Hoe de rijken steeds  rijker worden

home

Esther Bijlo

The Economist: 'Dit boek kan de manier veranderen waarop we naar twee eeuwen economische geschiedenis kijken' © Trouw

Met een overdonderend epos over de groeiende ongelijkheid in de westerse wereld veroorzaakt de Franse econoom Thomas Piketty een internationale storm. Hij schudt de wereld wakker: de rijken worden als vanzelf steeds rijker en dat kan gevaarlijke vormen aannemen. Ook in Nederland.

Piketty schreef wel een heel ander boek dan Marx. Wat het zo bijzonder maakt is het onderzoek dat eraan ten grondslag ligt

Het is veel te dik, het heeft niet bepaald een opwindende titel, het is nog maar een paar weken uit in de Engelse vertaling, maar nu al hét economieboek van deze eeuw. De Franse econoom Thomas Piketty heeft een meesterwerk geschreven in de traditie van Keynes, Marx en Schumpeter. Grote economen in de wereld buitelen over elkaar heen met loftuitingen, sommigen zien groen van jaloezie, geven ze eerlijk toe. Ze hadden zelf ook wel zo'n werk willen schrijven.

Piketty raakt met zijn boek 'Capital in the twenty-first century' een gevoelige snaar: de groeiende ongelijkheid in de westerse wereld. "The defining issue of our time", zoals de Amerikaanse president Obama het onlangs benoemde. Niet voor niets verwijst de titel die Piketty bedacht naar 'Das Kapital' van Karl Marx. Kapitaal tegenover arbeid, en het kapitaal is, volgens Piketty, aan de winnende hand.

Piketty schreef wel een heel ander boek dan Marx. Wat het zo bijzonder maakt is het onderzoek dat eraan ten grondslag ligt. Piketty stelde, samen met de Frans-Amerikaanse onderzoeker Emmanuel Saez en de Brit Anthony Atkinson een enorme database samen van gegevens over inkomen en vermogen, en dat over 200 jaar. De onderzoekers haalden die uit belastingaangiften van zo'n twintig landen. "Ze hebben een onwaarschijnlijke hoeveelheid werk verzet", zegt hoogleraar economie Bas Jacobs van de Erasmus Universiteit in Rotterdam bewonderend. "Sisyfus-arbeid." Jacobs is diep onder de indruk van de dikke pil, hoewel nog niet helemaal uit en op sommige punten vatbaar voor discussie. "Het is een fenomenaal boek. Het brengt de discussie over inkomens- en vermogensongelijkheid terug in het mainstream debat."

Grote gebeurtenissen
Wat Piketty laat zien met de analyse van al die reeksen cijfers is dat de periode tussen grofweg 1910 en 1950 een uitzondering is in de geschiedenis van het kapitalisme. In die jaren was de ongelijkheid, zowel in inkomens als vermogens, kleiner dan daarvoor. De oorzaak: twee wereldoorlogen, de Grote Depressie en de wederopbouw. De oorlogen en depressie tastten de bezittingen aan: bedrijven, huizen, aandelen en grond werden minder waard. Spaargelden verdampten door hoge inflatie.

De wederopbouw richtte de letterlijk en figuurlijk kapotgeschoten economieën weer op. De belastingtarieven waren sterk progressief, de vakbeweging kwam op, verzorgingsstaten zagen het licht. Door die grote gebeurtenissen daalde de ongelijkheid. Ofwel, in Piketty's termen, de economie groeide harder dan het rendement op kapitaal. Dat betekent vanzelf dat een groter deel van de totale economische koek aan de factor arbeid toeviel.

Die ontwikkeling is daarna weer omgedraaid, vooral sinds de jaren tachtig. Belastingen op vermogens en winsten gingen omlaag, liberalisering maakte het mogelijk kapitaal elders in de wereld te stallen, op zoek naar de laagste tarieven. Mensen met gewone banen profiteerden daar niet van en ontvangen zo een steeds kleiner deel van de economische vruchten. De factor arbeid verliest dus weer. Terwijl een zichzelf versterkend proces vermogenden met aandelen, exorbitante managerssalarissen, eigen bedrijven, patenten of ander bezit steeds rijker maakt.

Lees verder na de advertentie
© thinkstock
Het gemiddelde rendement op kapitaal bedraagt 5 procent, zo destilleerde hij uit al die data over honderden jaren

Dat is niet alleen een Amerikaans verhaal, zoals in Europa vaak wordt gedacht. Sinds protestbeweging Occupy tenten opsloeg bij 'het grootkapitaal' kent iedereen de term 'the 1 percent', de rijke bovenlaag die onevenredig veel inkomen verdient. Door juist ook naar vermogen te kijken, en niet slechts naar inkomen, neemt Piketty waar dat de groeiende ongelijkheid niet alleen in de VS en misschien Groot-Brittannië plaatsvindt, maar ook in de gematigde rest van Europa. Dat geldt overigens tevens voor opkomende economieën als Brazilië en China, maar die zijn geen onderwerp van het onderzoek.

Historische blik
Het mechanisme dat vermogenden steeds meer bezitten ten koste van degenen die alleen loon krijgen, is inherent aan het kapitalisme, stelt Piketty. Het gemiddelde rendement op kapitaal bedraagt 5 procent, zo destilleerde hij uit al die data over honderden jaren. Als de economische groei structureel lager is, wat al een tijd zo is en volgens Piketty zo zal blijven, wordt de taartpunt voor kapitaal dus vanzelf groter.

