Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Kostuummaker sluit 'deftige kledingzaak'

Home

door Marianne Wilschut

Godfried Bomans en Lodewijk van Deyssel lieten er hun pak nog aanmeten. De huidige Haarlemmers moeten het binnenkort zonder deftige kledingzaak stellen. Na 213 jaar sluit de oudste kledingzaak van Nederland, Gerard A. van der Steur, zijn deuren.

Grote borden met de tekst opheffingsuitverkoop bemoeilijken het zicht op de met maatpakken en nette dameskleding getooide etalagepoppen. Aan de winkelpui hangt een verweerd uithangbord. De tekst 'Sedert 1789' valt nauwelijks meer te ontcijferen. ,,Nee hoor, dat is al lang niet meer het originele uithangbord uit 1789'', lacht eigenaar Ab van der Steur (64). ,,Ik zag een tijd geleden al aankomen dat ik wegens gebrek aan een opvolger de zaak moet stoppen. Sindsdien heb ik niet veel nieuwe investeringen meer in het pand gedaan.''

Het huidige pand aan de Kruisstraat is dan ook niet het originele atelier waar zijn voorouder Adrianus van der Steur op 14 september 1789 zijn proef als meester kleermaker aflegde. Hij en zijn nazaten zouden op meerdere plaatsen in Haarlem het beroep van kleermaker gaan uitoefenen. In 1905 opende Gerard A. van der Steur de winkel op de huidige locatie. Aan zijn kleinzoon nu de vervelende taak om dit najaar de naar zijn grootvader vernoemde zaak definitief te sluiten, nu de zevende generatie Van der Steur geen interesse voor de zaak heeft. ,,Mijn zoon en dochter hebben allebei gekozen voor een loopbaan in de advocatuur'', vertelt Van der Steur. Hij neemt het ze niet kwalijk. ,,De opleidingsmogelijkheden zijn tegenwoordig veel beter. Mijn grootvader kon bijvoorbeeld geen voortgezet onderwijs volgen. Ik kan me goed voorstellen dat je, als je tegenwoordig hebt gestudeerd, niet je hele leven in een winkel gaat staan.''

Van der Steur kwam in 1964 in de winkel. ,,Dat ik in de zaak zou komen wist ik al van jongs af aan, ook al hoefde dat niet per se van mijn vader. Hij vond het dan ook belangrijk dat ik eerst mijn blik ging verbreden.'' Een paar jaar economiestudie deden hem niet van gedachten veranderen. Zijn belangstelling voor geschiedenis lonkte echter wel. ,,Omdat ik het niet zag zitten om geschiedenisleraar te worden heb ik toen toch voor het kleermakersvak gekozen, met geschiedenis als hobby.''

Die hobby is in de loop der jaren veel tijd op gaan eisen. Uit zijn oorspronkelijke belangstelling voor genealogie (stamboomonderzoek) en heraldiek (familiewapenkunde) groeide een voorliefde voor het oude boek. Zozeer zelfs, dat hij 25 jaar geleden een antiquariaat overnam en inmiddels over een verzameling van een paar honderdduizend boeken en prenten beschikt.

Naast dat antiquariaat is Van der Steur medeoprichter en redacteur van het historische tijdschrift Spiegel Historiael en zit hij onder andere in de redactie van het jaarboek van de Vereniging Haerlem.

Die historische belangstelling weet hij goed met de kledingzaak te combineren. Bij het tweehonderdjarige bestaan van de winkel konden de klanten voor vijf gulden een door hem geschreven boek over de geschiedenis van de winkel aanschaffen. Daarnaast voegde hij 25 jaar lang aan elke winkelfolder een stukje toe over een onderwerp dat betrekking heeft op de geschiedenis van Haarlem. ,,Ik hoor van veel klanten dat ze het zo jammer vinden dat ze straks ook die folder moeten missen.''

In de inrichting van de winkel leeft dat gevoel voor traditie door. Op de tweede verdieping staan de stellingkasten nog steeds vol met hoedendozen, rollen stof en staalboeken. Een ouderwetse centimeter hangt achteloos aan de kast. Aan de wand prijkt een grote foto van het atelier in 1913 waarop de kleermakers nog in kleermakerszit aan het werk zijn. ,,Die houding werd later om gezondheidsredenen afgeraden. Maar die enkele keer dat ik zelf nog iets verstel, betrap ik mezelf er nog wel op dat ik

automatisch mijn knie optrek. Dat werkt veel handiger omdat je het kledingstuk daarachter kunt vastzetten.''

Op de begane grond pronkt een grote oude kolenkachel voor een schouw met tegels. ,,Bij elke verbouwing vroegen de klanten bezorgd: 'Jullie doen die kachel toch niet weg, hè?' Dan stuurden we na de verbouwing maar een folder rond met de tekst: Wij zijn klaar en de kachel staat er nog.'' Het pashok en de passpiegels zijn sinds de jaren vijftig ook niet meer vervangen. ,,De spiegels hangen nog steeds zo dat de klant in de spiegel achter zich kan zien hoe het pak op de rug zit'', vertelt Van der Steur. ,,Maar als ik tegenwoordig aan mensen voorstel om te kijken hoe het pak hen op de rug past, kijken ze me verbaasd aan.''

Nederlanders zijn de laatste decennia minder kledingbewust geworden, meent de Haarlemmer. ,,Je ziet niemand meer met een echte winterjas tot op de knie rondlopen. Ik zie bijna alleen maar van die jacks'', moppert hij. ,,Die slordigheid is ook de reden dat de markt voor kledingzaken zoals deze kleiner wordt.''

De belangstelling voor het degelijke pak en de keurige japon is de laatste decennia sowieso tanende. Oorspronkelijk verkocht de winkel alleen maatkleding. In de jaren vijftig kwam daar ook confectiekleding bij. Sinds tien jaar kunnen er nog wel maatpakken in de winkel worden opgemeten, maar die worden in Duitsland in elkaar gezet. Alleen de laatste afwerking en eventueel verstelwerk doet het personeel zelf. ,,Een kledingzaak met zeven man personeel is tegenwoordig lastig te bestieren. Naast de steeds hoger wordende loonkosten is het moeilijk om als kleine winkel een vuist te maken tegen de leveranciers. Nu een groot deel van het personeel met pensioen gaat lijkt dit me dan ook het goede moment om er een punt achter te zetten.''

Hoewel hij vrede heeft met het sluiten van de winkel waren het schrijven van de afscheidsbrief aan zijn klanten en het ritje naar de drukker toch wel één van de moeilijke momenten in zijn leven. Het pand wil hij niet verkopen, maar wel verhuren. Sinds het besluit om te stoppen bekend is geworden, melden zich al druppelsgewijs belangstellenden. ,,Twee daarvan neem ik tot nu toe serieus in overweging. Toevallig allebei kledingzaken.''

Van der Steur blijft nog wel doorgaan met het verhandelen van boeken en prenten in zijn antiquariaat dat een paar huizen verderop is gevestigd. ,,Ik heb altijd geweten dat ik tussen mijn 60ste en 65ste met de kledingzaak zou stoppen. Als je zeventig bent, dan kun je nou eenmaal geen mooie japonnen meer inkopen. Maar oude prenten en boeken verkopen, daar kun je nog wel tot je tachtigste mee doorgaan.''

Deel dit artikel