Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hier werden duizenden gedood, en wij kijken weg

Home

Meindert van der Kaaij

Een voetbalveld in Konjevic Polje waar zeker 17 mensen werden gedood. © reuters

Nederland heeft aan de gebeurtenissen bij Srebrenica, morgen twintig jaar geleden, een trauma overgehouden. Alleen beseffen de meeste Nederlanders dat niet. Volgens historicus Eelco Runia en defensiespecialist Christ Klep kijken we vooral weg, nog wel.

Minister van buitenlandse zaken Bert Koenders houdt morgen in Srebrenica bij de herdenking van de massamoord op zo'n achtduizend moslimmannen een toespraak. In Nederland zelf is er van de kant van de overheid daarentegen geen enkele aandacht voor het feit dat op 11 juli 1995 de enclave bij het Bosnisch-Servische plaatsje door Mladic onder de voet werd gelopen en dat daarna genocide werd gepleegd, de ernstigste in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog.

Dat mag kenmerkend worden genoemd voor de manier waarop Nederland met het drama omgaat. "Het is vooral een houding van wegkijken", zegt defensiespecialist Christ Klep. "Nederland wil het drama zo snel mogelijk vergeten", zegt historicus Eelco Runia.

Het drama dat begon als een stoere vredesmissie op de Balkan die in vuur en vlam stond. Het Nederlandse Dutchbat kreeg van de VN de opdracht om de moslimenclave Srebrenica te beschermen tegen het leger van Ratko Mladic.

"Ik ben geschokt hoe bedroevend weinig Nederlanders soms weten van de kwestie", zegt Runia. "Terwijl Nederland niet alleen nauw betrokken is geweest bij een verschrikkelijke ramp, maar daarvoor ook verantwoordelijkheid heeft gedragen. Jongeren, maar ook veertigers, hebben geen idee hoe het zit. Het besef dat Srebrenica te gruwelijk is voor woorden, vind ik maar zelden terug."

Namens de samenleving
Klep herkent het beeld van onwetendheid dat Runia schetst, maar tilt er minder zwaar aan. Het debat over de implicaties van het Srebrenica-drama voor Nederland moet volgens hem vooral gevoerd worden door de elite. "Pakweg 3 procent van de bevolking is daarmee bezig en kent de feiten: historici, politici en journalisten. Zij doen dat namens de samenleving, dat zie je ook in andere landen."

Erger vindt Klep dat nauwelijks hardop over het trauma wordt gesproken. En áls het gebeurt, dan gaat het om een poging om de Nederlandse verantwoordelijkheid in het drama weg te redeneren. Over de vraag of bij de legerleiding sprake was van 'lafheid' of 'incompetentie' wordt in het debat volgens Klep al helemaal niet gesproken. Dat is te pijnlijk.

"Het verhaal over Srebrenica is in Nederland versteend geraakt", meent Klep. "De partijen namen na 1995 hun posities in en die zijn sindsdien niet meer verlaten. Militairen vinden dat zij door de VN in de steek zijn gelaten, politici zeggen dat Nederland geen schuld heeft en nabestaanden van slachtoffers vinden dat Nederland wel schuld heeft. Die posities zouden vergruisd moeten worden, maar dat is ingewikkeld. Dat gaat jaren duren."

Lees verder na de advertentie
Jongeren, maar ook veertigers, hebben geen idee hoe het zit. Het besef dat Srebrenica te gruwelijk is voor woorden, vind ik maar zelden terug

Eelco Runia

Resten van een fabriek in Potocari, waar zeker 6000 mensen zijn vastgehouden. Aantal doden: onbekend. © reuters
© reuters

Klep ziet Nederland niet snel in het reine komen met Srebrenica. "Het is zo typisch Nederlands om pijnlijke zaken weg te polderen. In dat beeld past ook perfect het bevorderen van Thom Karremans tot kolonel. Ik kan je zeggen dat in het buitenland buitengewoon raar werd opgekeken toen zij daarvan hoorden."

Aan de oppervlakte blijkt van het trauma volgens Runia overigens weinig. "Maar deep down zit een enorme schaamte over wat er is gebeurd. Het is zo afschuwelijk dat we ervoor terugdeinzen. De schaamte was voor mij persoonlijk de reden om het boek 'Het Srebrenicasyndroom' te schrijven. Het moest eruit."