Het is de historische blik van honderden jaren die het boek van de Fransman zo waardevol maakt, meent Bas van Bavel, hoogleraar sociale en economische geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. "Daardoor wordt duidelijk dat de twintigste eeuw, met haar relatief kleine ongelijkheid, niet de regel is maar de uitzondering. Omdat wij nooit anders hebben meegekregen dan die situatie, zijn we lang op het verkeerde been gezet." Alsof het kapitalisme vanzelf harmonie en welvaart voor iedereen brengt.

Mede door de financiële crisis is er sinds kort weer meer belangstelling voor inkomensongelijkheid. "Piketty heeft het juiste boek op het juiste moment geschreven", verklaart Robert Went, onderzoeker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) de hype van de laatste weken rond de Franse econoom. "Een monumentaal werk. Iedereen zat op dit boek te wachten. Het geeft een enorme kwaliteitsimpuls aan wat je over ongelijkheid kunt zeggen. Het onderwerp is de afgelopen tien, twintig jaar veronachtzaamd. Nu zie je sinds kort dat organisaties als IMF en Wereldbank het er ook over hebben en er wat aan willen doen. Het is opvallend dat het überhaupt geproblematiseerd wordt."

De WRR verdiept zich momenteel in ongelijkheid en gaat daar in juni een verkenning over uitbrengen aan het kabinet. De Utrechtse hoogleraar Van Bavel doet, mede voor de WRR, onderzoek naar vermogen in Nederland. "Vermogen is veel te lang buiten beeld gebleven, zeker in Nederland. Tot twee, drie jaar terug wisten we echt niet hoe het zat. Vermogensongelijkheid was geen issue meer."

© thinkstock
Dat het rendement op kapitaal harder stijgt dan de economische groei is geen natuurwet: er valt wat aan te doen

Piketty gaat niet apart op Nederland in, maar vorige week kwamen voor het eerst cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek naar buiten die er iets over zeggen. Daaruit blijkt iets heel anders dan de communis opinio dat Nederland een van de gelijkste landen van de wereld zou zijn. Wat de inkomens betreft mag dat grotendeels kloppen, maar op vermogensongelijkheid scoort Nederland juist in de top. De rijkste een procent blijkt een kwart van alle vermogen te bezitten, ruim 270 miljard euro.

Fundament van de samenleving
"Het is dus helemaal niet zo dat het ongelijkheidsdebat voor Nederland niet relevant is", concludeert Van Bavel. De tegenwerping dat de Nederlandse pensioengelden niet worden meegeteld als vermogen, vindt Van Bavel niet steekhoudend. "Een pensioen geeft inkomenszekerheid. Vermogen geeft beschikkingsmacht. Dat is heel wat anders. Kapitaal, vermogen, het bezit, is het fundament van de samenleving. Vermogens kun je doorgeven en opstapelen, dat kan bij inkomen niet."

Paradoxaal genoeg worden overal in de westerse wereld vermogens veel minder belast dan arbeid, ook in Nederland. Belastingen op erfenissen en vermogensinkomsten zijn verlaagd of afgeschaft. Ook de vennootschapsbelasting, over winsten van bedrijven is naar beneden gegaan. "Al zeker vijftien jaar verbaas ik me over het totale gebrek aan maatschappelijke discussie over de belasting op vermogen en vermogensinkomsten", zegt hoogleraar economie Jacobs. "Het is heel raar. Vermogenden dragen in Nederland 1,2 procent van hun bezit af, ongeacht hoeveel vermogensinkomsten ze genieten. De belangrijkste vermogensbestanddelen worden helemaal niet belast, maar gesubsidieerd zoals de opbouw van pensioen en het eigen huis. Vermogenswinsten bij de verkoop van een eigen huis zijn bovendien onbelast. Ik wil de hoop uitspreken dat met dit boek het debat over ongelijkheid weer op de politieke agenda komt."

Voedingsbodem voor populisme
Dat is ook de boodschap van Piketty. Dat het rendement op kapitaal harder stijgt dan de economische groei is geen natuurwet: er valt wat aan te doen, bijvoorbeeld een wereldwijd in te voeren belasting op vermogen. Maar als overheden niet ingrijpen, zal die kloof nog decennialang groter worden, waarschuwt de Fransman. Dat is gevaarlijk, vindt hij, want extreme ongelijkheid ondermijnt de democratie. Het is een voedingsbodem voor populisme, nationalisme en racisme. Als een klein deel te veel bezit, wat stelt de stem van de gewone burger dan nog voor? Hoe hef je nog adequate belastingen?

De tijden van Jane Austen en Honoré de Balzac, die inspiratie voor hun romans haalden uit de grote ongelijkheid in de negentiende eeuw, gaan dan herleven, schrijft Piketty. Dan betalen we niet allemaal pacht aan de rijke landeigenaar, maar zijn we in 2050 rente verschuldigd aan de emir van Katar, schildert hij. Maar zover hoeft het echt niet te komen, zegt hij er meteen bij.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie
Piketty schreef wel een heel ander boek dan Marx. Wat het zo bijzonder maakt is het onderzoek dat eraan ten grondslag ligt

Het gemiddelde rendement op kapitaal bedraagt 5 procent, zo destilleerde hij uit al die data over honderden jaren

Dat het rendement op kapitaal harder stijgt dan de economische groei is geen natuurwet: er valt wat aan te doen