Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Kunst is een taal die je kunt leren spreken Jasper Krabbé

Home

ARJAN VISSER

Jasper Krabbé (Amsterdam, 1970) is beeldend kunstenaar. Hij heeft een maandelijkse kunstcolumn in Harper's Bazaar en schuift geregeld aan bij het tv-programma 'De Wereld Draait Door'. Onlangs verscheen zijn boek 'Atelier Krabbé - over kunst kijken en maken'.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

Lees verder na de advertentie

"Voor mij is kunst de manier om dit onbegrijpelijke bestaan te duiden, om er betekenis aan te geven, om te proberen het te bevatten."

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

"Van september 2014 tot januari 2015 heb ik in het Tropenmuseum in Amsterdam 'SoulMade' gemaakt, een expositie ingericht als mijn ideale huis, met invloeden uit alle windstreken. Daar had ik ook een altaar ontworpen met daarop allerlei beeltenissen van verschillende religies bij elkaar. Voorouderbeelden, boeddha's, heiligen, bidsnoeren, engelen: het zijn allemaal facetten van dezelfde diamant. Ik wilde ermee laten zien dat het allemaal eender is; dat het niet uitmaakt of je uit de Koran wilt lezen of niet zonder amulet de deur uitgaat. Religie is een kapstok, een reddingsboei. Zelf heb ik geen beeltenis nodig. Zonder al te abstract te willen klinken: ik geloof meer in energie. Het is de energie die het universum laat zijn zoals het is. Niet een of andere guy, ergens op een wolk."

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

"De kunst is vrij. Er is plek voor kunstenaars met sociaal engagement die misstanden aan de kaak willen stellen, maar ook voor tekenaars die mensen willen wakker schudden. Je moet kunnen maken wat je wilt, kunnen zeggen wat je wilt. Voor mijn part ga je de hele dag 'Fuck de koning!' schreeuwen op de Dam. Het zou niet mijn manier zijn om een discussie te openen, om anderen aan het denken te zetten. Ik ben eerder van de poëtische lijn. Als ik de barricaden op had gewild, was ik wel in de politiek gegaan."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

"Ik ben altijd op vakantie of altijd aan het werk - het is maar hoe je het bekijkt. Misschien ben ik in de afgelopen jaren weleens doorgeschoten in mijn werk en heeft mijn gezinsleven daaronder geleden. Het is ook nodig om af en toe iets ánders te doen, en dat doe ik ook echt wel, maar áls ik mij met kunst bezighoud, kan dat niet anders dan op een obsessieve manier. Het gaat daarbij altijd om wat ik maak, niet om wie ik ben. Het is jammer dat het soms toch zo wordt geïnterpreteerd, als een egocentrische onderneming; De Grote Jasper Krabbé Show. Dat is wel een interessante worsteling trouwens: zodra ik mijn werk wil laten zien, gaat het over mij. Dat is eigenlijk altijd zo geweest. We praten nu ook over mijn persoonlijk leven, terwijl ik je liever vertel over de dingen die ik heb gemaakt en waarom ik ze heb gemaakt. En ook: over kunst die je raakt in het algemeen. Van de mooiste kunstwerken is vaak niet eens bekend wie de maker is. Ja, eigenlijk zou dat het hoogste doel moeten zijn: ervoor zorgen dat naam en werk niet per se langer aan elkaar gekoppeld zijn... Ik signeer altijd achterop, maar dat telt niet zeker? Het is een interessante gedachte. Wie weet bereik ik dat punt ooit nog een keer. Nu is mijn ego misschien nog iets te groot."

V Eer uw vader en uw moeder

"In 2006 heb ik een schilderij gemaakt van twee bomen en een vijver in het Vondelpark. Ik noemde het doek 'Being, becoming'. Ik voelde de energie die in de bomen lag opgeslagen; de lente die eraan zat te komen. Het was net alsof de hele cyclus van de natuur in dat beeld besloten lag. Later kreeg ik van mijn vader het schetsboek dat ooit van zijn opa, de portretschilder Hendrik Maarten Krabbé was geweest. Ik bladerde erdoorheen en zag tot mijn verbijstering dat mijn overgrootvader op exact dezelfde plek in het Vondelpark een tekening had gemaakt. Honderd jaar eerder. Ik vond dat bizar, een bijna mysterieuze ervaring. Genetische ontroering.

Met mijn vader deel ik inzichten over schilderen - of we praten eindeloos over een bepaald soort verf waar één van ons enthousiast over is - maar ik probeer vooral een voorbeeld aan zijn optimistische kijk op het leven te nemen. Hij heeft echt ongelooflijk veel energie, is iemand die van alles blijft maken, dingen kan laten ontstaan. Hij maakt een feest van zijn leven en laat iedereen in zijn omgeving daarvan meegenieten.

