Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hitlers politieke pamflet 'Mein Kampf' in vier kerncitaten met toelichting

Home

Harriët Salm

De wetenschappelijke nieuwe vertaling in het Nederlands van Adolf Hitlers Mein Kampf © ANP

Wie de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust wil begrijpen, móét Adolf Hitlers ‘Mein Kampf’ lezen, vindt historicus Willem Melching (64). Hij schreef de wetenschappelijke inleidingen bij de nu verschenen Nederlandse vertaling van dit lang verboden politieke manifest: ‘Mijn Strijd’.

De nieuwe Nederlandse vertaling van Adolf Hitlers ‘Mein Kampf’ – ‘Mijn strijd’ – ligt sinds eind vorige week in de boekwinkels. De nazi-leider van Duitsland, die 1933 aan de macht kwam, schreef dit politieke manifest al in 1925 en 1926 en ontvouwt erin zijn antisemitische en oorlogszuchtige wereldbeeld. Verkoop van Mein Kampf, dat al in 1939 door een NSB’er was vertaald, was in Nederland lange tijd verboden. Het boek zet aan tot haat en discriminatie en dat mag niet, luidde het oordeel.

Lees verder na de advertentie

Maar nadat in 2016 een nieuwe Duitse wetenschappelijke uitgave verscheen, met liefst 3700 noten ter verklaring van de teksten, werd toch besloten ook een Nederlandse nieuwe vertaling op de markt te brengen. Hitlers­­ politieke manifest is van grote historische waarde, is nu de gedachte. Naar Duits voorbeeld moeten zijn giftige woorden wel nader worden uitgelegd. 

Historicus Willem Melching, universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam, las ‘Mein Kampf’ van kaft tot kaft. Hitlers boek uit 1925 en 1926 voorspelt griezelig gedetailleerd wat er zal gebeuren als de nazi’s in 1933 aan de macht komen. 

De uitleg van Melching komt in ‘Mijn Strijd’ niet in de vorm van voetnoten, maar als inleiding bij elk hoofdstuk. In de inleidingen wordt vooral de historische context gegeven. Melching heeft er een jaar aan gewerkt en werd bijgestaan door een commissie met prominente historici, zoals Frank van Vree, huidig directeur van het Nederlandse Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod). ‘Mijn Strijd’ is een omvangrijk boek geworden­­: 856 pagina’s.

Op verzoek van Trouw koos Melching vier kerncitaten uit het boek en licht hij deze teksten toe.

CITAAT 1 UIT ‘MIJN STRIJD’:

Over zijn bekering tot de politiek

‘Terwijl het me weer zwart voor de ogen werd, tastte en tolde ik terug naar de slaapzaal, wierp me op mijn bed en begroef mijn brandende hoofd in deken en kussen. Sinds de dag dat ik aan het graf van mijn moeder had gestaan, had ik niet meer gehuild. [...] In de dagen erna werd ik me ook bewust van mijn lot. [...] Keizer Wilhelm II had als eerste Duitse keizer de leiders van het marxisme de hand ter verzoening gereikt, zonder te vermoeden dat schurken geen eergevoel bezitten. Terwijl ze de keizerlijke hand nog in hun hand hielden, zocht de andere al naar de dolk. Met de Jood valt geen compromis te sluiten, alleen het harde het een of het ander. Maar ik ­besloot nu politicus te worden.’

Uitleg Willem Melching:

“Wat we hier, vrij in het begin van Hitlers boek, lezen is zijn bekering tot de politiek. Dat gebeurde dus op 9 november 1918, de dag van de Duitse capitulatie in de Eerste Wereldoorlog. Hij beschrijft een bijna bijbelse Saulus/Paulus-ervaring. Net als de ongelovige Saulus was Hitler blind voor hij tot inkeer kwam en het christendom omarmde en Paulus werd. Niet de Here, maar het naïeve optreden van de Duitse keizer bracht hem een diepe crisis en dit inzicht. Je moet niet denken dat het klopt wat hij schrijft, dat hij echt zo bekeerd is.

“‘Mein Kampf’ is een politiek pamflet. Hij zet het in scène, het gaat hem niet om de waarheid maar om het effect, al is zijn moeder inderdaad­­ aan borstkanker gestorven toen hij een puber was. Hij maakt er een dik aangezet cliché van: de brave Duitse zoon huilend aan het graf van zijn moeder.

“Vroeger dacht men dat Adolf Hitler een eenzame gek was, die deed wat in hem opkwam. Dat beeld klopt niet en dat blijkt uit Mein Kampf. Hij had in 1925 en 1926 al een gedetailleerd plan in zijn hoofd, dat hij helder neerzet. De Joden moesten weg uit Europa en er moest een Tweede Wereldoorlog komen. Hij kwam in 1933 aan de macht en vanaf de eerste dag ging hij dat plan uitvoeren.

“Het tweede deel van het citaat is die visie van Adolf Hitler in een notendop: in de politiek moet je keihard zijn, compromisloos en bereid tot oorlog. Hitler geeft hier uitleg over waarom de Eerste Wereldoorlog is verloren in zijn ogen, namelijk door het verraad van de Joden en marxisten. Marxisten zijn bij hem altijd de vertegenwoordigers van de Joden.

De Duitse keizer zag hij als een onnozelaar, een bedrogen man van eer. Die laatste scène komt rechtstreeks uit Wagners opera ‘Gotterdämmerung­­’, als Siegfried wordt verraden en neergestoken. Wagner was ook een antisemiet. Hitler kende zijn opera’s uit het hoofd.”

CITAAT 2 UIT ‘MIJN STRIJD’:

Over zijn antisemitisme

‘De zwartharige Jodenjongen loert urenlang, satanische­­ vreugde op het gezicht, op het nietsvermoedende meisje dat hij met zijn bloed schendt en daarmee ontrooft aan het volk ervan, van het meisje. Met alle middelen probeert hij de raciale fundamenten van het te onderwerpen volk te verpesten. Zoals hij zelf stelselmatig vrouwen­­ en meisjes bederft, zo schrikt hij er evenmin voor terug zelf op de grootste schaal de bloedbarrières voor anderen weg te nemen.’

Uitleg Willem Melching:

“Dit is een van de ergste citaten uit zijn boek, een klassieker, vooral de seksuele ondertoon maakt het zo bizar. De Jood wordt hier ontmenselijkt, een jager op blond wild. Hitler schreef dit boek in een tijd dat deze opvatting vrij algemeen was onder antisemieten: als een vrouw seks heeft met een Jood betekent dit dat haar bloed voorgoed is bedorven. Joden zijn er dus, volgens Hitler, op uit om het bloed van het Arische volk te bederven. Hij schrijft dat hier wel extreem hard op en belandt zelfs in de radicale hoek van de antisemieten. Toch was dit niet een hele vreemde mening in die tijd, hoor. Wat Hitler beschrijft is vaak afgebeeld in antisemitische cartoons bijvoorbeeld.

“Trouwens, in alle vormen van racisme, ook hedendaags, zie je deze gedachte terug: de autochtone man ervaart de buitenstaander als een seksuele bedreiging. Die Jodenhaat stond overigens ver van de werkelijkheid in de Weimarrepubliek. Joden en Duitsers hadden­­ namelijk over het algemeen een vrij goede maatschappelijke omgang met elkaar. In een land als Frankrijk was het antisemitisme veel virulenter. Duitse Joden schreven dan ook brieven aan Hitler: ‘Ik heb ook een ijzeren kruis, ik ben een patriot, waarom zegt u deze dingen, waarom doet u dit?’ Ze konden gewoon niet geloven dat hij dit echt meende.”

CITAAT 3 UIT ‘MIJN STRIJD’:

Over het ontwerp van het hakenkruis

‘Ikzelf – als leider – wilde niet meteen met mijn eigen ontwerp voor de dag komen, omdat het best mogelijk was dat een ander met een even goed of misschien ook beter ontwerp zou komen. Inderdaad heeft een tandarts uit Starnberg ook een lang niet slecht ontwerp geleverd, dat overigens nogal leek op het mijne, maar als enige fout had dat het hakenkruis met gebogen haken in een witte schijf was verwerkt.

Ikzelf had intussen na talloze pogingen een definitieve vorm bepaald: een vlag met een rood veld met een witte schijf en in het midden daarvan een zwart hakenkruis. Na lang proberen vond ik ook een bepaalde verhouding tussen het formaat van de vlag en het formaat van de witte schijf, alsmede van de vorm en dikte van het hakenkruis­­. En daarbij is het toen gebleven.’

Uitleg Willem Melching: 

“Wat ik met dit wat luchtiger citaat wil laten zien is dat Hitler een eigen hypermoderne marketingstrategie ontwierp, net als Stalin en Mussolini deden. Allemaal leiders van nieuwe politieke bewegingen uit de jaren twintig en dertig met bijvoorbeeld een eigen logo die daarmee heel cool en jeugdig overkwamen.

