Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Laagdrempelig blad voor jongeren

Home

Kustaw Bessems

Voorop een tijdschrift staat meestal op zijn minst de naam van het blad en vaak wordt die nog omgeven door lokkende teksten over de belangrijkste artikelen. Hoe anders is het gesteld met het nulnummer van 'The dummy speaks'. Voorop het nieuwe hedendaagse-kunstblad voor jongeren prijken slechts twee handen, rustend op een deels ontblote onderrug. De naam, ontleend aan een kunstwerk van de Amerikaan Mike Kelley, staat op de achterkant. Een ongewone aanpak, maar 'gewoon' is dan ook wel het laatste dat de redactie van The dummy wil zijn.

Ongebruikelijk was in ieder geval de ontstaanswijze van het blad. Hoofdredactrice Hanne Hagenaars, tevens docente kunstgeschiedenis op de Rotterdamse Kunstacademie, vond dat er voor haar veertienjarige zoon Jan Hoek niets te lezen viel over moderne kunst. Samen met hem ging ze op pad om tentoonstellingen te verslaan, kunstenaars te interviewen en allerhande thema's te onderzoeken, met in haar achterhoofd het idee voor een nieuw blad. Een aantal artikelen in het nulnummer stamt uit deze periode.

Het opvallendst aan The dummy is de vormgeving door het Rotterdamse 75B: veelkleurig en erg van deze tijd. Elke rubriek heeft een eigen lettertype en aan paginering doen ze bij The dummy niet. Toch is het blad overzichtelijk. De verschillende rubrieken zijn genummerd, best handig. Beelden illustreren, maar nemen ook een zelfstandige plaats in, zoals de originele voorkant. Die zadelt de redactie overigens wel met een vraagstuk op: hoe moet het blad nou in de schappen komen te liggen?

Het nulnummer van The Dummy brengt niet alleen artikelen over kunst, maar ook op zichzelf staande kunstuitingen. Vaak gaan ze over het leven van alledag en de meeste sluiten aan bij het thema, nu 'nullen en pestkoppen'. Alle nummers van The dummy, dat zijn er vier per jaar, krijgen een thema. Op het programma staan onder meer 'luiheid-verveling' en 'animals & aliens'.

De journalistieke bijdragen aan de eerste editie laten te wensen over. Ze hebben een hoog schoolkrantgehalte. Het lijkt of de redactie te hard heeft geprobeerd een toon te vinden die jongeren moet aanspreken. ,,In de klassieke oudheid, dus zeg maar voor het tijdperk van de computer...'' In het blad staan bovendien veel taalfouten. Bijzonder is wel dat jongeren zelf aan The dummy meewerken. Per nummer beslissen drie van hen mee over de inhoud van het blad en in de rubriek 'Ingezonden brieven' schrijven lezers over kunst die ze heel mooi of heel lelijk vinden.

The dummy richt zich op middelbare scholieren. Naast beeldende kunst komen film, mode en popmuziek aan bod. In het nulnummer wordt onder meer geschreven over Klaar van der Lippe, ondergoed in de kunst en PJ Harvey. Bij elke aflevering van The dummy wordt voor het middelbaar onderwijs een werkboek uitgegeven met allerlei kunstzinnige opdrachten die aansluiten op onderwerpen in het blad. Als scholen zo verstandig zijn een abonnement te nemen, zou het blad kunnen uitgroeien tot een begrip. Nog eens wat anders dan de Taptoe of de Kijk.

The dummy mist weliswaar een paar degelijke verslaggevers en een strenge eindredacteur, maar het blad is laagdrempelig en informatief zonder oppervlakkig te worden. Het nulnummer van 'The dummy speaks' ligt vanaf 22 maart in de boekhandel. Op 10 april wordt het in Paradiso officieel overhandigd aan staatssecretaris van cultuur Rick van der Ploeg.

Deel dit artikel