Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Leve de gedempte conversatie

Home

ANDREA BOSMAN

Er lag vloerbedekking, waardoor je nu eens niet in een holle klankkast zat die de meeste horecagelegenheden zijn

Andrea Bosman schrijft elke week over ons vermaak, in de breedste zin van het woord. Reacties naar andreabosman@trouw.nl

De Zender

'De Zender', een zwarte mediasatire gebaseerd op de film 'The Network' (1976), is nog te zien tot en met 28 mei, zie www.toneelschuurproducties.nl. Spel: Stefan de Walle, Jaap Spijkers, Hannah Hoekstra, Rick Paul van Mulligen, Mingus Dagelet, Jochum ten Haaf, Laurien van Rijswijk. Het stuk is een productie van De Toneelschuur en het Nationale Toneel. Regie: Jaap van Hezik.

Het was een gok: op zaterdagavond naar de schouwburg fietsen in de hoop nog een kaartje te krijgen voor de uitverkochte voorstelling 'De Zender', met naar verluidt een geweldige Stefan de Walle als uitgebluste nieuwspresentator die zichzelf opnieuw uitvindt als onheilsprofeet en daarmee een miljoenenpubliek vindt. Het meisje achter de kassa gaf ons weinig kans. Vanachter een koffie in de steeds leger wordende foyer hielden we de ingang in de gaten. En toen we het al hadden opgegeven - ook geen ramp, we hadden dit een half uur geleden bedacht - kwam er toch nog een schouwburgmedewerkster aangesneld, er waren twee stoelen, als allerlaatsten werden we - vlug, vlug - naar binnen geloodst. We gingen zitten, het zaallicht doofde onmiddellijk. Ik voelde me enorm geprivilegieerd en bedacht dat je dit vaker zo kon doen - hoewel je dan waarschijnlijk al snel weer te veel verwachtingen zou krijgen, en dus ook teleurstellingen, maar voordat ik mijn gedachten tot een goed einde kon denken zaten we in de openingsscene waarin een toeterdronken Stefan de Walle, ontslagen wegens dalende kijkcijfers, aan zijn net zo wankele hoofdredacteur Jaap Spijkers suggereert dat hij misschien het beste tijdens zijn laatste uitzending zelfmoord kan plegen. De hoofdredacteur denkt dan nog dat het een goeie grap is. Het loopt allemaal heerlijk uit de hand.

Op een licht euforisch wolkje verliet ik een kleine twee uur later de zaal. Alles kreeg glans. In het café-restaurant van de schouwburg dronken we wat. Een aangename ruimte, de tafeltjes net niet te dicht bij elkaar, prettige kuipstoelen. Dat mooie uitzicht door die grote ramen. En er was nog iets. Iets dat ontbrak: lawaai. Er lag vloerbedekking, waardoor je nu eens niet in een holle klankkast zat die de meeste horecagelegenheden zijn, waar je elkaar zelfs zonder muziek nauwelijks kunt verstaan omdat iedereen steeds harder moet praten.

Vloerbedekking! Waar zie je nog vloerbedekking, dacht ik. Wij zijn de generatie van de kale vloeren. Vloerbedekking, dat is meer iets voor onze ouders. Thuis leven we ook allemaal op hout, laminaat, parket, of beter nog: op een gietvloer. Dat vinden we mooi. Ik bedacht ook dat onze kinderen daar heel anders tegenaan kijken. Dat we jaren geleden eens een vakantiewoning aan de Oostzee betrokken met overal hoogpolig tapijt en statige schemerlampen. Beetje oubollig, vonden wij. Maar de kinderen hadden het nog nooit zó mooi en luxe meegemaakt. En hoe we na een bezoek aan een Van der Valk-restaurant langs de A2 bij Breukelen jarenlang bij elk ritje naar Amsterdam 'Het chique hotel!!', vanaf de achterbank hoorden. Dat was nog voor ook daar de verhipping had toegeslagen en de vloerbedekking was verdwenen.

Het is hoog tijd voor een revival, besloot ik ter plaatse. Leve de gedempte conversatie.

Deel dit artikel