Etterende bende
Bij Runia dringt zich vaak de vergelijking op met de strijd in Nederlands-Indië, waarbij Nederland tot twee keer toe met grof geweld de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië de kop probeerde in te drukken. "Dat was na 1949 zogenaamd ook geen trauma. Later ontdekten we dat het anders lag. Bij Dutchbatters lijkt alles onder controle, maar dat is schijn. Onderhuids is het een etterende bende."

Hetzelfde zag je volgens Runia na de Tweede Wereldoorlog, toen mensen er geen idee van hadden dat ze op nationaal niveau een trauma hadden.

"Iemand als Primo Levi die daarover schreef, kon in de jaren vijftig zijn boeken aan de straatstenen niet kwijt. Pas een paar decennia later werd dat herkend. Ik denk dat dit ook voor Srebrenica gaat gelden."

De tv-beelden die na de val van de enclave van Dutchbat werden gemaakt, gingen de wereld over. Karremans die verontschuldigend tegen Mladic zei dat hij slechts de 'piano player' was. Soldaten die de polonaise liepen.

Runia vindt niet dat die vernietigende beelden de zaak hebben scheef getrokken. "De beelden geven juist aan hoe de verhoudingen lagen. Karremans die de zwakheid van de legerleiding blootlegde en de soldaten die blij waren dat ze het er levend vanaf hebben gebracht."

Carte blanche
Runia's boek 'Het Srebrenicasyndroom' heeft als centrale vraag: wie zijn wij dat dit kon gebeuren? Zitten er in onze cultuur en in onze psyche elementen die hebben bijgedragen tot het ontstaan van deze ramp waarbij achtduizend mensen omkwamen? Wat zegt het over de Nederlandse samenleving dat Dutchbat zonder slag of stoot de enclave in handen gaf van Mladic, zo vroeg Runia zich af.

Het is zo typisch Nederlands om pijnlijke zaken weg te polderen. In dat beeld past ook perfect het bevorderen van Thom Karremans tot kolonel

Christ Klep

Het cultureel centrum in Pilica, waar zo'n 700 mensen werden vermoord © reuters

Hij vindt het minstens zo kenmerkend dat de onderzoekers van het Niod, dat van de regering opdracht kreeg de kwestie te onderzoeken, met een wijde boog om die vraag zijn heengelopen. "Zij hadden carte blanche, geen deadline en een onbegrensd budget. Wat wil je nog meer?"

Volgens Runia hebben de onderzoekers van een afstandje gekeken, alsof Dutchbat een vreemde diersoort was. "Terwijl de militairen en hun leiding Nederlanders waren. Wat betekende hun handelen voor Nederland? We kregen een rapport waarin iedereen elkaar de verantwoordelijkheid in de schoenen schoof. Het was een enorme hoeveelheid feiten waar de waarheid achter schuilging. Nederland had behoefte aan een oordeel en niet aan die merkwaardige onpartijdigheid."

Over het waarom Nederland het liefst alles over Srebrenica wil vergeten wijst Runia, net als Klep, naar het poldermodel. "We werden in die tijd rond de genocide geregeerd door Paars, dat het ontwijken van confrontaties tot ideologie had verheven. Er werd gestreefd naar het haalbare, er werden tot in het oneindige compromissen gesloten. Maar met de Bosnisch-Servische leider Mladic viel geen compromis te sluiten."

Slappe houding
Volgens Runia gingen het leger en de leiding met een verkeerde instelling naar het conflictgebied. De belofte was dat Dutchbat de moslims zou beveiligen tegen aanvallen van Servisch-Bosnische zijde, zo stelt de historicus. "Die belofte hebben we niet gehouden. Waar het leger een streep in het zand had moeten trekken, werd getracht te praten. Mladic ergerde zich rot aan die slappe houding en gedroeg zich daardoor nog wreder."

Runia erkent dat Dutchbat zeer licht bewapend was en militair geen vuist kon maken tegen de tanks van Mladic. "Daar eindigt het verhaal echter niet. De officiële strategie was: 'afschrikken door aanwezigheid', maar op het moment suprême vergat Nederland volgens die strategie te handelen. De uitzichtposten dropen af toen Serviërs zeiden dat ze moesten oprotten. Dutchbat had roadblocks kunnen opwerpen, ze hadden desnoods zelf midden op de weg kunnen gaan staan."

"Mladic voelde dat de Nederlanders dat niet durfden en maakte daar gebruik van. Jazeker, bij het bieden van weerstand hadden doden kunnen vallen. Als je dat risico niet wil lopen, heb je in het leger niets te zoeken."

