Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Kunst opent oog voor natuur

Home

TEKST COKKY VAN LIMPT

Kunst is een uitgelezen middel om kinderen en volwassenen gevoelig te maken voor de schoonheid van de natuur, zegt kunstenaar en antropoloog Jan van Boeckel. Hij promoveert binnenkort in Helsinki op een onderzoek naar kunstgerichte natuureducatie.

Jan van Boeckel (54) heeft niks tegen speelbossen en de talloze andere activiteiten die natuurclubs bedenken om kinderen bij hun laptops, games en smartphones vandaan en naar buiten te lokken. Hoe meer de computergeneratie in de natuur komt, hoe beter het is natuurlijk. Maar of alleen lekker buiten spelen ook helpt hun gevoeligheid voor de natuur te vergroten, betwijfelt hij. Er is volgens de antropoloog en beeldend kunstenaar meer nodig om hun groeiende vervreemding van de natuur te doen afnemen.

Wat er mis is, zou je een taalprobleem kunnen noemen, oppert Van Boeckel. "De natuur spreekt een andere taal dan die van de computer. Achter je scherm krijg je voortdurend nieuwe informatie en raakt je aandacht snel gefragmenteerd. Natuurbeleving vraagt om een ander soort concentratie. Pas als je een halfuur in stilte op een boomstronk hebt gezeten, ga je bepaalde dingen horen, ruiken en zien die je anders niet zo gauw gewaarwordt."

Ook de natuur- en milieueducatie zoals we die in Nederland kennen, slaagt er volgens hem onvoldoende in kinderen gevoeliger te maken voor de schoonheid en beschermwaardigheid van de natuur. "Het uitgangspunt van onze vorm van natuuronderwijs is toch vooral dat de gids - ecoloog of boswachter - kennis overdraagt. Daarmee is op zich niets mis. Maar het gevaar ligt op de loer dat het onderricht routineus wordt, omdat de docent een sjabloon volgt dat de kinderen niet enthousiasmeert."

Hoe wek je volgens Van Boeckel bij kinderen dan wel belangstelling voor de natuur? Als kunstenaar en docent beeldende vorming kiest hij voor de weg van de kunst. Dat lijkt eerder een omweg maar is dat in zijn ogen zeker niet. "Het verschil tussen kunst en kennisoverdracht is dat kunst open is, een open einde heeft. Kunst laat ruimte voor eigen verbeelding, interpretatie en beleving. Het vraagt ook lef van de degene die de activiteit begeleidt, om het geijkte sjabloon los te laten en iets te bieden waarvan de uitkomst onbekend is.

"Wanneer je met kinderen door een bos loopt en alles wat je onderweg vindt meteen namen geeft - 'dat is een spar, dit een vliegenzwam en wat je daar hoort, is een roodborstje' - dan verdwijnt de speelsheid. Op zich is dit onderricht niet verkeerd, maar ik pleit ervoor daar niet mee te beginnen. Het gevaar van de autoriteit van de leraar is dat die het enthousiasme doodslaat. Hij heeft toch alles al opgezocht in zijn boeken. Het bijzondere van beginnen met kunst, is dat er opwinding ontstaat en nieuwsgierigheid, omdat ook de begeleider niet weet hoe het afloopt. Er gaat iets nieuws gebeuren."

Verkeerd schilderen
Met zijn kunstgerelateerde natuur- en milieueducatie probeert Van Boeckel mensen 'op het verkeerde been te zetten'. Een effectieve methode voor dat doel is 'wild painting'. "Ik ga met een groep kinderen of tieners de natuur in, pak de schilderspullen uit en vraag ze het landschap dat ze zien zo verkeerd mogelijk te schilderen, dus de lucht niet blauw maar bijvoorbeeld oranje en bomen niet groen maar rood. Hun eerste reactie is: 'Huh, wat krijgen we nou?' Ze verwachten dat niet, maar het zet wel iets in beweging. Ze beginnen te schilderen en komen dan, in mentale zin, in een andere ruimte, in een ander proces terecht."

Als de verf droog is, vraagt Van Boeckel ze om over de verkeerde kleuren heen de kleuren te schilderen die ze zien. "Het eerst anders schilderen haalt ze uit de 'automatische piloot'. Dat werkt goed, want als ze de goede kleuren moeten gaan schilderen, gaan ze opeens heel aandachtig kijken hoe die kleuren eigenlijk zijn. Hoeveel tinten groen ze op die plek kunnen waarnemen en hoe de verhoudingen in het landschap liggen. Zo leren ze te kijken naar de dingen alsof ze die voor het eerst zien."

