Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

KNMI weet vrij zeker dat het zo slecht blijft

Home

Joep Engels

© anp

Het weer zit niet mee de laatste weken. Niet op de camping, maar ook niet voor De Bilt. "Als er een stevig hogedrukgebied boven ons ligt, weet je dat je een langere periode van mooi zomerweer tegemoet kunt zien", zegt Sander Tijm van het KNMI. "Maar met die buien van de afgelopen tijd; het is lastig te voorspellen hoe zwaar ze precies zullen worden, en waar en wanneer ze exact vallen."

Even voor de duidelijkheid: uitzonderlijk is het weer niet, tenminste niet voor de zomer van een zeeklimaat. Het is hooguit dat de lucht boven Nederland al een tijdlang koud en instabiel is zodat een beetje opwarming al goed is voor een bui. Tijm: "Op andere momenten zitten we op de grens van koude en warme lucht, en dat geeft ook altijd regen en onweer. Het probleem is dat het klimaat een gemiddelde is. Tegenover de warme, droge zomers die we de laatste jaren hebben gehad, staat een aantal dat onder dat gemiddelde zit met vooral veel nattigheid."

Argusogen
Dat het weer niet vrolijk stemt, zal er ook wel toe bijdragen dat menigeen de voorspellingen uit De Bilt met argusogen bekijkt. Toch zit het KNMI er zelden naast: in zeker 95 procent van de gevallen blijkt dat de meteorologen het bij het rechte eind hadden. Daar hoort wel de kanttekening bij dat de Biltenaren een zekere marge hanteren. Voorspellen ze dat het 20 graden wordt, dan geldt een werkelijke temperatuur tussen 18 en 22 graden als 'goed'. En voor de neerslag wordt niet gelet op dat buitje hier of daar, maar kijkt men naar de verdeling van neerslag over het hele land.

"Een losse bui bestaat twee of drie uur", zegt Tijm. "Die zien we in onze modellen dus niet lang van tevoren aankomen. En soms veroorzaakt een klein plukje kou een sterke opleving van de buien. Daarvan is een dag van tevoren niet precies te voorspellen waar die overkomt. Dat kan makkelijk 50 tot 100 kilometer schelen, maar dat bepaalt wel of die bui in Utrecht valt of in Zwolle."

Het KNMI werkt aan een model voor de korte termijn dat preciezer kan aangeven waar en wanneer de buien vallen. Het huidige model verdeelt Nederland in vakjes van 11 bij 11 kilometer, het nieuwe brengt dat terug naar 2,5 bij 2,5 km. Over een of twee jaar moet het in bedrijf worden genomen.

Pluim
De langere termijn is een ander verhaal. Dat begint met het model van het Europese weerinstituut in het Britse Reading dat een voorspelling voor de hele wereld geeft. Vervolgens variëren de meteorologen de invoerwaarden van dat model een beetje, vooral in die gebieden waarvan ze denken dat de voorspelling er gevoelig voor is. Dat doen ze vijftig keer en zo krijgen ze vijftig 'variatie'-voorspellingen. Een pluim, in het jargon van het KNMI. Zo lang die vijftig de oorspronkelijke voorspelling min of meer volgen, weten ze dat die betrouwbaar is. Maar in de praktijk schieten de variaties na een week - en soms nog eerder - alle kanten op en gaat de voorspelling over in een waaier van mogelijkheden.

De grens ligt ergens bij twee weken, zegt Tijm. "Dat is bijvoorbeeld de levensduur van grote depressies of hogedrukgebieden. Verder vooruit kijken heeft dus nauwelijks zin."

Wat dat betreft heeft hij voor de kampeerders geen goed nieuws. De komende week waaiert de voorspelling nauwelijks uit. Oftewel: "Het blijft dit wisselvallige weer. Soms zijn er ook betere momenten, maar standvastig is het de komende week niet. Daar zijn we vrij zeker van."

Het weerpraatje is nu commercieel
Het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut verzorgt de weersverwachtingen en de waarschuwingen. Sinds een jaar of vijftien valt het weerbericht op radio, tv of in kranten niet meer onder het takenpakket. Op de eigen site van het KNMI staat wel een algemeen weerbericht, maar verder is de berichtgeving uitbesteed aan commerciële partijen zoals Meteoconsult of Weeronline. Deze partijen betrekken hun gegevens wel uit De Bilt, maar geven er hun eigen interpretatie aan. Sommige zijn genuanceerd, andere schuwen de stelligheid niet.

Een site als Buienradar laat met grote precisie zien waar de buien vallen en hoe ze over het land trekken. De radar kan echter niet meer doen dan een bestaand buienpatroon over de landkaart schuiven. Dat buien kunnen opduiken of verdwijnen, meldt de radar niet. Daarvoor heb je een verwachting nodig. En die betrekt Buienradar van het KNMI.

Lees verder na de advertentie

 
In zeker 95 procent van de gevallen hebben de meteorologen het bij het rechte eind

Deel dit artikel