Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Kamer deed nooit moeilijk over huwelijk

Home

Ruud van Heese en Teun Lagas

De debatten in de Tweede Kamer over een eventueel huwelijk van kroonprins Willem Alexander met Maxima Zorreguieta zijn nog niet aan de orde. Maar de eerste steentjes zijn deze week al in de vijver gegooid. Hoe stemde de Kamer in het verleden over huwelijken van Oranjes? Een terugblik.

,,Gekakel'', noemde een VVD'er deze week de in zijn ogen voorbarige kanttekeningen van D66-, PvdA- en GroenLinks-kamerleden bij een eventueel huwelijk van Prins Willem-Alexander en Maxima Zorreguieta. Veel te vroeg om hier stampij over te maken, vindt men ook in CDA-kring. D66'er Van Walsem denkt echter dat hij niet vroeg genoeg zijn mond kan opentrekken. Maxima kan zijn koningin niet zijn, luidt het standpunt van deze veteraan uit de D66-fractie.

Voorbarig? Van Walsem is bang dat hij in het finale debat over een huwelijk van de kroonprins te weinig kansen krijgt om alsnog de zaak te keren. Dan is alles voorgekookt door de regering en moeten Beatrix en Willem-Alexander hun zin krijgen, is zijn vrees.

Van Walsem heeft in zoverre gelijk dat er nog nooit een goedkeuringswet voor het huwelijk van een troonpretendent door het parlement is afgestemd. Maar rimpelloos verliepen die bijeenkomsten van de Eerste- en Tweede Kamer samen (de verenigde vergadering) in het verleden ook weer niet.

De socialist Troelstra ging er in 1901 in elk geval stevig tegenaan toen het parlement het huwelijk moest goedkeuren tussen koningin Wilhelmina en prins Hendrik. Er klonk gesis en afkeurend gejoel van zijn collega's toen Troelstra in dat debat de complete monarchie op de hak nam: ,,Erfelijkheid moge een geschikt leidend beginsel zijn voor paard- en rundveestamboeken, voor het bekleden van publieke ambten kan het nu eenmaal geen leidraad bieden''. Uiteindelijk volgde op zijn kritiek geen tegenstem. Zelfs de SDAP zei 'ja' tegen het huwelijk van Wilhelmina, omdat de partij 'het niet de moeite waard vond' er zoveel drukte over te maken.

Juliana en Bernhard trouwden vlak voor de oorlog zonder dat het parlement daar een noemenswaardig debat over voerde. De parlementaire toestemming voor het huwelijk van kroonprinses Beatrix en Claus von Amsberg roept wel volop herinneringen op over oproer en kritiek. Toch was er in 1966 veel meer turbulentie buiten het Binnenhof (Amsterdam en ook elders in het land de kreet: 'Raus met Claus') dan in het finale goedkeuringsdebat. Natuurlijk zat het kabinet-Cals in de maag met de sentimenten rond een Duitser die als jonge man tijdens de oorlog dienst had gedaan in de Wehrmacht.

Een kort onderzoek namens de regering maakte duidelijk dat Claus in zijn diensttijd in Italië nooit had deelgenomen aan oorlogshandelingen en zo kon het parlement alsnog vrij soepel akkoord gaan. ,,Dat debat werd toen vrij clean gevoerd'', zegt Menno de Bruyne, die als medewerker van de SGP-fractie en als staatsrechtdeskundige veel onderzoek deed naar de verhouding tussen de Oranjes en de volksvertegenwoordiging.

De tegenstemmers bij het huwelijk van Beatrix en Claus beperkten zich tot de PSP en vijf PvdA'ers. Ook de CPN hikte zwaar aan tegen het Duitser-zijn van de nieuwe prins, maar de communisten omzeilden het dilemma: bij de eindstemming doken ze allemaal even achter het toenmalige groene gordijn en stemden niet mee.

