Hans Jansen (1942-2015): van brave arabist tot vurig polemist

home

Ivo Barends en bewerkt door redactie

Hans Jansen in het Europees Parlement. © anp

Arabist en PVV-politicus Hans Jansen is vanochtend op 72-jarige leeftijd na een kort ziekbed overleden. Dat hebben zijn familie en zijn uitgever René van Praag bekendgemaakt.

Jansen, sinds juni 2014 lid van het Europees Parlement voor de PVV, werd afgelopen zondag getroffen door een herseninfarct. 'Na een dappere eigenwijze strijd met humor en tederheid is hij vandaag rond 11.00 uur overleden, omringd door zijn familie', meldt de familie in een door zijn uitgever verspreid persbericht.

In 1974 promoveerde hij op een proefschrift over koraninterpretatie, en was de polemische Jansen, die de afgelopen vijftien jaar regelmatig in de media van zich liet horen, nog niet geboren.

"Westerse arabisten beschouwen zich in die periode als bruggenbouwers, wetenschappers die misverstanden over de islam moeten wegnemen en het geloof toegankelijk moeten maken voor leken", schreef Ivo Barends vorig jaar in een profiel in Trouw.

Keerpunt Egypte
Ook Jansen past nog binnen die omschrijving, als hij eind jaren zeventig een baan krijgt als directeur van het Nederlands Instituut in de Egyptische hoofdstad Caïro. Maar op 6 oktober 1981 gebeurt er iets dat zijn visie op de islam zou veranderen: tijdens een parade wordt de Egyptische president Sadat doodgeschoten door terroristen. Jansen doet onderzoek naar de ideologie en theologie van de moordenaars en hij schrikt. De arabist leert de donkere, radicale kant van de islam kennen. Bij zijn vertrek uit Caïro zegt Jansen onomwonden dat zijn sympathie voor de islam is afgenomen.

Na zijn verblijf in Egypte blijft Jansen wetenschappelijk onderzoek doen naar de islam, hij schrijft een stevige biografie van Mohammed en maakt een gezaghebbende bewerking van een veelgebruikte Koranvertaling. Op de universiteiten van Leiden en Groningen is hij een gewaardeerd docent die voortreffelijke colleges vol humor geeft

Hij publiceert veel, in tijdschriften, kranten en is - zeker na de aanslagen van 11 september 2001 en het oplevende islamdebat - een veel geziene gast in talkshows. Maar bij collega's roept Jansen ook weerstand op, door de vele vraagtekens die hij bij de fundamentalistische islam zet.

Eind aan de politieke correctheid
Het is de moord op Theo van Gogh, op 2 november 2004, die Jansens visie op de islam definitief doet kantelen. "Toen is aan mijn politieke correctheid een einde gekomen", zou hij later zeggen over de dood van de filmmaker, die hij persoonlijk kende. Vanaf dat moment gaat Jansen de islam steeds meer als een gevaar zien - ook in Nederland. In felle debatten verwijt de temperamentvolle arabist zijn collega's dat ze alles door een roze bril zien, en niet de juiste bronnen hanteren in hun onderzoeken.

In het boekje 'Islam voor varkens, apen, ezels en andere beesten' (de titel ontleent hij aan de Koran, die christenen en Joden met deze dieren vergelijkt) beantwoordt Jansen honderden vragen over de islam. Ongezouten legt hij uit hoe radicaal en gevaarlijk de sharia is, en vertelt hij hoe de sharia aanknopingspunten biedt voor terreur.

Maar critici missen nuance en onderbouwing in zijn betoog. En Jansens collega's krijgen er weer van langs in het boek uit 2008: 'De meeste westerse hoogleraren die de islam in hun portefeuille hebben praten graag mee met de moslims, hoe reactionairder en multicultureler, hoe beter. Het is pure misleiding, waarbij zelfs boze opzet niet altijd moet worden uitgesloten, zij het dat onnozelheid natuurlijk zoals overal gewoner is.'

In 2014 zette definitief hij de stap naar de politiek, en stelde hij zich voor de PVV kandidaat voor het Europees Parlement, waarin hij ook verkozen werd.

Essays
Jansen publiceerde veel in kranten, ook in Trouw. Zijn meest recente bijdrage aan het katern Letter & Geest dateert van mei 2014: 'Het wankele fundament van de ware Mohammed'. "Dat de biografieën van Mohammed groot gezag genieten onder moslims is logisch. Maar dat westerse academici ze ook serieus nemen als historische bron, is onbegrijpelijk", opent Jansen zijn essay.

Omstreeks 1990 kreeg arabist Hans Jansen hoog bezoek. Drie heren uit Iran meldden zich in zijn werkkamer aan de Leidse universiteit. "Bent u dus bereid deel te nemen aan de strijd tegen deze Rushdie?" In 2009 haalde Jansen zijn herinnering aan deze bizarre ontmoeting op in 'De ayatollah, de diplomaat, en de bodyguard', ook gepubliceerd in Letter & Geest.

De tekst van deze necrologie is grotendeels overgenomen uit het profiel dat Ivo Barends vorig jaar van Hans Jansen schreef, bij gelegenheid van zijn overstap naar de politiek.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie