Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Homoseksuele hindoes zijn in Nederland onzichtbaar

Home

Emiel Hakkenes

Het hindoeïsme staat bekend om zijn tolerante karakter. Maar daar merken homoseksuele hindoes in Nederland maar weinig van. Een groep hindoegeestelijken discussieerde gisteravond over de vraag hoeveel ruimte hun godsdienst biedt aan homo’s. Mogen ze uitkomen voor hun geaardheid? En kan hun relatie in de tempel ingezegend worden? „Ik hoop het niet, maar het kan ook mij overkomen dat een van mijn kinderen homo blijkt te zijn.”

Het begon allemaal in 2001 met de uitspraken van de Rotterdamse imam El Moumni, zegt John Goring van de stichting Malaica. Op televisie sprak de imam over homoseksualiteit als een besmettelijke ziekte. Die uitspraken, zo formuleert Goring het, brachten Nederland ’enigszins in shock’. Allerlei vragen kwamen naar boven: hoe wordt er in de islam en in andere godsdiensten gedacht over homoseksualiteit, en is dat te verenigen met de gangbare opvattingen in de Nederlandse samenleving? Dat soort vragen, zegt Goring, stelt de stichting Malaica aan de orde tijdens discussiebijeenkomsten. De stichting werkt daartoe samen met homobelangenorganisatie COC en het Humanistisch Verbond.

Gisteravond bezocht Goring hindoestaans cultureel centrum Vikaash in Amsterdam Zuid-Oost. Met zo’n twintig hindoegeestelijken (man en vrouw, van liberale en meer orthodoxe snit) boog hij zich over de vraag hoeveel ruimte het hindoeïsme biedt aan homo’s.

„Bij hindoes ligt homoseksualiteit nog gevoeliger dan bij moslims of christenen”, zegt Romeo van Geene van Vikaash. „Op de tweehonderdduizend hindoes in Nederland zouden er tien- tot twintigduizend homo’s moeten zijn. Maar die houden zich stil. En er is geen priester die een standpunt inneemt over homoseksualiteit.”

Hoe dat komt, is een complexe zaak, volgens Van Geene. „Oorspronkelijk stond het hindoeïsme tolerant tegenover homo’s, maar door islamitische invloeden in het oude India is dat veranderd. Daarna kwam de Britse kolonisator met zijn Victoriaanse moraal. En hier in Nederland trekken de hindoes zich terug in een cultuur van schuld en schaamte.”

Met hindoegeestelijken uit verschillende stromingen aan één tafel en zo’n beladen onderwerp, kan het wel eens ’vuurwerk’ worden, denkt Van Geene. John Goring stelt de aanwezigen gerust: „Ons doel is de acceptatie van homoseksualiteit te vergroten, niet om het te propageren.” Hij voegt eraan toe: „Hoe je vanuit je religie ook over homo’s denkt, zij verdienen een plaats onder de zon. Zij mogen zich veilig en gewaardeerd voelen in uw gemeenschap.”

Hoe kan het dat homoseksuele hindoes zo onzichtbaar zijn, wil Romeo van Geene van de pandits en pandita’s weten. „In de Nederlandse samenleving zeg je wat je denkt en doe je wat je wilt”, zegt een van hen. „In de hindoeïstische cultuur is dat veel complexer.”

„Bovendien ligt de acceptatiegrens erg hoog”, zegt een ander. „Homo’s zijn bang dat hun familie zich zal schamen.”

De angst van hindoehomo’s om uit de kast te komen, is niet onterecht, weet een pandit uit Almere. „Homo’s worden soms naar een gebedsgenezer gestuurd, alsof ze ziek zijn. Dat is een groot verborgen leed. Er zijn homo’s die zelfmoord plegen. Is dat wat wij willen als hindoes?”

Nee, nee, vinden de anderen. Maar ja, de oude geschriften en de huwelijksrituelen, hè – die gaan allemaal uit van een man en een vrouw en die zijn niet zomaar aan de moderne tijd aan te passen.

Zo wisselen liberaal (’ik zou een homorelatie inzegenen’) en orthodox (’Ik hoop het niet, maar het kan ook mij overkomen dat een van mijn kinderen homo blijkt te zijn’) hun visies uit. Over één ding zijn ze het uiteindelijk eens: homoseksualiteit is een geaardheid en geen afwijking.

John Goring is na afloop gematigd tevreden. „Van mij mocht de uitkomst wel wat concreter zijn. Maar misschien ben ik wel te ambitieus.”

Deel dit artikel