Natuurlijk ben ik ook met hem in competitie geweest. Hij heeft in zijn vak de lat hoog gelegd en erg veel bereikt. Ik heb weleens gedacht dat mijn obsessieve manier van werken daarmee te maken had; dat ik echt alles uit de kast moest halen om in elk geval hetzelfde niveau te bereiken. Of liever: nog hoger uit te komen. Het is niet altijd makkelijk geweest om op te boksen tegen een beroemde vader. En dan leek ik, fysiek, ook nog eens op hem. Inmiddels heb ik mezelf wel bewezen. Als wij in één adem worden genoemd, vind ik dat leuk. Bovendien zijn er rottere mensen om op te lijken, toch? Ik bedoel: de man is een filmster, ha ha!

Mijn ouders zijn beide gevoelsmensen en ik kan veel met ze delen. Toen ik net op de kunstacademie zat, het uit ging met mijn eerste vriendin en ik helemaal kapot en zoekende was, wees mijn moeder mij op het werk van filosofen zoals Alan Watts en Shunryu Suzuki. Zij had de boeken over het zenboeddhisme door haar vader aangereikt gekregen. Ik vind het mooi om te zien hoe dat gedachtengoed op verschillende plekken in de familie zo op z'n plek valt. De denker die op mij de meeste indruk maakte, is overigens Krishnamurti, ook omdat hij zichzelf volkomen wegcijferde. 'Het gaat niet om mij,' zei hij, 'ik ben slechts degene die de boodschap doorgeeft.' Een van die boodschappen is: 'Truth is a pathless path. Die uitspraak ontroert mij nog altijd."

VI Gij zult niet doodslaan

"Laatst schrok ik ervan hoezeer vergankelijkheid mijn thema lijkt te zijn. Dat besef van de kortstondigheid der dingen heb ik waarschijnlijk bij mijn geboorte meegekregen. Elk moment, elke impuls kan mij raken. De beweging van tijd, alles wat mij overkomt: ik móet iets doen met de emotie die het bij mij oproept.

Het idee van doodslag staat ver van mij af: ik wil juist behouden en heel maken. Ik wil de werkelijkheid vangen, ervaringen eren, een ode brengen aan alles wat voor mij de moeite waard is.

Met doodsangst heeft het niets te maken; ik probeer het sterven juist te begrijpen, te doorgronden. Ik hang soms aan het verleden, maar ik weet ook dat de tijd zich slechts in één richting beweegt: vooruit. Die wetenschap brengt een zekere weemoed met zich mee, en de noodzaak om die waardevolle herinneringen te vereeuwigen in de kunst, snap je? Laat ik het eenvoudiger zeggen: als ik een tekening van een dood vogeltje maak, is het daarmee net iets minder dood. Of: dan heeft de dood ten minste nog zin gehad omdat ik er een kunstwerk van heb kunnen maken."

VII Gij zult niet echtbreken

"Ik ben opgegroeid met het idee dat je altijd bij elkaar blijft. Het huwelijk van mijn ouders is daar een mooi voorbeeld van... of mooi, het is eigenlijk een verschrikkelijk voorbeeld, want het is natuurlijk helemaal niet zo makkelijk om zoiets voor elkaar te krijgen. Je moet het treffen met elkaar, hetzelfde uit het leven willen halen. Het was mijn streven om samen geschiedenis te maken en dat is nog altijd mijn insteek als het over relaties gaat.

Ik ben heel dankbaar voor de tijd die ik samen met Floor heb doorgebracht, dankbaar voor de twee dochters die we hebben gekregen. Ik had er niets van willen missen. Dat het eindig is gebleken, is erg verdrietig.

Het klinkt misschien heel makkelijk, maar ik geloof dat het zo heeft moeten zijn. Je leert, gaandeweg, wat het beste bij je past. Zo lang je maar heel dicht bij jezelf blijft, kan er niet zoveel misgaan in je leven.

Mijn vrouw was ook mijn muze ja, maar ik zou het wel erg plat vinden om nu te beweren dat ik haar vanwege die kwalificatie moet missen. 'Closer to you' (een tentoonstelling van tweehonderd portretten van Floor die te zien was in de Rotterdamse Kunsthal in 2012, AV) liet in ieder geval zien wat ik voor haar voelde. Het is en blijft een eerbetoon aan een grote liefde."

