Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe ziet een farmakundige eruit?

Home

door Henriëtte Lakmaker

Tien weken slechts bestaat de studie farmakunde. Veertig studenten vragen zich nog steeds af wat of een farmakundige toch moet wezen, maar evengoed zijn ze enthousiast over de opleiding. ,,Wij zijn pioniers.''

,,Wat doet een farmakundige?'', vraagt Ellen van Dam zich hardop af. ,,Hoe reageert hij? We hebben geen idee.'' Toch moet zij er een neerzetten in het rollenspel, waarbij zij de patiënt informatie geeft over onderzoek naar een nieuw medicijn. Dat kan een van de taken zijn binnen de farmakunde, een vak dat nog niet bestaat.

Tien jaar geleden begon de farmaceutische sector samen met het onderwijs na te denken over een schakel tussen de patiënt en de farmaceutische keten, van industrie tot apotheker. Er moest een brede functie komen op hbo-niveau, tussen de academisch opgeleide farmaceut en de apothekersassistent uit het middelbaar beroepsonderwijs in.

De farmakundige weet van bedrijfsvoering en houdt de ontwikkelingen in de farmacie en gezondheidszorg in de gaten. Hij kan naar de apotheek, of hij gaat werken in de de industrie, voor de overheid of voor patiëntenorganisaties. Hij heeft verstand van ict, geeft informatie aan de patiënt en bevordert de samenwerking tussen zorgverzekeraars en belangenorganisaties.

Farmakunde kreeg de goedkeuring van het ministerie en de zegen van de branche. Folders werden ontworpen, het kraampje stond er op de open dagen van de Hogeschool van Utrecht, er werden tien docenten aangenomen uit de gezondheidshoek. En kijk, daar meldden zich de eerste veertig studenten.

Zestien van hen krijgen deze ochtend les over geneesmiddelenonderzoek. Het is onrustig in het zaaltje; vandaag, tien weken na de feitelijke start van de opleiding, vindt de officiële opening plaats. De meesten hebben iets moois aangetrokken en het nieuwe bloesje, de rok of ketting moeten even besproken worden.

Dan geeft docente Nelleke Stegeman op het bord de vier fasen aan van het klinisch onderzoek, van de eerste test op gezonde vrijwilligers tot en met de registratie. Op elke vraag van Stegeman volgt een antwoord van Sammy, een zelfbewuste jongeman met veel goud aan zijn vingers. Hij is een van de drie jongens in de klas. ,,Hij is weer beter hoor'', grijnst een van de meiden - driekwart van alle farmakunde-studenten is vrouw, en Sammy lijkt dat helemaal niet erg te vinden.

Tot de pauze van een minuut of tien volgen de studenten de uitleg van Stegeman geconcentreerd. Prompt gaat het dan weer over de recente aankopen: de oorbellen van de een en het jongste mobielfrontje van de ander. Tien minuten later krijgen ze de opdracht voor het rollenspel informed consent: leg aan een patiënt uit waartoe het onderzoek naar een nieuw vochtafdrijvend geneesmiddel dient.

Farmakundige Marion geeft patiënt Sammy de hand. ,,Goedemorgen meneer, u wilt meedoen aan het onderzoek naar de nieuwe plastabletten. Hebt u vragen?'' Ellen observeert en geeft even later feedback: ,,Je praatte dwars over de eerste vraag van Sammy heen, en ik vond je uitleg af en toe erg aarzelend.''

Door het rollenspel komen studenten erachter hoe ze de informatie zo eenvoudig en overtuigend mogelijk kunnen overbrengen, hoopt docent Stegeman. Liselotte vindt het wel leerzaam. ,,Je leert je inleven in de patiënt.'' ,,Dat heb ik al drie jaar geleden geleerd'', zegt Ellen. Zij heeft al een verleden als apothekersassistent achter de rug. Maar nu moet zij farmakundige spelen, en na de eerste module is die nog altijd niet meer dan een silhouet. ,,Zit zo iemand dan alleen of komt-ie samen met de onderzoeker?''

,,De studenten kunnen zich nog niet identificeren met het beroep, zoals ze bij verpleegkunde wel kunnen'', zegt opleidingscoördinator Dineke Smit. De vereenzelviging met de studie is daardoor des te sterker, heeft ze gemerkt. Collega Gerda Eerdmans: ,,Ze voelen zich medeverantwoordelijk voor de zoektocht naar wat deze studie inhoudt. Sommige details moeten nog worden ingevuld, en daar krijgen de studenten een fundamentele rol in.''

Op papier is alles rond, maar in de praktijk blijken sommige opdrachten te makkelijk of te tijdrovend. Daarover wordt nauw overleg gevoerd met vertegenwoordigers van de studenten. Als er te veel tussenuren zijn trekken ze aan de bel. ,,Ze voelen zich gehoord'', meent Eerdmans.

Het docententeam stelt tevreden vast dat de opleiding inderdaad in een behoefte voorziet. De helft van de studenten komt uit het middelbaar beroepsonderwijs, de andere helft is vers van het havo. De mbo'ers hebben meestal een opleiding als apothekersassistent achter de rug.

Het is een bepaald type dat kiest voor deze studie, hebben Smit en Eerdmans gemerkt. ,,Wij zijn pioniers, en zij ook. Ze durven iets nieuws aan te pakken.''

Dat nieuwe vertaalt zich ook in de inhoud van het lesprogramma. De onderwijskundigen ontwierpen een studie volgens het 'competentiegericht didactisch concept': studenten moeten samen werken aan cases uit de beroepspraktijk. Zo krijgen ze mee hoe de geneesmiddelenindustrie en de wereld van zorgverzekeraars in elkaar steken en leren ze over arbeidsorganisatie en kwaliteitszorg. Studenten krijgen een 'uit het leven gegrepen' opdracht, zoals het maken van een voorlichtingsfolder over een medicijn. Bij elke opdracht komen elementen terug als kwaliteit van de zorg, organisatie, ethiek, recht.

Actualiteit krijgt veel aandacht, zegt Smit. Zoals de kwestie rond het noodlijdende biotechnologiebedrijf Pharming toen patiënten met de ziekte van Pompe hun medicijn dreigden kwijt te raken. Die aanpak is nuttig voor het maatschappelijk begrip van de student. En dit is een voorbeeld van het bestaansrecht van de farmakundige, zeggen Smit en Eerdmans. ,,Bij de kwestie-Pharming wisten patiënten niet bij wie ze moesten aankloppen voor hun medicijn, ze werden van het kastje naar de muur gestuurd. In de toekomst kan de patiëntenorganisatie de farmakundige inschakelen, die het overzicht heeft en weet waar ze terecht kunnen.''

Weet de sector ook dat de farmakundige eraan komt? Smit: ,,Toen ik hier vorig jaar nog helemaal alleen achter mijn bureautje zat kreeg ik een apotheek aan de lijn: of ik er al één kon sturen.''

Deel dit artikel