Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

In Rotterdam mag niemand thuisblijven

Home

Bart Zuidervaart

In geen stad zijn er zoveel ’pardonners’ als in Rotterdam. Ze zijn allemaal welkom, maar moeten wel snel aan de slag.

Dat Rotterdam geliefd is onder de ’generaal pardonners’ wist wethouder Dominic Schrijer (PvdA, sociale zaken) al langer. Maar tot voor kort had hij geen idee hoeveel er precies in zijn stad wonen. Het zijn er 2430.

Rotterdam heeft veel goedkope sociale huurwoningen en trekt ’mensen met een kleine beurs aan als een magneet’, zegt Schrijer. Hij benadrukt: de pardonners zijn allemaal welkom. Zijn partij is altijd warm voorstander geweest van een ruimhartige regeling voor ex-asielzoekers. Schrijer: „Het gaat om mensen die hier al jaren wonen en niet terug kunnen naar het geboorteland. Dan is dit de beste oplossing.”

Als wethouder moet Schrijer de regeling uitvoeren. Dat is geen sinecure. In Rotterdam wonen veruit de meeste pardonners. Den Haag volgt op gepaste afstand (1416 pardonners). In Rotterdam dreigden er 900 rechtstreeks de bijstand in te rollen. Dat was voor de gemeente onacceptabel, zeker gezien de 30.000 inwoners die al van een bijstandsuitkering leven.

Van ongeveer 300 pardonners verwacht Schrijer niet dat ze op den duur betaald werk kunnen doen. Zij hebben te veel psychotraumatische problemen om zich zelfstandig te redden. De gemeente probeert hen tot vrijwilligerswerk in een kerk, museum of op school te bewegen. De wethouder vertelt over een Iraanse man, politiek vluchteling, die maquettes restaureert in het Nationaal Onderwijsmuseum. „Deze man is zwaar getraumatiseerd en mensenschuw. We krijgen hem echt niet aan het werk”, zegt Schrijer. „Door deze baan halen we hem wel uit zijn huis. Op de bank voor de tv zou hij gek worden.”

Voor de andere 600 pardonners geldt dat zij zo snel mogelijk een betaalde baan moeten hebben. De gemeente Rotterdam heeft deze vluchtelingen ondergebracht bij vijf verschillende reïntegratiebureaus. Daar moeten ze eenvoudig werk doen tegen het minimumloon. Weigeren is geen optie, dan dreigt een korting op de bijstandsuitkering. Het is de bedoeling dat de pardonner na uiterlijk twee jaar doorstroomt naar een reguliere baan.

Wethouder Schrijer betaalt de reïntegratiebureaus ongeveer 6000 euro per pardonner. Die investering heeft hij er graag voor over, zegt hij. „Het gevaar is dat deze mensen anders zoekraken in ons enorme uitkeringenbestand. De mensen zelf gaan verdwalen. Zij moeten zo snel mogelijk een werkritme krijgen, op tijd opstaan, onder de mensen komen, collega’s krijgen met wie ze Nederlands moeten praten. Dat is de snelste weg naar integratie.”

Een van de betrokken reïntegratiebureaus is Werkland uit Rotterdam. Daar staan 117 pardonners onder contract. Directeur Dick Vink zegt dat inmiddels 100 van hen aan het werk zijn. 25 pardonners pakken boodschappen in bij een Albert Heijn in de stad. Anderen werken als loodgieter of timmerman voor een klusbedrijf, runnen een kapsalon of naaiatelier. Vink is in onderhandeling met een ziekenhuis over het invoeren van ’valet parking’. Want, zegt hij, bezoekers van de eerste hulp betalen graag enkele euro’s wanneer ze zich geen zorgen hoeven te maken over het parkeren.

De ex-asielzoekers zijn nu een jaar in dienst bij Werkland. Hun motivatie is goed, merkt Vink. Hij heeft alleen hun problematiek onderschat. „Ze lopen tegen allerlei hindernissen aan. Dat komt door hun financiële problemen, de vaak moeilijke gezinssituatie, en vooral door hun lage taalniveau.”

Hij heeft gemerkt dat werkgevers daarom terughoudend zijn om pardonners aan te nemen. Bij het minste of geringste dat verkeerd gaat, wordt de vluchteling teruggestuurd naar ons, zegt de directeur. En er gaat altijd wel iets fout.

De pardonners werken vier dagen per week en worden in de avonduren en op de vijfde dag geschoold. Na twee jaar bij het reïntegratiebedrijf moet ook de inburgercursus zijn afgerond. Dan is de kans op een zelfstandige baan het grootst, zegt Vink. Er zijn nu 15 pardonners die via een gesubsidieerde baan van Werkland op eigen benen staan. Vink verwacht dat dat volgend jaar voor 60 mensen geldt. Hij pleit er voor om het traject voor de anderen te verlengen met een jaar. „Het is zonde om hen met rust te laten. Dan is die twee jaar arbeid bij ons voor niets geweest. Hun alternatief is de WW, en dat is geen prettig vooruitzicht.”

Wethouder Schrijer verwacht dat na twee jaar bij het reïntegratiebedrijf er ’in bijna alle gevallen’ zelfstandig werk voorhanden is. Terug de bijstand in is geen optie, zegt hij. „Er zijn honderdduizend vacatures in Nederland. Over twee tot drie jaar, wanneer de economische crisis is bezworen, neemt dat aantal verder toe. De komende tien jaar gaan er meer mensen met pensioen dan er nu op school zitten. Vertrouw mij; we hebben straks alle handen hard nodig.”

Er klinkt kritiek op gemeenten die zich richten op ’snelle arbeid’ voor vluchtelingen, bijvoorbeeld binnen de Stichting voor Vluchteling-Studenten (UAF). Wat heb je er aan om een hoogleraar uit Irak in te zetten voor productiewerk? „Ik geloof niet dat zo iemand in de bijstand terecht komt”, zegt Schrijer. „In het algemeen geldt dat maar weinig mensen alleen uit een boekje leren. Je moet ook op de werkvloer rondlopen. Het is voor niemand goed om te lang onder zijn niveau te werken, maar je moet wel aan de slag gaan. En daar zorgen wij voor.”

Deel dit artikel