VIII Gij zult niet stelen

"Ik was niet per se een angry, maar zeker een young man, ik wilde als veertienjarige met graffiti mijn stempel drukken; laten zien dat ik er ben. Er staan nog verschillende tags van mij, Jaz, in de stad. De spuitbussen die ik nodig had, heb ik in allerlei verfwinkels gestolen, maar als je bedenkt dat ik nu mijn halve jaarsalaris bij dat soort zaken uitgeef aan materiaal, zou je kunnen zeggen dat alles ruimschoots wordt terugbetaald. Nee, oké, dat is crap, natuurlijk. Ik vind het zelf ook vervelend als ik word bestolen. Tientallen fietsen, mijn scooter, er wordt elke week wel iets gejat. Ik word er gek van. Blijf met je tengels van andermans spullen af. Gij zult niet stelen, nee. En wat mijn eigen zonden betreft: ik heb berouw. Weet je wat trouwens wel mooi is aan dit verhaal? Mijn moeder ging altijd mee naar de rechtbank als er weer eens een veroordeling boven mijn hoofd hing. Nee, niet om de diefstal goed te praten maar wel om te verklaren dat haar zoon zich bezighield met kunst. Dat het niet zomaar een beetje rommelig spuitwerk was. Ik heb zúlke leuke ouders, we hebben nooit conflicten gehad. Maar misschien heb ik dat ook wel aan Martijn te danken; de oudere broer die de weg voor mij heeft vrijgemaakt."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

"Je voelt het als kunst oneerlijk is, toch? Het moet over echte, waarachtige dingen gaan, er moet een innerlijke noodzaak aan een werk ten grondslag liggen. In discussies met mensen die zeggen dat ze helemaal geen verstand hebben van kunst, vraag ik altijd: 'Maar wat vind je ervan?' 'Ja, eh, nou,' zeggen ze dan, 'ik vind het gewoon heel mooi.' Juist. Dáár begint het dus. Bij een gutfeeling; het doet iets met je. Laat het vage jargon of de mystieke bewoordingen maar zitten. Ik heb weleens gezegd dat ik iets zou willen maken waarin je evenveel vertrouwen kunt stellen als in de behandeling van een goede dokter. Een schilderij geneest niet, maar het is wel heel goed voor de ziel. Ik heb dat met Mondriaan gehad. Ik was in het MoMA, in New York, en ik besloot om een audiotour te doen. Gek eigenlijk, want zoiets doe ik nooit. Van zijn molens uit 1905 tot en met 'Victory Boogie Woogie' uit 1944, het jaar van zijn dood. Bij dat doek vertelde Wynton Marsalis (Amerikaans trompettist, AV) dat hij jazzmuziek hoorde als hij naar de doeken van Mondriaan keek. Daar werd ik zó blij van! Hoe Mondriaan al funky, pre-jazz dingen maakte, die weer door anderen worden opgepikt en uitgewerkt, de enorme kracht die van kunst uitgaat, vind ik te gek. En het gaat natuurlijk steeds maar door. Overal wordt nieuw werk gemaakt dat reageert op iets wat al is geweest. Kunst is een doorgaand proces, een taal die je kunt leren spreken."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

"Edvard Munch heeft prachtige schilderijen over dit onderwerp gemaakt: mensen die bijna letterlijk groen zien van jaloezie. Ik heb er niet vaak last van, maar ik kan het wel goed navoelen. Het gebeurt zodra je denkt dat anderen een veel leuker leven leiden dan jij, als je te lang naar Facebook en Instagram kijkt, waar iedereen het doet voorkomen alsof alles perfect en geweldig is. Jaloezie is basicly terug te voeren op onzekerheid over je eigen bestaan.

Ik ben heel gulzig. Ik wil van alles zo veel mogelijk - het hele spectrum. Ik wil het leven omhelzen, indrinken en delen met iedereen die ik liefheb. Het is mijn ambitie om een groot kunstenaar te worden, maar hoe ver ik ben? Fokking hell! Dat is een lastige vraag. In alle eerlijkheid? Ik ben een beginneling.

Hier hebben we het eerder over gehad: ik hang soms te veel aan het verleden. Herinneringen en toekomstplannen staan de realiteit van het leven in de weg. Ik geloof in nederigheid. Niet door op mijn knieën te vallen of zo, maar door het moment zelf, dat wat gebeurt, te eren. Aandachtig te zijn. Als ik schilder, probeer ik zo eerlijk mogelijk te laten zien wat ik voel, wat ik ervaar. In dat proces besta ik niet. En natuurlijk: je hebt een bepaalde kracht nodig, een besef van zelf, maar er ontstaat pas echt iets moois op het moment dat je jezelf vergeet."

Deel dit artikel