Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoelang is levenslang nog?

Home

Adri Vermaat

Als nabestaanden littekens met zich blijven meedragen, waarom zou een tot levenslang veroordeelde dan op vrije voeten mogen? © Martin Roemers, HH

Na Cevdet Y. is Loi Wah C. (56) de tweede levenslang gestrafte in korte tijd die de rechter vraagt het beleid van staatssecretaris Teeven van veiligheid en justitie te toetsen. Na 27 jaar gevangenschap eist C. vandaag in een kort geding tegen de staat zijn onmiddellijke vrijlating.

Nederland telt drie levenslang gestraften die langer dan 25 jaar vastzitten: de Haagse, drievoudige kindermoordenaar Koos H., Cevdet Y. die op 5 april 1983 in een Delfts café zes mensen doodde en Loi Wah C., in 1989 tot levenslang veroordeeld voor moord op een Chinees gezin in Rotterdam.

Of H. nog droomt over een toekomst buiten de gevangenismuren is onbekend. Y., die sinds 2001 in de tbs-kliniek Henri van der Hoeven verblijft, boekte twee maanden geleden met zijn raadsman Romke Wybenga een voor hem belangrijk juridisch succes. Tot teleurstelling en schrik van staatssecretaris Fred Teeven van veiligheid en justitie mag hij na jaren van juridische haarkloverij van de rechter met onbegeleid proefverlof.

Voornaamste tegenargument van Teeven was zijn vrees voor 'maatschappelijke onrust', die onbegeleid verlof van Y. zou kunnen geven. Bovendien zou dit verlof bij nabestaanden van de slachtoffers die Y. maakte 'heel hard aankomen', meende de staatssecretaris. De rechter schoof deze argumenten terzijde en hield de staat aan de eerdere afspraken die bij de opname van Y. in de tbs-kliniek over zijn toekomst waren gemaakt. Als hij tijdens zijn onbegeleid verlof niet in de fout gaat, zou op termijn gratie de volgende stap voor hem kunnen zijn.

Loi Wah C., een uit Hongkong afkomstige Chinees, vecht met zijn advocaat Mathieu van Linde al jaren voor meer duidelijkheid over zijn toekomst. C. wordt verantwoordelijk gehouden voor de moord op een Chinees gezin, op 11 september 1987 aan de deftige Statensingel in de Rotterdamse wijk Blijdorp.

Voor het laatst in 1986
Roof was vermoedelijk het motief voor het drama dat zich 's nachts afspeelde in de woning van de vier slachtoffers. De vader (34), een restauranthouder bij wie C. als kok had gewerkt, en zijn twee jaar jongere vrouw werden met achtereenvolgens 52 en 41 messteken om het leven gebracht. Bij hun dochtertje van vijf jaar en baby van zes weken werd de keel doorgesneden. Na moeizaam onderzoek, waarin C. enerzijds zijn betrokkenheid bekende maar anderzijds telkens wisselende verklaringen aflegde over zijn feitelijke rol bij de moord, veroordeelde het gerechtshof in Den Haag hem op 30 januari 1989 tot levenslange gevangenisstraf.

Afgaande op alléén de statistieken is de kans klein dat Koos H., Cevdet Y. en Loi Wah C. ooit gratie krijgen. Seriemoordenaar Hans van Z. was in 1986 immers de laatste aan wie in Nederland, na een gevangenschap van ruim 28 jaar, wegens goed gedrag gratie werd verleend. Vijf jaar geleden kreeg weliswaar nog een andere, tweevoudige moordenaar gratie, maar dat was omdat hij terminaal ziek was, thuis wilde sterven en dat ook mocht.

Lees verder na de advertentie
Na moeizaam onderzoek veroordeelde het gerechtshof in Den Haag hem tot levenslange ge­van­ge­nis­straf

Politieonderzoek in 1987 in een pand aan de Statensingel in Rotterdam, waar een Chinees gezin werd vermoord. Loi Wah C. kreeg hiervoor in 1989 levenslang. © anp

Loi Wah C. heeft tot dusver vijf keer een gratieverzoek ingediend. De eerste keer dateert van maart 1996. Zijn laatste verzoek deed hij in april 2012. Alle verzoeken werden afgewezen, de laatste maal op 10 juni dit jaar.

Gratie voor de ook buiten detentie als 'niet delictgevaarlijk' omschreven C. zou een ongewenste impact kunnen hebben op de samenleving, was een van de argumenten van de staatssecretaris om zijn verzoek niet te honoreren, een positief advies van het Haagse gerechtshof ten spijt. De bij C. al langer geconstateerde detentieschade en zijn aldoor verslechterende psychische toestand zijn volgens Teeven bovendien onvoldoende factoren om uit humanitair oogpunt gevangenschap te beëindigen.

De laatste weigering om C. gratie te verlenen was voor hem en zijn raadsman Mathieu van Linde reden om een kort geding tegen de staat aan te spannen. Dat moet een einde maken aan de uitzichtloze situatie waarin C. volgens de advocaat en meerdere strafrechtdeskundigen is komen te verkeren.

Formeel wordt de voorzieningenrechter in Den Haag verzocht de staat te verbieden om het aan C. opgelegde levenslang 'verder ten uitvoer te leggen'. Als het zover komt, is C., die ongewenst vreemdeling is, bereid om meteen terug te keren naar Hongkong. Op die manier bespaart hij nabestaanden van het vermoorde gezin een eventuele, ongewenste ontmoeting met hem.

Perspectief
Van Linde noemt de manier waarop de staat, in dit geval staatssecretaris Teeven, met zijn cliënt omgaat 'inhumaan'. "Al bij het opleggen van levenslang moet het de gestrafte volgens het Europese Hof voor de Rechten van Mens duidelijk zijn wat hij moet doen om ooit in vrijheid te komen", reageert de advocaat. "Mijn cliënt weet na tientallen jaren van detentie nog steeds niet waar hij aan toe is. Justitie geeft hem ondanks onze herhaalde verzoeken geen mogelijkheid om zich voor te bereiden op terugkeer in de maatschappij. Dit terwijl het Europese Hof juist heeft bepaald dat er dus altijd perspectief moet zijn op resocialisatie, ook voor mensen aan wie levenslang is opgelegd."

In Nederlands Juristenblad van augustus 2013 wees de Groningse universitair docent strafrecht en criminologie Wiene van Hattum op het volgens haar niet onbelangrijke gegeven dat C. sinds 1987 vastzit. 'Zijn straf begon dus nog onder het oude, op reclassering gerichte, gratiebeleid', betoogde Van Hattum, tevens voorzitter van de stichting Forum Levenslang, die al jaren een meer humane tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf bepleit.

Zij stelde verder vast dat in het computersysteem van de penitentiaire inrichting Norgerhaven in Veenhuizen als einddatum voor C.'s verblijf daar december 2009 stond aangegeven, precies twintig jaar na het onherroepelijk worden van zijn straf. Volgens Van Hattum heeft C. daarnaast berouw getoond en heeft hij vanaf het moment van zijn onherroepelijke veroordeling naar zijn 'einddatum' in 2009 toegeleefd.

Al bij het opleggen van levenslang moet het de gestrafte volgens het Europese Hof voor de Rechten van Mens duidelijk zijn wat hij moet doen om ooit in vrijheid te komen

In het juristenblad schreef Van Hattum: 'Als C. op 10 maart 2011, na ongeveer 24 jaar detentie, vraagt wat zijn perspectief is, wordt op 21 juli 2011 geantwoord dat hij een 'gratieverzoek kan indienen'. Het ligt daarbij naar het oordeel van de staatssecretaris niet op de weg van de staat om een onderzoek te laten doen waaruit zou kunnen blijken dat C. niet langer delictgevaarlijk is. Dat moet C. zelf regelen. Daarbij wordt opgemerkt dat 'de regeling waarbij een risicotaxatie voor (levens)lang gestraften bestond sinds 2000 is afgeschaft'.

Ongewenst
Een verhard tijdsgewricht zou een van de oorzaken kunnen zijn waarom de voormalige crimefighter en huidige staatssecretaris Teeven, evenals zijn voorgangers, niet aan gratie zou willen denken. Zijn beleid rond de levenslang gestraften kan daarnaast rekenen op brede politieke steun. Behalve Teevens eigen VVD vinden andere grote partijen als PVV, PvdA, D66 en CDA het ongewenst als deze kleine categorie van ongeveer 35 mensen haar vrijheid herwint, ook als zij er een aanzienlijk straf heeft opzitten.

Als nabestaanden na de moord op hun partner, hun zoon of dochter, de rest van hun leven grote littekens meedragen, waarom zou een tot levenslang veroordeelde dader dan nog op vrije voeten mogen? In dat opzicht speelt de in Nederland sinds enkele jaren sterk toegenomen aandacht voor de positie van nabestaanden van slachtoffers van ernstige geweldsdelicten vermoedelijk een rol in het politieke denken in de Tweede Kamer.

