Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het is tijd voor een leerstoel over dawa

Home

door Mohamed Ajouaou

De AIVD heeft het begrip 'dawa' onder een groot publiek bekendgemaakt. Maar over deze islamitische zendingsopdracht kan een scheve, negatieve voorstelling ontstaan.

Vraag aan een minderjarige moslimgedetineerde waarom hij de autoruiten heeft ingeslagen of in die paar huizen heeft ingebroken en de kans bestaat dat hij zegt: ,,Het zijn toch spullen van de kafirs (ongelovigen)''.

De gevangenisimam moet hem vervolgens corrigeren en vertellen dat de koranregel 'geen inbreuk doen op andermans eigendommen' geen onderscheid maakt tussen gelovig en niet-gelovig, dat er geen enkele excuus bestaat om de wet te overtreden, maar ook dat de gedetineerde een verkeerde voorstelling heeft bij het begrip kafir. Kafir is zuiver gezien een neutrale aanduiding voor 'andersgelovig'.

Dit voorbeeld laat zien hoe dringend de noodzaak is dat moslims hun theologische begrippenkader onder de loep nemen en er waar nodig een eigentijdse invulling aan geven. Dat is een belangrijke stap voor de theologische integratie van moslims.

Wat voor kafir geldt, gaat ook voor dawa op. De AIVD heeft de primeur om dit essentiële begrip in zijn onlangs verschenen rapport aan het Nederlandse publiek te introduceren. Echter, de inlichtingendiensten belicht dawa eenzijdig. De kans dat een scheve voorstelling wordt ontwikkeld is dan aanwezig.

Wat betekent dawa?

Dawa komt in de Koran voor als 'het uitnodigen tot Gods woord', Gods zendingsopdracht. Aan de andere kant zijn mensen vrij om al dan niet gehoor te geven aan de inhoud. De imams mogen dawa doen. De methode is ook vastgelegd: met wijsheid en goede aansporing.

Dawa heeft zich ontwikkeld langs twee sporen. Het eerste is geloofsbegeleiding door geestelijken, met de daarbij behorende taken zoals verkondiging, raadgeving en pastorale zorg. Ze behoort tot de reguliere inzet van de imams. Het tweede spoor is meer zendingsgericht en vertoont grote overeenkomsten met het christelijke zendings-en missionair werk. Deze dawa wordt gesteund door islamitische regimes en losse moslimgroeperingen, die fanatiek te werk gaan. Hun islam is ultra-orthodox.

Op deze dawa wijst het AIVD-rapport. Het signaleert een dubbele dreiging: groepen die dawa verrichten kunnen agressief worden. En de doelgroep, vaak de jeugd, kan radicaliseren en overgaan tot religieus gemotiveerd geweld. Het rapport draagt ook heel toepasselijk de naam 'Van dawa tot jihad'.

Dawa gaat zijn intrede doen in het Nederlands vanuit de eenzijdige negatieve variant. Terwijl in de praktijk de veel onschuldiger variant wordt toegepast. Deze verwarring kan tot maatschappelijke spanningen leiden. Elke moskee-imam noemt zich namelijk daa'i, oftewel iemand die dawa doet. Bij de Nederlandse Vereniging Imams (NVI) is de functie van dawa statutair vastgelegd. Ook ziekenhuis- en gevangenisimams rekenen dawa tot hun takenpakket. De verleiding is groot al deze mensen onterecht voor opleiders tot djihad uit te maken.

Het begrip dawa kan op brede belangstelling rekenen. Zeker met het oog op de oprichting van een Nederlandse imamopleiding, behoeft het nog nadere uitwerking. Misschien wordt het tijd voor een islamitische leerstoel voor dawa-zaken, naar voorbeeld van de leerstoel zendingswetenschappen aan de TU Kampen.

Deel dit artikel