als je God echt liefhebt, dan voel je dat van binnen. Er zijn moeilijke momenten, bijvoorbeeld in de gemeenteraad, waarop ik mezelf ineens woorden hoor gebruiken die ik daarvoor niet had kunnen verzinnen. Dat is Gods werk. God geeft mensen de kracht om dingen te dragen, maar Hij treedt ook corrigerend op. Hij zorgt ervoor dat iets juist níet doorgaat. Op zo'n moment denk je misschien: waarom niet? Of: waarom ik? Later zul je misschien begrijpen wat Gods bedoeling is geweest."

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

"Zo wil God niet gediend worden. Letterlijk: de Bijbel links laten liggen en de kerk volhangen met platen. De verkondiging van Gods woord moet altijd bovenaan staan. We moeten lezen en uitleggen. Een plaatje of een bepaalde ceremonie mag hooguit ter ondersteuning gebruikt worden. Het grote gevaar van verbeelding is dat menselijke ideeën het woord van God overstijgen.

Onze televisie staat daar, achter die kastdeurtjes. Niet voor vermaak, alleen voor informatie. Ja, goed, een historische film, daar wil ik nog weleens naar kijken. De laatste die ik heb gezien was 'Ben Hur', ook een beetje een bijbels verhaal, toch? Je zult mij nooit in de bioscoop tegenkomen. Mensen betalen geld om te kijken hoe een ander wordt vermoord, of om te horen hoe Gods naam ijdel wordt gebruikt. Als ik daarnaartoe ga, maak ik mezelf schuldig; ik had daar namelijk niet hoeven zijn."

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

"IJdel, dat is zo maar, voor niks, zonder er over na te denken. Je hoort ook mensen Gods naam vaak als stopwoord gebruiken. Daar moet je mee oppassen, vind ik. Het is Zijn heilige naam, die moet je met eerbied gebruiken. Helaas heb ik, van schrik of uit boosheid, ook wel eens verdorie gezegd. Meestal kan ik me op tijd inhouden en roep alleen maar: 'Mieter!'

Ik ben het wel met je eens dat gelovigen Gods naam ook ijdel gebruiken als ze zeggen te weten hoe God iets heeft bedoeld. De kerk zou zich moeten schamen voor het feit dat er, door menselijke conflicten, in de loop der tijden zoveel afsplitsingen zijn geweest. Ik maak zelf deel uit van de Gereformeerde Gemeente, maar je zult mij niet horen zeggen dat alleen wij het bij het rechte eind hebben. De hervormden hebben ook gelijk. Katholieken? Eh... ja, ook wel, op een bepaalde manier. Nee, de moslims niet, sorry; de islam is mij veel te intolerant - weet je dat een moslim een christen mag doden als hij hem in de weg zou staan? Ik ken moslims en met sommigen ben ik bevriend, maar ik geloof ook dat ze gevoelig zijn voor het extremisme en dat die haat dan zomaar ineens kan toeslaan. Ik ben geen aanhanger van Geert Wilders - volgens mij is die man een atheïst trouwens - omdat ik geloof dat je met al dat geblaf niet zoveel bereikt. Volgens mij moet je als christen zo voorbeeldig leven dat een moslim vanzelf gaat denken: hé, dat christendom is helemaal zo gek nog niet."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

"Op zondag ga ik twee keer naar de kerk. Om half tien 's ochtends en om vier uur 's middags. Als ik binnen ben, plant ik een hoedje op mijn hoofd. Ouderwets? Ik vind het wel afgekleed staan. Het past ook prima bij mijn zondagse kloffie. Voor mij is de kerkgang heel belangrijk. Het is goed voor de onderlinge band en je kunt heerlijk zingen met elkaar, maar ik vind het ook fijn om nieuwe dingen te leren; vaak blijkt uit de uitleg van Gods woord hoe actueel de Bijbel is.

Ik geef toe dat ik tijdens de ochtenddienst, zo tussen het tweede en derde aandachtspunt, weleens een beetje dreig weg te zakken. Daar heb ik een pepermuntje voor op zak, om wakker te blijven. Mijn werkweek is behoorlijk zwaar: ik sta elke ochtend om vier uur op om mijn twee krantenwijken te lopen en soms ben ik wel vier of vijf avonden per week voor de gemeenteraad op pad. Mijn jongste dochter klaagt weleens: 'Bent u nou vanavond weer niet thuis?' Mijn man is er wel hoor - we doen de opvoeding samen - maar een moeder, ja, dat is toch iets anders. Ik ga altijd nog even bij haar kijken, hoe laat ik ook thuiskom. Meestal slaapt ze al, maar soms heeft ze op mij liggen wachten. Voor een knuffel."

