Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Klimaatoplossing moet van elders komen

Home

Reinier de Graaf en hoofd van de denktank van de Office for Metropolitan Architecture (OMA) van Rem Koolhaas

Nationale en economische belangen blokkeerden grensoverschrijdend klimaatverdrag in Kopenhagen

Na alle aandacht voor een dreigende temperatuurstijging en de onomkeerbare schade die dat berokkent, hoopten velen op een verstrekkende overeenkomst die de aarde zou redden. Het mocht niet zo zijn. Het resultaat van Kopenhagen is de term ’overeenkomst’ nauwelijks waardig.

Het is zeker niet een gebrek aan ‘klimaatbewustheid’ dat het oplossen van het klimaatvraagstuk in de weg staat. Met meer dan tien miljoen kijkers van ’An Inconvienent Truth’ van Al Gore, de internationale klimaatdag met 5200 activiteiten in 181 landen, of het hoofdredactioneel commentaar op initiatief van The Guardian, heeft het aan media-aandacht niet ontbroken.

De afgelopen jaren zijn er honderden conferenties georganiseerd. De ’verlossende’ Kopenhagen-conferentie met 45.000 geregistreerde bezoekers was –als een soort Woodstock voor wereldverbeteraars – het hoogtepunt. De vruchten hiervan hebben we echter nog niet mogen plukken. Waar velen op hadden ’gehopenhagend’, is niet waargemaakt.

De mislukte top in Kopenhagen toont vooral het failliet aan van een systeem.

Het is vooral de combinatie van de klassieke natiestaat met het opportunisme van de markt, die een antwoord op mondiale schaal in de weg staat. Zowel de natiestaat als de markteconomie vindt zijn oorsprong in een principe van concurrentie en het najagen van strategisch voordeel ten opzichte van derden. Een dergelijk systeem genereert grote activiteit daar waar snel voordeel te behalen valt. Maar het leidt bij risicovollere situaties vaak tot verlamming en afwachting; men kijkt liever de kat uit de boom, dan zelf de eerste stap te zetten.

Een ‘sprong uit geloof’, zelfs als er uiteindelijk een collectieve winst te behalen valt, blijft moeilijk.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat veel sociale doorbraken als de afschaffing van slavenarbeid, de verbetering van arbeidsomstandigheden, en (vrouwen)kiesrecht juist zijn bereikt door in te gaan tégen de basale principes van concurrentie en korte termijnsucces.

In de VS ontstond in de 18de eeuw een verdeelde reactie op de afschaffing van slavernij. De economie van het Zuiden van de VS was afhankelijk van landbouw en kon alleen overleven op basis van slavernij, terwijl het Noorden investeerde in infrastructuur, technologie en communicatie om de economie op pijl te houden.

De weigering om slavernij af te schaffen kwam dus niet meteen voort uit een gebrek aan moreel besef, maar kende een economische grondslag. Geldt dit niet ook voor het klimaatvraagstuk?

Als er iets is dat de top in Kopenhagen heeft laten zien, is het dat er een enorme kloof gaapt tussen de verschillende wereldwijde klimaatinitiatieven en -oplossingen en het daadwerkelijke politieke proces om tot overeenstemming te komen.

Kopenhagen toont aan dat we niet louter uit kunnen gaan van de goede bedoelingen van individuele landen, ondanks zware druk van hun bevolking. Uiteindelijk gaat het hier om een meer algemeen economisch vraagstuk dat niet met advertentiecampagnes, eindeloze tops en al of niet nageleefde verdragen opgelost kan worden.

Niemand kan het de leiders kwalijk nemen dat ze, in een poging de wereld te redden, zich geconfronteerd zagen met een Gordiaanse knoop. Hen restte weinig anders dan het behartigen van het belangen van hun eigen landen, in de hoop een strategisch voordeel te behouden of te behalen.

Uiteindelijk gaat het niet alleen om vervuiling van de atmosfeer. Een groot deel van de huidige economie heeft zich afhankelijk gemaakt van CO2-emissie.

De markteconomie en de natiestaat beperken de mate waarin een collectief antwoord gegeven kan worden. In wezen vormen deze instituten zelf de belangrijkste reden dat aan een klimaatoproep geen gevolg kan worden gegeven.

Klimaatverandering is een grensoverschrijdend probleem en kan daardoor alleen worden opgelost als de grenzen tussen staten op de één of andere manier gerelativeerd worden. De vorming van een nieuwe wereldraad voor klimaat zal hoogstwaarschijnlijk alleen maar leiden tot meer van hetzelfde gebekvecht als in Kopenhagen.

Wat nodig is, is een andere vorm van bestuur, dat collectieve besluiten op een hoger niveau kan tillen zonder direct belemmerd te worden door de soevereiniteit van individuele landen.

Klimaatverandering zou waarschijnlijk het meest effectief kunnen worden bestreden door gebruik te maken van bestaande internationale economische infrastructuren, zoals de Europese Unie, het Zuidoost-Aaziatische Asean of het Latijns-Amerikaanse Mercosur.

Geef deze organisaties het financiële en institutionele mandaat om de energiemarkt te beheren. Dat kan het begin zijn van een efficiënte aanpak van het klimaatprobleem: een energievoorziening op regionaal niveau, waarin individuele lidstaten tegelijkertijd verantwoordelijkheid dragen én delen.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie