Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het stille verdriet van Boris Orlov

Home

Esther Scholten

Ooit was hij als bondscoach turnen de trots van de Sovjet-Unie. Nu voelt hij zich als 'twee oude schoenen' afgedankt door de Nederlandse bond. Boris Orlov accepteert de loop van het leven. ,,Hier heb ik geleerd dat niet alle problemen op te lossen zijn.'' Het vechten voorbij.

Bij het betreden van de verlaten parkeerplaats groeit de nieuwsgierigheid naar Boris Orlov. De sneeuw herbergt slechts enkele voetafdrukken. De Rus is een toptrainer zonder publiek, al jaren.

Zijn bevlogenheid is beroemd, zijn staalblauwe ogen zijn berucht. Orlov verstaat de kunst van het zwijgen. Een verkeerde vraag beantwoordt hij met een doordringende blik. De man die begin jaren tachtig triomfen vierde als bondscoach van de Sovjet-Unie straalt zoveel rust uit dat hij een natuurlijk overwicht heeft op anderen.

De vrolijk beschilderde deur van de turnhal fungeert als de poort naar zijn wereld. Regelmaat regeert. De koffieautomaat vraagt steevast om een kwartje. De brug met de ongelijke leggers staat altijd klaar. De klok kent geen genade. Orlov heeft zijn eigen waarheid gecreëerd. Alles goed? Altijd. Toch zegt hij geen gelukkig mens te zijn.

Binnen is de gure wind snel vergeten, het krantenbericht van de voorbije week niet. 'De Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU) heeft besloten het contract met turncoach Boris Orlov niet te verlengen.' Geknakte trots in zestien woorden.

Een vriendelijk gezoem doorbreekt de stilte. Met de thermostaat op dertig beweegt een eenzaam figuur zich over het tapijt. De rug is gebogen. Voor even. Spierwit is de kleur van het lange, sluike haar dat zijn gezicht omhult. Orlov (54) laat zich niet snel kennen. ,,Ik wil niet zeuren, anders ben ik over een kwartier oud.''

Hij is aan het stofzuigen. Jawel. Een hobby noemt hij het. De lachrimpels rond de ogen zijn misleidend. Hij meent het. ,,In tegenstelling tot het turnen is bij schoonmaken snel resultaat zichtbaar. Dat vind ik mooi. Bovendien krijg ik ervoor betaald. Ik moet toch ook leven. Mijn auto zuipt benzine.''

Orlov heeft zich neergelegd bij de realiteit. Vroeger in Rusland was alles anders. Toen vocht hij als hij ergens niet tevreden mee was. Inmiddels weet hij beter. ,,In Nederland heb ik geleerd dat niet alle problemen op te lossen zijn.''

Overleven zit in zijn instinct. Dus ontwikkelde hij de filosofie van de oogkleppen. Die komt hem dezer dagen goed van pas. ,,Er bestaat een verschil tussen kijken en zien. Oeps, denk ik als ik om mij heen kijk, en nog eens oeps. Wat kan ik er aan doen? Niets. Daarom zie ik mijn problemen niet. Ze bestaan niet. Vanaf juni moet ik weg van de KNGU. Mijn laatste ontslag. Ook dat zie ik niet.''

Gesol met een wereldcoach. Orlov leidde Olga Bitsjerova in 1981 naar de wereldtitel. In 1986 kwam hij naar Nederland. Vier jaar lang was hij hoofdtrainer op het internaat Papendal. In juni 1993 volgde een tumultueus vertrek naar Stuttgart. Geldzorgen en de weigering van steeds meer clubs om talenten af te staan aan zijn nationale selectie lagen ten grondslag aan de eerste breuk.

Een bondscrisis volgde, waarbij in 1994 het voltallige bestuur werd weggestuurd door de ledenvergadering. De nieuwe bobo's vroegen Orlov terug 'als natuurlijke leider boven de andere trainers'.

Rustig werd het nooit. In gebrekkig Nederlands: ,,Ik was Rus en ik blijf Rus. Ik zeg wat ik denk en ben nooit voorzichtig. Iemand is voor mij een vriend of hij is voor mij niemand. In Nederland is alles vriendelijk, alles gaat met een lach, alles moet netjes zijn. Maar eerlijkheid wordt weleens vergeten.''

Een voorstander van de recente decentralisatie is hij nooit geweest. Sinds vijf jaar vindt de opleiding van talenten per regio plaats. Nationale trainingen zijn afgeschaft. Volgens Orlov heeft alleen intensieve begeleiding, in groepsverband, succes. De bond redeneert anders: door talenten dichter bij huis te laten trainen, moet topturnen voor een bredere groep bereikbaar worden.

Orlov zucht. Hij ziet het nut niet van achterom kijken. ,,Ik ben geen jongetje meer en heb geleerd niet tegen de wind in te pissen. Tijdens de discussie heb ik ook bla-bla gezegd. Ik was tegen. Nu is de beslissing allang genomen. Klaar. Ik accepteer dat.''

,,In Nederland heerst democratie. Iedereen bemoeit zich overal mee. Bijna elke trainer is bestuurslid, terwijl een trainer in de zaal moet werken. Een bestuur moet sturen, als het dat kan. Nee, ik geef mijn mening over de turnbond niet. Ik heb immers beloofd niet te zeuren.''

De lach is spottend en cynisch tegelijk. ,,Ik ben pessimistisch, maar dat is niet erg. In mijn optiek zijn pessimisten optimisten met meer verstand en ervaring. Eerst was ik bondstrainer, toen steunpunttrainer en nu dan clubtrainer. Grappig is anders. In Nederland bestaat er geen club die een fulltime trainer kan betalen.''

Het stille verdriet van Boris Orlov. De KNGU heeft bij monde van Peter Weel haar verkooppraatje klaar. Er zou geen sprake zijn van ontslag. Als in juni het huidige contract van Orlov afloopt, moet de Nijmeegse club De Hazenkamp - waar hij nu al dagelijks werkt - het overnemen. ,,In feite is de kwestie alleen een overgang van het formele werkgeverschap, wat ons betreft.'' Orlov weet wel beter. ,,De waarheid van deze woorden is nul komma nul.''

De timing van de bond is ongelukkig. De sport zit eindelijk weer in de lift. Voor het eerst in acht jaar mocht Nederland met een team - 'voor vijftig procent mijn meisjes' - deelnemen aan een WK. De veertiende plaats in Tianjin, twee maanden geleden, was meer dan verdienstelijk. Orlov, desondanks somber: ,,Turnen opbouwen kost jaren, kapotmaken kan meteen.''

Natuurlijk wil hij graag in Nederland blijven. Zijn werk is nog niet af. De Olympische Spelen zijn altijd het doel geweest. ,,Maar ik ben geen asielzoeker. De sfeer rond mijn persoon vind ik niet leuk. Als ik nodig ben voor het turnen, dan blijf ik hier. Vindt men van niet, dan niet.''

Deel dit artikel