Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe kunnen we dit weer negeren?

Home

Wim Boevink

© ANP
klein verslag

Hoe kunnen we dit weer, dit klimaat, negeren? Ik probeer het uit alle macht, maar het gaat niet. Vandaag, rond een uur of twee in de middag, na de wandeling door de stad, zette ik me met wat leeswerk in de tuin (een lezing in het Duits van de in Kameroen geboren politicoloog Achille Mbembe), in de tuin dus, in de oktoberzon, en ik hield het nog geen twintig minuten uit, zo warm was het!

Lees verder na de advertentie

Ik kan nu ook niet over Mbembe schrijven en zijn stelling dat er geen westers museum is dat niet in oorsprong is gebouwd op Afrikaanse beenderen, een beeldspraak die verwijst naar de enorme roof in mensen en objecten die gedurende de koloniale periode plaatsvond en die het Afrikaanse continent voor eeuwig verarmde en veranderde.

Ik kreeg de hitte in de kop.

Roodbruin 

En ook een kleine vloed aan beelden van zonbeschenen herfstbomen, liefst met stralen door het roodbruine bladerdek, zware blauwe luchten, lange schaduwen, onze hele wereld in een gouden gloed. Men kon er niet over uit, over die warmte, dat licht.

Ik stond in de ochtend op de Moreelse brug in Utrecht, een brug bij het Centraal Station boven het spoorweg-emplacement, naar de bomen te kijken, de bomen op de brug. Ja, er staan daar bomen op de brug, het is ongehoord, ze zweven bijna in de lucht.

Men heeft nauwkeurig bestudeerd welke bomen het op een brug zouden kunnen uithouden, gekeken naar hun ‘dynamische windbelasting’ en ook naar de hoeveelheid druk en belasting die ze op de brug zouden uitoefenen, en welk ‘watergeefsysteem’ daarbij zou passen.

Men kwam uit op de ijzerboom, de Parotia persica. En daar stond ik nu naar te kijken, naar deze ijzerbomen, hun stammen nog ingezwachteld in jute, hun blad verkleurend en vallend. Ze hadden de lange hete zomer goed doorstaan.

Tegen het middaguur liepen de spiegeltorens van de Rabobank leeg en over de brug bewoog zich een stoet van employees, de meeste in lichtblauwe hemdsmouwen richting binnenstad, precies zoals planologen dat hadden bedoeld.

In mezelf kroop wat ongerustheid omhoog dat we zoveel moois eens zouden moeten bezuren, bijvoorbeeld met een langdurige natte en grauwe winter

Ze passeerden de ijzerbomen en verdwenen in het weefsel van de stad op weg naar hun lunchcafé’s, naar terrassen met witgedekte tafeltjes en glazen witte wijn waar de zon in vonkte.

Lichtheid

In hun kielzog belandde ik bij de pandhof Sinte Marie, restant van een oude kloostertuin, waarlangs alle bankjes zich hadden gevuld met mensen die brooddozen op schoot hielden en salades in plastic bakjes.

Je kon hiervandaan passanten gadeslaan, luchtig gekleed, jassen en vesten over arm, jassen en vesten die herinnerden aan de ochtendfrisheid die nu geheel en al verdreven was, ook nu de zon allang niet meer zijn hoge stand aan de hemel haalde.

Overal in de binnenstad heerste eenzelfde lichtheid, hoorde je de verwondering uitspreken over dit bijzondere weer, met een tikje ongeloof in de stem, en in mezelf kroop wat ongerustheid omhoog dat we zoveel moois eens zouden moeten bezuren, bijvoorbeeld met een langdurige natte en grauwe winter.

In de namiddag daalt het zonlicht snel. En elders, in de zuiden van de Verenigde Staten, maakt men zich op voor een monsterstorm. 

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen.

Deel dit artikel

In mezelf kroop wat ongerustheid omhoog dat we zoveel moois eens zouden moeten bezuren, bijvoorbeeld met een langdurige natte en grauwe winter