“Dat trok veel jonge mensen aan. Ze opereerden als een modern bedrijf met een eigen huisstijl. Het hakenkruis is een heel oud symbool­­, een kruis met aan elk einde een haak. Hitler, zelf opgeleid als kunstenaar, doet heel kek en draait het oude geheel net een kwartslag.

“Je ziet hier bovendien hoe hij zich tot in detail met zijn plannen bezighield. Terugblikkend vraag je je af: hoe kon hij zoveel mensen aan zich binden met deze giftige ideologie? Onder meer dus door zijn slimme marketing. Hitler kwam heel ­modern over, veel meer dan de belegen ­politici uit die tijd. Hij was ook de eerste ­politicus die zijn verkiezingscampagne per vliegtuig deed en wel acht keer op een dag ergens anders sprak. In Amerika gingen ze nog met de trein in die tijd.

“Joseph Goebbels, zijn minister van propaganda, maakte van die speeches dan weer grammofoonplaten in een grote oplage van een half miljoen. Er kwamen films, hij was op de radio­­. Alle moderne media werden ingezet. Zijn tegenstanders vonden dat niet chic, maar zij werden als ouderwets neergezet en stonden uiteindelijk met lege handen.”

CITAAT 4 UIT ‘MIJN STRIJD’:

Over de aanstaande oorlog

‘De buitenlandse politiek van de volkse staat dient het bestaan van het door de staat samengebrachte ras op deze planeet te garanderen door tussen het getal en de groei van het volk enerzijds en de grootte en kwaliteit van grond en bodem anderzijds een gezonde, levensvat­bare, natuurlijke verhouding te scheppen. Als gezonde verhouding mag daarbij altijd alleen de toestand worden beschouwd die de voeding van een volk op eigen grond en bodem garandeert. Elke andere toestand, ook al duurt die eeuwen, zelfs millennia, is desondanks ongezond en zal vroeger of later tot een beschadiging, zo niet tot de vernietiging van het betreffende volk leiden. Alleen een voldoende grote ruimte op deze aarde verzekert een volk de vrijheid van bestaan.’

Uitleg Willem Melching:

“Hier wordt de oorlog aangekondigd. Het doel van zijn buitenlandse politiek is dus niet vrede bewaren of een prettige omgang met de buren garanderen, zoals wij dat nu zien. Nee, het doel is zoveel mogelijk grond veroveren zodat het zuivere Arische ras goed te eten krijgt en zich kan vermeerderen. Ook deze gedachte, genaamd het Malthusiaans plafond, was heel algemeen in die tijd. 

Thomas Malthus, die begin negentiende eeuw leefde, zei dat er een grens was aan de groei van de bevolking door een gelimiteerde beschikbare hoeveelheid land. Malthus gedachte was achterhaald in Hitlers tijd, want men wist al dat je via wereldhandel en moderne technieken genoeg voedsel kon regelen om de bevolking te voeden. Maar Hitler gebruikt Malthus toch, en dat was ook weer niet ongewoon in de twintiger jaren. Duitsland moet zelfvoorzienend zijn, zei Hitler, en dus is er ‘Lebensraum’ nodig. Zijn droom was om in Rusland en in Oekraïne grote boerderijen neer te zetten als graanschuur van zijn Grote Germaanse Rijk.

“Er moest dus oorlog komen om die Lebensraum te vinden. Hij vond daarbij dat het in die oorlog om alles of niets ging. Wint Duitsland niet, dan kan het Duitse volk maar beter helemaal ten onder gaan. Die gedachte hield hij vol tot in de Berlijnse bunker aan het einde van de oorlog. Hij gaf zich niet over en dat kostte miljoenen en miljoenen mensen, onder wie ook heel veel Duitsers, het leven.”

Lees ook:

'Mijn Strijd wordt vast geen bestseller'

Verslaggever Orkun Akinci ging langs bij boekhandel Van Kemenade in Breda. Los van de prijs (€49,99), verwacht Van Kemenade niet dat 'Mijn Strijd' een bestseller zal worden. "Ik heb stukken gelezen en vind het vrij onleesbaar." Toch verkocht hij vrijdag direct een exemplaar, aan Erik Thomas. "Je leest het niet voor je lol", zegt de strafrechtadvocaat als hij een dag later opnieuw de winkel binnenloopt. "Maar hoe je het wendt of keert, dit is wel het belangrijkste boek uit de geschiedenis. Ik wil een oordeel kunnen geven en ben benieuwd naar de wetenschappelijke achtergrond. Er staan vast dingen in die ik nog niet weet."

Deel dit artikel