V Eer uw vader en uw moeder

"Mijn vader is ook in politiek opzicht voorbeeldig voor mij geweest. Zo rond mijn vijftiende begon ik mij voor zijn werk als raadslid te interesseren. Hij verdiepte zich overal in, kende iedereen, stelde de juiste vragen, was heel begaan met alle bewoners van Vlissingen.

Mijn vader is streng, zakelijk, prestatiegericht, principieel in zijn opvattingen, maar hij heeft ook een groot gevoel voor humor. Ik geloof niet dat ik ooit met hem heb gebotst... maar ja, hij was óók vaak weg, net zoals ik, nu.

Ik heb meer aanvaringen met mijn moeder gehad. Ze is een warm mens, een samenbindend element, iemand die er altijd was als je thuiskwam. Ze is heel lief, maar ze kon vroeger ook weleens emotioneel reageren, boos worden als je niet naar haar luisterde. Ze kon, net zoals mijn vader, behoorlijk streng zijn. Je moet gehoorzamen, als je dat niet doet, krijg je een tik. Zo voed ik mijn kinderen ook op. Daar is niks mis mee. In Spreuken 19 staat: tuchtig uw zoon, als er nog hoop is."

VI Gij zult niet doodslaan

"Abortus is moord. Onder alle omstandigheden, behalve als het leven van de moeder in gevaar is. Ik begrijp de gemengde gevoelens wel - want wat nou als je bent verkracht, bijvoorbeeld? Ik geloof dat je dan alleen het kind in liefde kunt opvoeden. Dat kind is ook een deel van jou. Ik vind het, hoe dan ook, onvoorstelbaar dat je tegen God zou zeggen: ik hoef dit leven niet. Dat geldt dus ook voor euthanasie. Je sterft pas als God zegt dat het tijd is. Je mag genezing zoeken - in de Bijbel komen ook dokters voor - en als je 's winters extra vitamine C neemt, zie ik niet in waarom je een baby niet tegen polio mag inenten, maar je mag niet zomaar zelf beslissen dat je leven wel lang genoeg heeft geduurd.

We mogen, volgens de Bijbel, wel besluiten om een einde te maken aan het leven van een moordenaar of een verkrachter. Van mij mag de doodstraf weer worden ingevoerd. Snel en niet extra pijnlijk of zo - het hoeft geen show op de markt te worden zoals in de Arabische wereld gebeurt. Ja, ook zíjn leven is van God gegeven, maar iemand die zulke gruwelijke dingen doet, heeft al zijn rechten verspeeld. Nu is het nog zo dat een zedendelinquent na een paar jaar al weer op straat staat, terwijl, bijvoorbeeld, de ouders van het verkrachte en gewurgde meisje in feite tot levenslang veroordeeld zijn. Dat druist in tegen elk gevoel van rechtvaardigheid.

Het klinkt misschien hard, maar ik geloof dat ik - zolang ik het vreselijke lot van zijn slachtoffers maar in gedachten houd - zelf de beul zou kunnen zijn."

VII Gij zult niet echtbreken

"Ik heb het hardst om Gods kracht gebeden toen ik Ko leerde kennen. Had ik de juiste man gevonden? Deed ik dit uit medelijden, of deed ik het uit liefde? Hij was heel erg verliefd op mij, maar hij was ook verdrietig over zijn stukgelopen huwelijk, had al drie kinderen, was zestien jaar ouder en... nou ja, dat is niet de prins op het witte paard die je als jonge meid voor ogen hebt. Het was een moeilijke stap, en ik heb me er een tijdje tegen verzet, maar op een gegeven moment voelde ik: ik wil hem elke dag zien, dan zal dit 'm toch wel zijn...

Ko heeft er een trauma aan overgehouden: als iemand over een echtscheiding begint, is hij meteen in tranen. Dan komt die hele periode terug. Zijn vrouw bedroog hem met een ander, ze nam de kinderen mee en ineens zat hij daar, helemaal alleen. Er kwam gedoe met rechtszaken, omgangsregelingen en zo; ze heeft echt heel rottig tegen hem gedaan. Ik zou hem zoiets nooit aan kunnen doen, en dat ben ik ook beslist niet van plan. Ik trek niet naar een andere vent, ik heb er al één. Ko is een schat van een man. We zijn gelukkig samen. Ik kon vanaf het begin goed met zijn kinderen opschieten en we kregen er samen ook nog drie. Het is één grote familie. Kijk, daar staan ze, met z'n zessen, op de piano.