Gerehabiliteerd
Net als Runia denkt Klep dat het boek Srebrenica nog lang niet is gesloten, al wekt de overheid voortdurend de indruk dat ze klaar is met het onderwerp. Aan de slachtoffers zijn excuses gemaakt en tegelijkertijd is Dutchbat in 2005 door de toenmalige minister van defensie, Henk Kamp, gerehabiliteerd.

We werden in die tijd rond de genocide geregeerd door Paars, dat het ontwijken van confrontaties tot ideologie had verheven

Eelco Runia

Een landbouwcoöperatie in Kravica, waar 1000 tot 1500 executies werden uitgevoerd. © reuters

Klep: "Er zijn misschien fouten gemaakt, maar Dutchbat was aan de genocide niet schuldig. Die heeft zijn best gedaan, zo stelde Kamp. De nabestaanden kunnen zo geen kant op. Dat blijft een gevoel van ongemak geven."

Dat de geschiedenis nog niet is afgelopen, bewijst volgens Klep ook de documentaire die VPRO/Human vorige week uitzond, waarin documenten werden getoond die moesten bewijzen dat de regeringen van de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië met elkaar hadden afgesproken geen luchtsteun te geven aan Dutchbat. "Het is een nieuw stukje van de puzzel, maar er zijn nog wel honderd vragen waar geen antwoord op is. Ook in de kwestie rond het niet geven van luchtsteun is het laatste woord nog niet gesproken."

Runia heeft weinig goede woorden over voor de documentaire en het commentaar van oud-minister Joris Voorhoeve. "Het zijn nu de Amerikanen die het hebben gedaan, zo was de teneur. Wij waren klein en de grote landen hebben met elkaar bekokstoofd om Nederland te laten barsten. Eigenlijk zijn de Nederlanders de slachtoffers. Schei uit zeg."

Zelfbeeld
Aan de houding van Nederlanders als wereldverbeteraars en mensen die met het vingertje klaar staan, is volgens Runia nog weinig veranderd. "We voeren internationaal nog het hoogste woord, zitten graag aan belangrijke vergadertafels en worden graag serieus genomen. We doen daarom nog steeds mee aan vredesmissies, zo lang er een goede exit-strategie is."

Klep is over dat zelfbeeld minder cynisch dan Runia. "We hebben in Srebrenica wel degelijk ons lesje geleerd, hoor. Het leger heeft sinds 1995 goed in de spiegel gekeken en zich gerealiseerd wat het wel en wat het niet kan. De Tweede Kamer weet dat ook en er zijn andere procedures gekomen. Het is duidelijk dat we veel terughoudender zijn."

Klep en Runia zijn het erover eens dat Srebrenica een gitzwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis is. De suggestie dat aan de gebeurtenissen wellicht een grijze kleur gegeven kan worden, omdat het de Bosnische Serviërs waren die de moorden pleegden, wijzen zij beslist van de hand.

Klep: "Nederlandse militairen hebben beloofd dat ze de Bosnische moslims zouden beschermen en dat hebben zij niet gedaan, waardoor achtduizend mensen werden gedood. We hebben honderden mensen van de compound gestuurd. Dat kan echt geen grijs meer zijn."

Runia: "We hebben inderdaad niet zelf de trekker overgehaald, maar dat pleit ons niet vrij. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben wij ook niet massaal Joden vermoord en toch is '40-'45 een pikzwarte periode voor Nederland."

Er zijn nog wel honderd vragen waar geen antwoord op is. Ook in de kwestie rond het niet geven van luchtsteun is het laatste woord nog niet gesproken

Christ Klep

Deel dit artikel

Jongeren, maar ook veertigers, hebben geen idee hoe het zit. Het besef dat Srebrenica te gruwelijk is voor woorden, vind ik maar zelden terug

Eelco Runia

Het is zo typisch Nederlands om pijnlijke zaken weg te polderen. In dat beeld past ook perfect het bevorderen van Thom Karremans tot kolonel

Christ Klep

We werden in die tijd rond de genocide geregeerd door Paars, dat het ontwijken van confrontaties tot ideologie had verheven

Eelco Runia

Er zijn nog wel honderd vragen waar geen antwoord op is. Ook in de kwestie rond het niet geven van luchtsteun is het laatste woord nog niet gesproken

Christ Klep