Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Koketteren met het boerenleven

Home

TEKST ONNO HAVERMANS

Krimp slaat toe op het platteland, het aantal boeren neemt snel af. Toch heeft elk dorp zijn eigen tentfeest en stromen de bezoekers toe op de festivals die het boerenleven propageren.

Raalte is een zee van gele vlaggen. Wie niet goed kijkt kan zich in Vlaanderen wanen, alleen is het zwarte figuurtje op het gele vlak geen leeuw maar een haan. Het symbool van Stöppelhaene, Sallands oogstfeest, prijkt ook in menig voortuintje. Een metersgroot paneel in de Pauluskerk, opgebouwd uit zaden, verbeeldt het verhaal van Mozes, het thema van de Oogstdankmis.

Louter grijze koppen in de kerkbanken, ook in de basiliek van de Heilige Kruisverheffing. De mis is goed bezocht, maar jeugd zit er niet bij. Die is wel present tijdens het Oogstcorso, bedoeld als het hoogtepunt van het Sallands oogstfeest. Groepjes jongeren lopen in klederdracht tussen de karren en wagens die zijn versierd met wat het boerenland zoal voortbrengt.

Klederdracht is er ook tijdens de boerendag, waarop producten van het land te koop zijn, oude ambachten worden gedemonstreerd, boerenwijsheden verkondigd en stoere mannen zich met elkaar meten in een wedstrijd trekkerbehendigheid. Boerengedoe op klompen. Wat is daarvan de aantrekkingskracht?

Lees verder na de advertentie

De laatste rogge

"Ik vind dit wel leuk", zegt Lauk Bouhuijzen, landbouwjournalist en import-Raaltenaar. "Stöppelhaene is een modern feest, waar elke grote band staat, laat daar geen misverstand over bestaan. Maar van oudsher is dit een boerenfestival, om te vieren dat de laatste rogge is binnengehaald. Als je die erfenis weghaalt blijft er een gewoon festival over."

Koketteren met het boerenleven loont. Stöppelhaene trok voorgaande jaren rond 120.000 boeren en buitenlui, dat zal dit weekeinde ook wel weer lukken. De Zwarte Cross in Lichtenvoorde vestigde deze zomer met ruim 185.000 bezoekers andermaal een nieuw record. De Farm & Country Fair in Aalten bracht bijna veertigduizend mensen op de been.

Boeren zijn hot. Dat heeft iets tegenstrijdigs, vindt Bouhuijzen. "Er is een gigantische berg kritiek op de landbouw en veehouderij - het zijn gifspuiters en dierenbeulen -, maar tegelijk willen veel mensen die boer en boerin graag aan het werk zien. En dan bedoelen ze de boer van vijftig jaar geleden."

Hij vertelt over zijn trouwdag, waarop leerlingen van zijn vrouw, die in het onderwijs werkt, een breakdance uitvoerden. "Mijn broer zei, half grappend half serieus, dat-ie een klompendans had verwacht."

Veel Nederlanders hebben geen idee meer wat het boerenleven werkelijk inhoudt, denkt Bouhuijzen. Ze hebben niet in de gaten hoe snel de ontwikkelingen zijn gegaan, dat er nog maar een beperkte groep boeren over is en dat de boer van nu ook uren achter een computer kan zitten om te voldoen aan alle regeltjes of omdat hij te maken heeft met ziekte in zijn veestapel. "Zelfs hier in Raalte, toch echt boerengebied, hebben veel jongeren geen contact meer met het landleven."

De meeste stedelingen zijn ook niet naar dat contact op zoek, denkt Ina Horlings, docent en onderzoeker streekeigen ontwikkeling aan de Wageningen Universiteit. Ze willen fietsen en wandelen, streekproducten proeven, onthaasten. "Ons agrarisch cultuurlandschap is een consumptielandschap geworden, het heeft een bredere functie gekregen en biedt naast voedselproductie ook recreatie, zorg, natuur, educatie en waterbeheer. En we leven in een beleveniseconomie. Boeren spelen daar op in met activiteiten die hun bedrijf verbreden."

Kamperen bij de boer, een landgoedfair, streekfestivals, koe-knuffelen, wijnproeverijen, allemaal activiteiten die het platteland in de etalage zetten. "Die evenementen roepen een nostalgisch beeld op van een boerenleven dat eigenlijk niet meer bestaat", zegt Horlings.

'Boer zoekt vrouw' speelt met dat romantische beeld van de boer die met de seizoenen en de natuur leeft, zegt ze. "Maar de boerenbedrijven zijn ook geprofessionaliseerd, gespecialiseerd en werken met de modernste technologie. Die vrouwen die meewerken, dat klopt niet met de werkelijkheid. Veel vrouwen die met boeren trouwen hebben gewoon hun eigen baan. Het programma laat het oude beeld zien, van een gemengd bedrijf waar je op het erf kunt komen zonder allerlei hygiënische voorzorgsmaatregelen."

Maar toch. "De boeren zijn zichzelf, komen authentiek over", stelt Horlings. "En het agrarisch landschap is gewoon mooi. En schaars. Naarmate iets schaarser wordt, neemt de waardering juist toe."

