Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hunkeren naar een luisterrijk sprookje

Home

Margarete van Ackeren

Duitsland kent geen monarchistische folklore, geen schandalen, geen roddels over het liefdesleven van de bondskanselier. Wel is er volop aandacht voor het naderende prinselijk huwelijk in Nederland. Hebben de Duitsers reden om jaloers te zijn op onze monarchie?

Ze zijn jong. Ze zijn gelukkig. De verliefdheid van het prinselijk paar spettert van de foto's af. We naderen het hoogtepunt van een sprookje: Willem-Alexander gaat trouwen met een 21ste-eeuwse Assepoester, Máxima Zorreguieta. Ondanks het feit dat zij zo mooi en lief is, kon de prins haar bijna niet trouwen. Want haar vader was minister in het kabinet van een Argentijnse dictator. Maar amor vincit omnia, liefde overwint alles: Assepoester wordt prinses en de prins is dolblij.

Dat is nog eens een verhaal om jaloers op te zijn! Of niet soms? Het rare is dat de gemiddelde Duitser niet jaloers is op dit stel en evenmin op de monarchie als geheel. Want hij vindt dat deze geen typische monarchie is en dat een monarchie als zodanig ook niet typisch Nederlands is. Op zoek dus naar de afwezige afgunst.

Het is saai in Duitsland. Ons staatshoofd is oud. Zijn kinderen zijn jong, maar hij houdt ze schuil. Het liefdesleven van de bondskanselier en zijn ministers wordt -gelukkig- als privé beschouwd. We hebben een republiek die redelijk goed draait maar nauwelijks roddelverhalen, laat staan sprookjes oplevert. Het openbare leven in Duitsland is voor een groot gedeelte het politieke leven en dat wordt bepaald door discussies over Halbeinkünfteverfahren (een Duitse fiscale specialiteit die noch te verklaren noch te vertalen valt) of de hoge Netto-Neuverschuldung (nettokredietopname).

Het is dus een beetje vervelend. Want wat doe je, als Rudolf Scharping (spotnaam: Bin Baden), de minister van defensie, geen uitdagende foto's op Mallorca van zijn liefdesleven met zijn aristocratische vriendin laat schieten? Hoe voelt het als je al vijftig artikelen hebt gelezen over het kapsel van CDU-partijleidster Angela Merkel? Je hunkert naar nieuwe roddelverhalen die je het gevoel geven dat je het zelf ook niet zo slecht hebt. Je hunkert naar een wereld vol luister.

En jawel, je kijkt naar het buitenland. Je kijkt naar de jonge prinsen in Engeland en in Noorwegen, naar de (niet meer piepjonge) Prins in Monaco, naar de meisjes in Zweden en de laatste tijd kijk je ook steeds meer naar de jongens van het Huis van Oranje. Je hoeft er niet eens meer voor naar de kapper of de dokter. Want de laatste weken houden niet alleen de roddelbladen maar ook de serieuze pers en de tv-programma's bij wat er in Nederland gebeurt.

Deze warme belangstelling voor het Nederlandse koningshuis is echter slechts een tijdelijk fenomeen. Want normaal gesproken is de verslaggeving beperkt en sporadisch. Een fietsende koningin vinden we sympathiek, een prins die meedoet met de elfstedentocht vinden we flink, maar beiden passen niet in het beeld dat de Duitser normaal gesproken heeft van 'de monarchie'. We vinden dus over het algemeen het Nederlandse koningshuis minder boeiend dan bijvoorbeeld het Engelse. En -het valt op- als er schandalen zijn rond het Nederlandse koningshuis dan zijn het voornamelijk politieke schandalen -zo was het bij de bruiloft van Beatrix, zo was het met het schandaal rondom haar vader (Lockheed) en zo is het ook nu weer met Willem-Alexanders schoonvader. Op politieke debatten zijn we absoluut niet jaloers -daar hebben we er zelf genoeg van.

In Duitsland heeft men bovendien de indruk dat een (uitgesproken nostalgische) monarchie eigenlijk niet helemaal past bij het buurvolkje waarvan men vindt dat het heel nuchter en pragmatisch is. Men veronderstelt dat de monarchie in wezen folklore is en dat het koningshuis eigenlijk in hetzelfde rijtje thuishoort als tulpen, molens en hagelslag. Tot zover de buitenkant van een imago.

Echter: deze visie van het Nederlandse koningshuis is misschien wel heel beperkt. Het gevoel van saamhorigheid dat het Huis van Oranje uitoefent op de Nederlandse samenleving zou juist een verklaring kunnen zijn voor heel veel dingen in Nederland waar Duitsers bewondering voor hebben: de losse manier van doen, het pretentieloze gevoel voor eigenwaarde. De nauwe emotionele band die Nederlanders over het algemeen met het koningshuis hebben is een essential van de Nederlandse maatschappij.

Je zou zelfs kunnen zeggen dat 'Oranje' een nationaal referentiepunt is, een soort anker voor het Nederlandse Wij-Gevoel. Immers: de supporters bij het EK en WK zwaaien niet de nationale vlag maar Oranje wimpels. Oranje is als het ware het nationale symbool van saamhorigheid.

De Nederlandse monarchie is dus niet alleen een staatsvorm maar het fundament van een politieke cultuur. In die zin heeft het koningshuis heel veel met het legendarische poldermodel te maken -waar wij al jaren met bewondering naar kijken en wat wij niet kunnen imiteren. Werkgevers en werknemers staan in Duitsland lijnrecht tegenover elkaar, de cao-onderhandelingen zijn -sterker dan in Nederland- rituelen van keiharde confrontatie. Er is in Duitsland immers minder consensus dan in Nederland omdat er nauwelijks 'onschuldige' nationale symbolen zijn. Na het afscheid van de D-Mark zijn het er nog minder geworden.

We beseffen het niet, maar diep in ons hart zijn we stikjaloers op de Nederlandse monarchie.

Margarete van Ackeren is journalist bij de Rheinische Post.

Zij schreef een proefschrift over het beeld van Nederland in de Duitse literatuur van de Romantiek.

Deel dit artikel