Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

In Lucignano was het feest, ondanks de rampspoed in Genua

Home

Stevo Akkerman

© Trouw
Column

Neem een boek mee, zei mijn zwager nog, voordat de ambulance hem wegvoerde, de Italiaanse nacht in. 

Ik had mee willen rijden, maar dat mocht niet, en het duurde even om mijn huurauto te starten en door het hek van ons vakantiehuis te wurmen; de ambulance was nergens meer te bekennen. Maar met behulp van de navigator arriveerde ik drie kwartier later toch bij de afdeling spoedeisende hulp van het ziekenhuis van Cortona, waar men inderdaad zojuist een Nederlandse patiënt binnen had gekregen. “Ze hebben hem pijnstillers gegeven”, zei de verpleegkundige aan het loket. Ik knikte goedkeurend, en dat was meteen mijn laatste bijdrage aan het medische proces.

Lees verder na de advertentie

Het was vier uur ’s nachts, in het ziekenhuis waren de lichten gedempt en heerste volstrekte stilte. Niemand in de wachtkamer behalve ik. Op de gang stond een koffie-automaat, maar het lukte me niet daar iets uit te krijgen. Om de paar minuten raadpleegde ik mijn telefoon, steeds tevergeefs. Ik haalde het boek tevoorschijn dat ik in de haast in mijn rugtas had gestopt: ‘Liquidatie’ van Imre Kertész, de Hongaarse Nobelprijswinnaar en Holocaust-overlevende. “Hij had het gevoel dat hij door een diepe kloof werd gescheiden van die bijna tastbare constante die hij ooit als zijn persoonlijkheid had gekend”, las ik. Er stond een aanbeveling van Arnon Grunberg op de flap: “Kertész wil een leesbaar graf achterlaten, en voor een graf is het zéér goed leesbaar, misschien geen vakantieliteratuur, maar daarvan is er ook al zoveel.”

In mijn hoofd hoorde ik almaar de woorden ‘How fragile we are’, het refrein uit de song van Sting

Ik keek weer op mijn telefoon. Niente.

Mijn zus had me om half drie wakker geschud. Haar man, die mijn jeugdvriend was voordat hij mijn zwager werd, verging van de pijn. Ze wisten uit ervaring wat het was: een niersteen. “We moeten 112 bellen.” Het had lang geduurd voordat de ambulance er was, en vervolgens was men bij het blauwe schijnsel van de zwaailichten nog begonnen aan een langdurige bureaucratische procedure rond paspoortnummer en plaats van afgifte, om uiteindelijk met een rotvaart weg te rijden.

‘Hi’, zag ik opeens op mijn telefoon. ‘Ha’, antwoordde ik. De pijnstillers deden hun werk, meldde de patiënt, maar het kon nog uren duren voordat er iets zou gebeuren, ik kon beter naar huis gaan. Ik wachtte nog een paar uur, en vertrok toen toch maar; kon mijn zus mij aflossen en ik mijn nichtje gezelschap houden bij het huis. Die middag nog werd mijn zwager overgebracht naar een ander ziekenhuis en daar geopereerd, en een dag later zaten we weer gewoon met z’n allen op ons terras en keken we uit over de Toscaanse heuvels, de wijn op tafel. Maar in mijn hoofd hoorde ik almaar de woorden ‘How fragile we are’, het refrein uit de song van Sting. En toen kwam het nieuws van de brug in Genua.

In Lucignano, het stadje waar we verbleven, was het feest ondanks de rampspoed. ’s Avonds stroomden de straten vol, er werd gegeten en gedronken, gedanst en gezongen, en wij lieten ons gretig meevoeren in deze omarming van het leven. Fragiel als we waren.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de 'keiharde nuance' en het 'onverbiddelijke enerzijds-anderzijds' preekt. Lees hier eerdere columns terug.

Lees ook:

In Genua is het zoeken naar slachtoffers gestaakt, maar het zoeken naar schuldigen in volle gang

De minister van Infrastructuur beweert dat bedrijven als Autostrade per l'Italia, dat de snelweg A10 in Genua uitbaat en waarvan de steenrijke zakenfamilie Benetton (bekend van de kledingwinkels) grootaandeelhouder is, politieke partijen in ruil voor lucratieve concessies financierden. Toninelli: "We gaan het hele concessie-systeem met wortel en al veranderen."

Deel dit artikel

In mijn hoofd hoorde ik almaar de woorden ‘How fragile we are’, het refrein uit de song van Sting