Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het eten is op en de schuilkelders zijn vol in Oost-Ghouta

Home

Amber Dujardin

Kinderen in Douma zoeken een schuilplaats op. © REUTERS

De Syrische beschietingen gaan door, ondanks de 'catastrofale situatie' voor de bewoners in het oorlogsgebied.

Zware bombardementen, gebrek aan voedsel en overvolle schuilkelders: de inwoners van de Syrische stad Douma zijn de wanhoop nabij. Duizenden mensen leven als opgejaagd wild op straat, en de doden kunnen niet meer worden begraven vanwege de voortdurende luchtaanvallen. Het stadsbestuur sprak gisteren van een 'catastrofale situatie'.

Lees verder na de advertentie
Onze hulpverleners zagen hoe inwoners lichamen onder het puin vandaan haalden terwijl er kinderen toekeken

Inji Sedky, Rode Kruis

Douma ligt in het gebied Oost-Ghouta, vlakbij de Syrische hoofdstad Damascus. Oost-Ghouta wordt al weken gebombardeerd door het leger van president Assad en is afgesneden van de buitenwereld. Terwijl voedsel en water opraken, hebben hulporganisaties grote moeite om het gebied te bereiken. "Meer dan duizend mensen moeten dringend om medische redenen geëvacueerd worden, vooral vrouwen en kinderen", zei Linda Tom, woordvoerder van de VN-organisatie voor humanitaire hulp, tegen persbureau AFP.

De VN waarschuwt dat de bevolking dreigt te verhongeren als de troepen van Assad geen nieuwe humanitaire konvooien toelaten. De laatste hulpgoederen bereikten het rampgebied vorige week. Het Internationale Rode Kruis leverde voedselpakketten voor 27.000 mensen, maar dat is volgens de hulporganisatie een druppel op een gloeiende plaat.

Volgens de VN-organisatie voor kinderrechten Unicef leven er nog altijd zo'n 393.000 mensen in het gebied. Al dateert die schatting van een paar weken terug, zegt woordvoerder Gerrit van den Berg. "Door de beperkte toegang kunnen we geen goede schatting maken. Het aantal zal nu zeker lager zijn door het aantal doden en het extreme geweld."

Hutjemutje

Unicef-hulpverleners vertelden hem dat er voortdurend explosies in Oost-Ghouta te horen zijn. "Mensen durven de straat niet meer op. Ze zitten hutjemutje in kelders. Een vrouw werd net op tijd naar het ziekenhuis gebracht voor haar bevalling. Een dag later zaten moeder en kind alweer in de schuilkelder waar het vochtig en vies is."

Veel kinderen in het gebied zijn ondervoed, zegt Van den Berg. Een hulpverlener hoorde van een 8-jarig jongetje dat hij die dag alleen een bordje pap had gehad met wat suiker, en de dag ervoor een bordje rijst. "Hem konden we gelukkig helpen, maar veel andere kinderen niet. Dat is een zeer frustrerende situatie."

Hoewel er officieel een tijdelijke wapenstilstand geldt in Oost-Ghouta, trekt het Syrische leger zich daar weinig van aan. De regering wil het rebellenbolwerk tegen elke prijs in handen krijgen en noemt de operatie in het gebied een 'voortzetting van de strijd tegen terrorisme'.

Door het aanhoudende geweld zijn sinds midden februari zeker 1100 burgers omgekomen, meldt het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten. "Onze hulpverleners zagen hoe inwoners lichamen onder het puin vandaan haalden terwijl er kinderen toekeken", zegt Inji Sedky van het Rode Kruis in Damascus. "Ze zijn doodsbang en voelen zich opgesloten in een conflict waar ze niets mee te maken hebben."

Lees ook:

Oost-Ghouta is bijna weer onder controle van de Syrische regering. De overgebleven rebellen krijgen nu de kans om te vertrekken.

Deel dit artikel

Onze hulpverleners zagen hoe inwoners lichamen onder het puin vandaan haalden terwijl er kinderen toekeken

Inji Sedky, Rode Kruis