Zo verzette CDA'er Sybrand Buma zich vandaag precies zes jaar geleden in een opiniebijdrage in Trouw hevig tegen een pleidooi van het Forum Levenslang. Dat wilde toen al de levenslang gestrafte na bijvoorbeeld de eerste vijftien of twintig celjaren standaard aan periodieke beoordelingen onderwerpen. Zo behield de levenslang gestrafte tenminste uitzicht op resocialisatie, redeneert het forum van juristen en wetenschappers ook nu nog.

Buma wilde er niets van weten en wees in zijn opiniebijdrage op de rol van de rechter. 'De rechter bepaalt de hoogte van de straf', schreef hij. 'De straf komt tot stand na zorgvuldige afweging, waarbij hij alle kanten van de zaak betrekt. De uitspraak is aanvechtbaar in twee hogere instanties. Als de rechter gemotiveerd tot het oordeel is gekomen dat levenslang de enige rechtvaardige straf is, dan moet de zaak daarmee zijn afgedaan.'

Een verhard tijdsgewricht zou een van de oorzaken kunnen zijn waarom Teeven niet aan gratie zou willen denken

Toch is er inmiddels vanuit het perspectief van een klein deel van de levenslang gestraften uitzicht op meer dan alleen de gevangenispoort. Het Nederlandse beleid rond levenslang gestraften staat zo niet onder druk, dan toch ter discussie. Nog maar ruim een week geleden stelde de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) dat 'voorbereiding op de terugkeer in de maatschappij als uitgangspunt dient te blijven gelden voor alle gedetineerden'.

Verwarring
Opmerkelijke bijkomstigheid is dat deze zaak uitgerekend was aangebracht door een levenslang gestrafte. Hij kreeg van de gevangenisdirecteur drie keer een disciplinaire straf opgelegd wegens werkweigering. Arbeid in de gevangenis is verplicht, juist om gedetineerden voor te bereiden op terugkeer in de samenleving.

De betrokken levenslang gestrafte weigerde echter en verwees naar het standpunt van de staatssecretaris dat levenslang in Nederland ook daadwerkelijk levenslang is. De beroepscommissie van de RSJ nam in haar uitspraak afstand van dat standpunt van de staatssecretaris. De disciplinaire straf aan de klager werd 'niet redelijk en billijk' genoemd.

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) deed al eerder in een zaak van drie veroordeelde Britse moordenaars een uitspraak die ook het huidige Nederlandse beleid raakt. Juli vorig jaar oordeelde het hof dat iemand die levenslange gevangenisstraf heeft gekregen perspectief moet houden op vrijlating. De discussie die hierover in Nederland volgde tussen voor- en tegenstanders van een meer humaan beleid, veroorzaakte ook verwarring.

Géén strafrechtgeleerde in Nederland die ervoor pleit om alle levenslang gestraften na verloop van tijd de vrijheid te geven. Er zijn daders die in de naaste en verre toekomst een gevaar voor zichzelf en voor de samenleving zullen blijven en die om deze reden opgesloten moeten. 'Het gaat om de hoop die de veroordeelde moet kunnen koesteren om in de toekomst weer deel uit te mogen maken van de vrije maatschappij', oordeelde het EHRM vertaald. 'Deze hoop mag hem niet worden ontnomen.'

Nederland uitzondering
De meeste Europese lidstaten kennen voor levenslang gestraften de mogelijkheid om zo iemand na verloop van jaren voorwaardelijk in vrijheid te stellen. Nederland vormt hierop een uitzondering. Levenslang gestraften worden in Nederland ook niet op vaste momenten getoetst, zoals in veel andere landen in Europa wél het geval is. Vier jaar geleden lanceerde de stichting Forum Levenslang een wetsvoorstel met een memorie van toelichting om voor levenslang gestraften tot een regeling voorwaardelijke invrijheidstelling te komen. Een inhoudelijke reactie van de zijde van de staat bleef uit. Bij Forum Levenslang zijn bijna 130 juristen en wetenschappers aangesloten.

Arbeid in de gevangenis is verplicht, juist om gedetineerden voor te bereiden op terugkeer in de samenleving

Deel dit artikel

Na moeizaam onderzoek veroordeelde het gerechtshof in Den Haag hem tot levenslange ge­van­ge­nis­straf

Al bij het opleggen van levenslang moet het de gestrafte volgens het Europese Hof voor de Rechten van Mens duidelijk zijn wat hij moet doen om ooit in vrijheid te komen

Een verhard tijdsgewricht zou een van de oorzaken kunnen zijn waarom Teeven niet aan gratie zou willen denken

Arbeid in de gevangenis is verplicht, juist om gedetineerden voor te bereiden op terugkeer in de samenleving