Hoe zwaar de regering hecht aan een zo breed mogelijk draagvlak voor een trouwpartij in koninklijke kring bleek in 1998 toen de SGP weigerde mee in te stemmen met het voorgenomen huwelijk van Margriets zoon prins Maurits en Marilène van den Broek, de katholieke dochter van de ex-minister. Het ging zover dat premier Kok geen trek had in te gaan op de argumenten van de mannenbroeders die volhielden dat een prinses, al staat zij dan ver van de troon, lid moet worden van de hervormde kerk. Kok was 'teleurgesteld' over de SGP-opstelling en wilde niet ingaan op de godsdienstkwestie 'vanwege de waardigheid van het debat'. Blijkbaar zag de premier de parlementaire afhandeling liever beperkt tot de hartelijke felicitaties aan het jonge paar die vanuit de andere fracties klonken.

Het kabinet-Kok doet de laatste tijd jaar aardig wat ervaring op met het indienen van goedkeuringswetten, het type wetsvoorstel dat straks het brandpunt moet gaan vormen voor het politieke debat over Willem-Alexander, Maxima en vooral haar vader. Na het wetje voor Maurits en Marilène werd vorig jaar de toestemming voor Margriets andere zoon, Bernhard (met Annette Sekrève), afgewerkt. Zeer binnenkort volgt de goedkeuringsprocedure voor het huwelijk van Beatrix' derde zoon Constantijn met Laurentien Brinkhorst. Het gaat allemaal volgens een vast patroon. De verloving wordt afgekondigd, het wetsvoorstel wordt ingediend, daarin staat niet veel meer dan de datum en plaats van de voorgenomen trouwerij. Een commissie uit beide Kamers bereidt de parlementaire behandeling voor en tast alvast af of er veel bezwaren zijn. Zulke politieke sonderingen doet de regering zelf natuurlijk ook tevoren. De premier komt echt niet naar het parlement met een onhaalbare goedkeuringswet. Tussendoor geven ook nog de staten van Aruba en de Nederlandse Antillen toestemming, want het gaat ook om hun koningshuis.

Kok moet in het geval van Willem-Alexander en Maxima ook het nodige op papier zetten over het verleden van de Argentijnse schoonvader. Het ligt niet voor de hand dat hij de kabinetsstandpunten over de rol van oud-minister Jorge Zorreguieta tijdens het moordenaarsregime van generaal Videla zal inschrijven in het wetsvoorstel. Dat zal wel een aparte nota worden waarin Kok deze uiterst gevoelige kwestie te lijf gaat.

Dan rijst de vraag wat kamerleden vervolgens in het debat voor parlementair gereedschap op zak hebben om van leer te trekken tegen de familie Zorreguieta. Mag in het parlement worden geëist dat Maxima afstand neemt van het verleden van haar vader, zo zij dat niet tijdig doet? En mag de Kamer zich bemoeien met de vraag of Maxima's vader prominent aanwezig kan zijn op de bruiloft?

Eén van de mogelijkheden lijkt te zijn dat kamerleden hun kritiek uiten via de band van de 'waardigheid'. Volgens het staatsrecht is het een taak van het parlement om te voorkomen dat ons Koningshuis zich verbindt met 'onwaardige elementen'. Dat is weliswaar een begrip uit de negentiende eeuw, toen erop gelet moest worden dat troonopvolgers trouwden met partners van voldoende hoge stand, maar begrippen als waardigheid van het koninklijk huis kunnen makkelijk van een nieuw sausje worden voorzien.

In het geval dat de koningin eist dat ze zelf de ceremonie van het huwelijk volledig in handen houdt, inclusief de aanwezigheid van Jorge Zorreguieta, hoeft de Kamer dat ook niet zomaar te slikken. De Bruyne wijst op de nieuwste versie van de Grondwet. In artikel 41 staat dat de koning zijn eigen huis inricht, maar sinds 1983 is daaraan toegevoegd: ,,met inachtneming van het openbaar belang''. Daarnaar verwijzend kan het parlement wel degelijk opmerkingen maken aan het adres van de regering over de gekozen ceremonie. Dus ook over een eventuele keus om de schoonvader pontifikaal op het feestelijke bordes te plaatsen. Zo'n pijnlijk politiek debat (een eventuele motie tegen de aanwezigheid van vader Zorreguieta) zal Kok natuurlijk wel tevoren al proberen te omzeilen.

Deel dit artikel