Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Lerarentekort op zwarte school éérst oplossen

Home

Sjerp van der Ploeg en Anne Luc van der Vegt

Achterstandsscholen mogen niet de dupe worden van het lerarentekort. Daarom moeten afwezige leraren daar altijd worden vervangen, eventueel ten koste van vervanging op andere scholen. Als er geen prioriteiten worden gesteld, sneuvelen de zwakste leerlingen.

Het voorstel van de Vereniging voor Openbaar Onderwijs (VOO) voor een vierdaagse schoolweek bevat één element dat nadere bestudering verdient. Het voorstel zelf is niet effectief, zoals we vorige week op Podium hebben betoogd. De tekorten zijn namelijk niet gelijkmatig verdeeld over Nederland, maar geconcentreerd in de grote steden en dan vooral op achterstandsscholen. Juist voor de leerlingen op deze scholen is een vierdaagse lesweek een bedreiging voor de kwaliteit van het onderwijs.

Wat wel de moeite waard is om serieus uit te werken, is het achterliggende idee om uit de beschikbare capaciteit (aantallen leraren) de mogelijke productie (uren onderwijs) af te leiden. Vooral ook omdat in andere sectoren dan het onderwijs, zoals de gezondheidszorg of bij de politie, het min of meer gangbaar is om onvoldoende capaciteit met een beperkte dienstverlening 'op te lossen'.

In bijvoorbeeld de gezondheidszorg is het normaal prioriteiten te stellen om de beperkte capaciteit zo rechtvaardig mogelijk in te zetten. Een bedlegerige alleenstaande die het zonder de hulp van familie of buren moet stellen, staat bijvoorbeeld hoger op de lijst bij de thuiszorg dan iemand met wat algemene ouderdomskwalen met kinderen die voor de was kunnen zorgen. Voor de politie geldt iets vergelijkbaars. De bestrijding van de georganiseerde misdaad krijgt prioriteit boven de afhandeling van parkeerovertredingen.

Ook in het onderwijs valt zo langzamerhand aan keuzes niet te ontkomen. Het ligt dan voor de hand om bij de bestrijding van tekorten voorrang te geven aan de 'zwarte' scholen. Als dat niet gebeurt, leiden de huidige ontwikkelingen er vanzelf toe dat achterstandsscholen steeds moeilijker aan personeel komen, waardoor de achterstanden van de leerlingen alleen maar groter zullen worden. Nu al treft het lerarentekort vooral de achterstandsscholen in de grote steden.

Uit monitor-onderzoek van ons bureau blijkt dat het percentage vacatures dat niet kan worden vervuld op deze scholen meer dan drie keer zo hoog is dan gemiddeld. Bij ziekte van leraren is er in driekwart van de gevallen geen invaller beschikbaar. Noodgedwongen zetten deze scholen dan maar een remedial teacher voor de klas.

Een oplossing is dit echter allerminst. Er hoeft weliswaar geen klas naar huis gestuurd te worden, maar de kinderen die de extrahulp van de remedial teacher nodig hebben, blijven daarvan verstoken. Het zijn dus juist de zwakste leerlingen die de prijs betalen voor het lerarentekort.

De toekomst belooft overigens op dit punt weinig goeds. De volgende stappen in het kader van de groepsgrootteverkleining per 2001 en 2002 en de uitstroom van oudere leraren zullen in de komende jaren zorgen voor een toename van de huidige tekorten. Als we daarbij bedenken dat zwarte scholen weinig populair zijn bij leraren, kunnen we niet anders dan concluderen dat de leerlingen op achterstandsscholen daarvoor de rekening gepresenteerd krijgen.

Om te voorkomen dat achterstandsscholen steeds meer de dupe worden van het lerarentekort, zouden de schoolbesturen in de grote steden meer van hun positie gebruik kunnen maken om dat tekort op die scholen zo klein mogelijk te houden. Dat betekent dat bij vervanging van kortdurende afwezigheid achterstandsscholen vooraan in de rij zouden moeten staan. En niet, zoals blijkt voor te komen, achterstandscholen achteraan laten sluiten met als reden dat 'daar altijd wel een remedial teacher rondloopt om een groep over te nemen'.

Daarnaast kan het bestuur er bij de verdeling van personeel over de verschillende scholen naar streven dat in ieder geval de vacatures op achterstandsscholen worden vervuld. Het lijkt een drastische maatregel om personeel van de ene naar de andere school over te plaatsen, maar goed beschouwd is er weinig tegen in te brengen. Leraren zijn per slot van rekening in dienst bij het schoolbestuur, en niet bij de school waar ze werkzaam zijn.

Als achterstandsscholen meer prioriteiten krijgen, gaan andere scholen onder hetzelfde bestuur daarvoor de prijs betalen. Dat lijkt op voortrekken. Maar als de schoolbesturen niets doen, bevoordelen ze in feite de leerlingen op witte scholen. Dus gekozen wordt er hoe dan ook. Dan maar liever een groep witte kinderen een hele dag vrij geven omdat er geen vervanger te vinden is. Dat is minder schadelijk dan wanneer achterstandsleerlingen geen extra gerichte aandacht en instructie op school kunnen krijgen omdat de remedial teacher weer eens een groep moet draaien voor een zieke collega.

Een discussie over dit soort keuzes is gezien de beperkte capaciteit aan lesgevenden in de nabije toekomst onvermijdelijk. Het naar huis sturen van leerlingen geldt momenteel bijna als een doodzonde. Waarschijnlijk omdat dan ouders direct worden geconfronteerd met de problemen waarmee het onderwijs op dit moment kampt. Het wordt tijd dat het taboe daarop wordt doorbroken, zodat de meest zwakke leerlingen in ons onderwijssysteem de lessen, zorg en aandacht kunnen krijgen waarop ze recht hebben.

Deel dit artikel