Ik geloof dat God Ko en mij bij elkaar heeft gebracht. We hebben in de kerk gezworen dat we elkaar tot de dood trouw zullen blijven. Het is niet aan orde - en ik hoop dat het nooit zo ver komt - maar ik zou eerder in een slecht huwelijk blijven zitten dan de heilige eed, die ik voor Gods aangezicht heb afgelegd, verbreken."

VIII Gij zult niet stelen

"Ooit heb ik geprobeerd om een pakje sigaretten te stelen. Ik werd betrapt. Dat was het enige goede eraan: ik was een slechte dief, ik werd er zó uitgepikt. Als het wél was gelukt, zou ik misschien vaker hebben gestolen. Het was verschrikkelijk, ik schaamde me enorm. Je wilt toch zelf ook niet bestolen worden? Of dat er slecht over je wordt gesproken? Ik ben zondig - alle mensen zijn zondig geboren - maar in de letterlijke zin, in de daad, ben ik geen zondaar. Of, zoals ze bij ons in de kerk zeggen: niet in de uitbrekende zonde. In gedachten overtreed ik waarschijnlijk alle tien de geboden elke dag. Daarom doe ik elke avond schuldbelijdenis in mijn avondgebed, en vraag de Heere om vergeving."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

"Als iemand mij vraagt wat ik weeg - 'Tegen de tachtig, zeker?' - zeg ik: 'Nou, dat geloof ik niet hoor.' Soms is de waarheid gewoon een beetje te pijnlijk. Dan lieg ik dus. Maar ik doe niet aan kwaadsprekerij. Mijn collega in de gemeenteraad, meneer Pim Kraan van de LPV (Lokale Partij Vlissingen, AV) heeft daar wel een handje van. Als hij in debat gaat, speelt hij vaak op de persoon. Kennelijk heb ik het beleid van zijn partij te hard aangepakt, want hij gaat elke keer weer vreselijk tegen mij tekeer. Ik houd partij en persoon strikt gescheiden. Mijn betoog is op de zaak gericht, want je bereikt veel meer als je met feiten kunt smijten."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

"Toen ik jong was had ik weleens last van jaloezie. Bijvoorbeeld toen ik single was. Niet omdat ik het vriendje van een vriendin begeerde, maar ik wilde gewoon óók iemand hebben omdat ik me alleen voelde. Ik herinner me ook dat ik erg jaloers was op zwangere vrouwen toen mijn eerste zwangerschap in een miskraam was geëindigd. Ik werd vooral boos, en opstandig: waarom lukt het bij hen wel en bij mij niet?

Maar nu... ik heb een lieve man, drie lieve, gezonde kinderen, ik woon hier naar mijn zin en ik zit in de gemeenteraad van Vlissingen. Ik ben een tevreden mens. Er zijn niet zo veel dingen die ik nog begeer. Ik ben ambitieus op politiek gebied, maar het is niet zo dat ik nu per se wethouder wil worden of de landelijke politiek in wil. Wat ik voor ogen had was: iets voor mijn stad betekenen. Dat ik de eerste vrouwelijke lijsttrekker werd sinds de oprichting van de SGP in 1918 was voor mij persoonlijk niet zo belangrijk, al moet ik wel zeggen dat ik blij ben dat het verschil tussen mannen en vrouwen nu eindelijk is opgeheven. Ik geloof nog steeds dat de tegenstanders van vrouwen in de politiek de brieven van Paulus verkeerd interpreteren. Paulus schrijft inderdaad dat de vrouw niet mag regeren boven de man, en dat ze moet zwijgen. Maar aan wie zijn die brieven gericht? Aan de kerkelijke gemeenten in Griekenland en Turkije, niet aan de plaatselijke of landelijke bestuurders. Daar bemoeide hij zich niet mee. Ik mag dus, als ik zou willen, carrière maken in de politiek, maar in de kerk zal ik op de achtergrond blijven. Een vrouw kan volgens de Bijbel nu eenmaal geen dominee, ouderling of diaken worden. We mogen ook niet aanzitten bij vergaderingen van de kerk. Daarom bespreken Ko en ik, voor hij naar zo'n bijeenkomst gaat, altijd even wat hij daar zal gaan zeggen. Zo brengt hij toch ónze stem uit."

Deel dit artikel