Bij het overschilderen van de verkeerde kleuren hebben veel mensen de neiging om zo snel mogelijk terug te gaan naar het 'normale', zegt Van Boeckel. "Dan vraag ik ze stil te staan bij wat er gebeurt en of ze misschien nog een beetje rood in de bomen kunnen behouden om dat te laten samenwerken met het groen. Tijdens het hele proces maak ik ook steeds foto's. Daarop zien ze dan dat een schilderij met niet alleen de 'gewone' maar ook wat 'verkeerde' kleuren erin eigenlijk veel levendiger is."

Eén workshop wild painting is natuurlijk niet genoeg om het tij te keren. Het hele onderwijssysteem zou moeten veranderen, vindt Van Boeckel. "Docenten zitten met te grote klassen onder een enorme werkdruk. Zij hebben vaak geen tijd om iets uit te diepen, en te weinig gelegenheid om ieder kind individueel tegemoet te treden als een uniek, nieuwsgierig en competent wezen."

Gegrepen door de uitdaging van kunstgericht natuuronderwijs, zoals dat vanaf 1992 - de tijd van de grote conferentie over duurzaamheid in Rio - vooral in Finland is ontwikkeld, wilde Van Boeckel daar fundamenteel onderzoek naar doen. "Ik zag helaas weinig kans voor dit onderzoek in Nederland. Natuur- en milieueducatie heeft hier slechts een oppervlakkig idee van wat een kunstzinnige benadering kan doen. En kunstopleidingen hebben weer een oppervlakkig idee van ecologie en duurzaamheid. Het gaat om 'l'art pour l'art' en zodra er maatschappelijk of educatief nut bij komt kijken, is het al gauw geen kunst meer. Het onderwerp valt tussen de wal en het schip."

Training in onzekerheid
Omdat hij in eigen land geen aanknopingspunten kon vinden, week Van Boeckel uit naar Finland. Dankzij een beurs van de Finnish Cultural Foundation en een tijdelijke baan als onderzoeker aan de School of Art, Design and Architecture in Helsinki, kon hij vanaf 2006 kunstgerichte natuur- en milieueducatie onderzoeken, waarop hij 16 augustus promoveert.

Niet alleen natuureducatie kan baat hebben bij een benadering vanuit de kunst, meent Van Boeckel; het hele onderwijs kan er zijn voordeel mee doen. "Mensen door middel van kunst op het verkeerde been zetten, is in wezen een training in omgaan met onzekerheid en tegenstrijdigheid. Omdat de ecologische crisis een systeemkarakter heeft, moet het onderwijs nieuwe generaties voorbereiden op onverwachte ontwikkelingen, die het leven in een 'postnormaal' tijdsgewricht met zich mee brengt. Kunst biedt de mogelijkheid langer in een situatie te zijn die je niet dwingt meteen voor het één ten koste van het ander te kiezen. Dat kan heel nuttig zijn in een tijd waarin constante verandering het enige is wat zeker is."

Natuuronderwijs

In 'Laat je flora maar thuis' geeft Jan van Boekel een aansprekende inleiding op kunstgericht natuuronderwijs. Dit artikel is te downloaden op www.springzaad.nl

www.NatureArtEducation.org biedt een schat aan informatie en veel beeldmateriaal.

De laatste tijd is er ook in Nederland meer belangstelling voor kunstgerichte natuur- en milieueducatie. Zie onder meer www.herrekijker.nl

De Bird Feeder Hat van kunstenares Erica Fielder wil een gevoel van verwantschap met de natuur teruggeven. De hoed is met zaden bedekt en je moet stilzitten om de vogels op de hoed te voelen bewegen.

Wie is Jan van Boeckel?
Jan van Boeckel (1959) is cultureel antropoloog, docent beeldende vorming, kunstenaar en filmmaker. Hij maakte onder meer documentaires over het wereldbeeld en de milieufilosofie van inheemse volken, en was coproducer van verschillende films, zoals 'Het is de aarde die huilt' (1986) en 'Het verraad van de techniek' (1992).

Van Boeckel werkte enige tijd als kunstdocent in Zweden. Sinds 2006 doet hij onderzoek naar kunstgerichte natuur- en milieueducatie. Zijn proefschrift hierover, 'At the Heart of Art and Earth', verdedigt hij op 16 augustus in Helsinki. Daarna is het te bestellen via http://books.aalto.fi.

Deel dit artikel