Droomwensen, noemt cultuursocioloog Peter Achterberg die hang naar authenticiteit en kleinschaligheid. "Plattelandsfestivals die appelleren aan het regionale gevoel vormen een tegenwicht tegen de globalisering. In een wereld waarin alles is doorgespecialiseerd proberen we onszelf weer te vinden, dat gevoel zie je razendsnel om zich heen grijpen."

Houvast vinden we in de omgang met dieren, de natuur, elkaar, en in de eenvoud van vroeger. "We verlangen terug naar toen de zaken simpeler leken, de jaren vijftig. Goed was nog goed, en kwaad was nog kwaad", aldus de hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg. "Die hang naar het pure, biologisch, organisch, macrobiotisch, vind je juist onder stedelingen."

Gemoedelijke sfeer

Tegelijk zien we in de hele maatschappij een steeds grotere obsessie met collectieve ervaring, zegt Achterberg. Massa-evenementen als festivals horen daarbij. Organisatoren van festivals als de Zwarte Cross spelen op die beleving in door de nadruk te leggen op hun boerenafkomst. "Ze zeggen: wij creëren onze eigen identiteit wel, tegen het Westen. Dat vieren van de eigen identiteit zie je in andere landen nog veel sterker. In Frankrijk bijvoorbeeld, waar alles draait om Parijs. Hoe dominanter het centrum, hoe groter de afkeer. Maar dat conflict tussen stad en regio is voor stedelingen niet problematisch, het wordt alleen gevoeld op het platteland."

Dat verklaart het groeiende aantal stedelingen onder de bezoekers van de Zwarte Cross. "Ook al zitten hun schoenen na afloop onder de modder, zij vinden het net zo gezellig als wij", weet Lisette Kooijman, juridisch adviseur, bestuurslid van het Gelders Agrarisch Jongeren Kontakt en getrouwd met een boer.

"Aantrekkelijk voor iedereen is de gemoedelijke sfeer", zegt Kooijman. "Dit jaar heb ik voor het eerst zelf geholpen achter de schermen bij de Zwarte Cross. Na twee weken ging ik met pijn in mijn hart naar huis. Iedereen helpt elkaar, het is altijd vriendelijk. Als de politie drie keer voor een kleinigheid op het terrein is geweest dan is het veel. En iedereen komt, van jong tot oud. Dat geldt trouwens ook voor de Farm & Country Fair en voor tentfeesten. Dit weekeinde is er zo'n feest in Vierakker, waar ik vroeger woonde. Mijn oma van achter in de zeventig ging altijd naar de optocht kijken en in de tent een borreltje drinken."

Kooijman vindt het belangrijk dat mensen een goed beeld krijgen van het platteland, daar zet ze zich met de Plattelandsjongeren voor in. "We leggen kinderen van de basisschool uit hoe het toegaat op een boerenbedrijf en dan krijgen we vanzelf ook de ouders mee. Kom maar kijken hoe goed de dieren het hebben of hoe groot een megabedrijf werkelijk is."

Ze ziet geen tegenstelling tussen het hedendaagse boerenbedrijf en de gemoedelijkheid van de feesten. "Dat zit hem in het platteland, waar je altijd te maken hebt met je buren. In de stad is dat anders. Ik heb twee jaar in Arnhem gewoond, daar ben je minder afhankelijk van elkaar. Maar in een dorp heb je elkaar nodig, wie je buren ook zijn. De organisatoren van de Zwarte Cross hebben echt wel wat verdiend in het leven, maar het zijn gewoon mannen uit het dorp gebleven. Dat zie je terug op de feesten, hoe groot ze ook zijn, het blijft kleinschalig gezellig. Die sfeer kun je niet nadoen, die is echt."

Ina Horlings ziet de boerenfestivals als een welkome aanvulling op de pogingen om stad en platteland dichter bij elkaar te brengen, waar zij vanuit de landschapsorganisatie Via Natura bij betrokken is. "Via recreatieve routes, een wandelapp en bruggetjes die Nijmegen met het rivierlandschap verbinden, bevorderen we de toegankelijkheid van het landschap. We organiseren een landschapsveiling in Groesbeek, net als zeven jaar geleden in de Ooijpolder. Tijdens de wijnfeesten in september kunnen mensen bieden op iets landschappelijks: dat kan een recreatieve overnachting zijn of een kunstwerk, maar ook een stukje landschap dat in ruil voor steun tien jaar door boeren wordt onderhouden. Er zit spanning tussen de rust, ruimte en natuur die veel mensen zoeken en de op export gerichte intensieve industriële landbouw, daar proberen wij een oplossing voor te vinden die aansluit bij de menselijke maat."

Voor Lauk Bouhuijzen staat vast dat een boerenfestival als Stöppelhaene verbroedert. "Van mijn familie uit de Randstad hoor ik altijd dat zij dat gemoedelijke aantrekkelijk vinden. Ons huis is ook dit jaar weer vol met vrienden en familie, want wie een keer is geweest komt terug. Het is hier ontspannen."

'Hoe groot die feesten ook zijn, het blijft kleinschalig gezellig. Die sfeer kun je niet nadoen, die is echt.'

'Veel mensen willen de boer graag aan het werk zien. En dan bedoelen ze de boer van vijftig jaar geleden.'

Het corso is het hoogtepunt van het oogstfeest Stöppelhaene in Raalte.

Deel dit artikel