Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Groen lijdt in China onder crisis

Home

Marije Vlaskamp

Straatvegers zijn in Peking aan het werk tijdens zware smog. Die overschrijdt ruim de normen van de Wereldgezondheidsorganisatie. © Reuters

Vier mannen van middelbare leeftijd solderen lampjes aan microchips. Die chips, lichtgewicht luchtvervuilingsmetertjes, bevestigen ze aan vliegers. Zo kunnen ze 's avonds aan de kleur van de lichtjes zien dat het vandaag een dag met 'gemiddelde' smog is. "Voor dertig euro bouw je je eigen luchtvervuilingsmeter", leggen ze uit.

Vliegers zijn discreet - Chinezen vliegeren graag en zodra er een zuchtje wind is deinen er allerlei vliegers boven de parken, dus een zwevend luchtvervuilingsmetertje valt niet op. Meedoen met het vliegerproject is gratis, maar na intense belangstelling van de autoriteiten houdt de organisatie zich wat op de achtergrond. Luchtvervuiling ligt gevoelig: pas sinds begin dit jaar maakt de gemeente Peking de hoeveelheid fijnstof in de lucht bekend. Dat doet de milieudienst omdat de Amerikaanse ambassade via Twitter zijn eigen meldingen doet - met kwalificaties zoals 'krankzinnig vervuild'.

Nergens in de wereld is de lucht zo vervuild als in de Oost-Chinese steden. Uitlaatgassen van auto's en de steenkoolindustrie veroorzaken gemiddeld honderd dagen per jaar smog. Die overschrijdt met gemak de normen van de Wereldgezondheidsorganisatie.

Het recente bericht dat de gemiddelde Chinees inmiddels net zoveel CO2-uitstoot als de Europeaan komt niet onverwacht. China was al jarenlang goed voor een schrikwekkende absolute CO2-uitstoot, alleen bleef de emissie per hoofd van de bevolking tot een paar maanden geleden keurig onder het westers gemiddelde. Met dat argument wijst China bindende emissiebeperkingen van tafel. Peking vindt dat de 'arme bevolking' nog eeuwen uitstoot te goed heeft van rijke, autorijdende consumenten in het geïndustrialiseerde Westen. Een historisch recht op economische groei en vervuiling dus, al verduurzaamt China de keuze wel met indrukwekkend beleid voor productie en gebruik van duurzame energiebronnen. China sloeg een unieke, grijsgroene weg in, totdat de eerste financiële crisis in 2008 de overheid dwong tot een miljardenimpuls. Groei van het bruto nationaal product ging voor alles: de tere spruiten van de groene economie leverden lagere groeipercentages op dan de traditionele industrie. "De motor moest blijven draaien en dat deed de overheid door gigantische investeringen in wegenbouw, onroerend goed en zware industrie. Stuk voor stuk energieverslindende sectoren", aldus Li Yan, energiespecialist van Greenpeace.

De overheid bouwde bijvoorbeeld nieuwe snelwegen. Tegelijkertijd begon de autoindustrie kleine, goedkope autootjes uit te braken; de Chinees is de auto min of meer ingejaagd. De weliswaar zuinig rijdende wagentjes staan nu bij miljoenen te walmen op verstopte wegen.

De nieuwe groene economie lijdt onder de crisis. De industrie van zonnepanelen moet het hebben van export, maar omdat de vraag vanuit Europa terugloopt, balanceert de sector op het randje van een faillissement, zegt Li Yan. "Om zonne-energie in leven te houden moet China zelf die panelen gaan gebruiken. Het potentieel voor zonne-energie is enorm, maar dan moet de installatie van panelen in Chinese steden stevig worden gestimuleerd."

Dat kan alleen door een politieke keuze, en die wordt niet gemaakt. De politieke wil voor groen wordt verlamd door een machtsoverdracht aan een nieuwe generatie in de Communistische Partij. Tot die is voltooid heeft de regering wat betreft nieuw beleid maar één devies: stapje vooruit, trap op de rem, weer gas geven met het doel de economische motor aan de gang te houden. Daarbij is zwaar vervuilende steenkool - goed voor 70 procent van China's energie - een veilige keuze bij uitstek voor voorzichtige beleidsmakers. Daarom hebben producenten van windenergie het ook zwaar. Die boksen op tegen een onwillige monopolist, het staatsenergiebedrijf, dat de schone energie niet aansluit op het netwerk, omdat er toch genoeg energie van kolencentrales is.

Zwarte keuze

Er ligt een concept-besluit klaar dat een forse verhoging belooft van het aandeel van duurzame energiebronnen in China. Maar het besluit wacht al maanden op goedkeuring van de centrale overheid. Oorspronkelijk was in het huidige vijfjarenplan afgesproken dat in 2015 5 gigawatt van de energiebronnen duurzaam zou zijn, maar deze nota verhoogt dat tot maar liefst 21 gigawatt.

Ondertussen krijgt steenkool in het vijfjarenplan ruim baan: in West-China worden zestien 'steenkoolbases' - van mijnen, tot elektriciteitscentrales, tot chemische industrie - neergezet, die samen goed zijn voor 3,9 miljard ton steenkool - en even zoveel uitstoot van CO2. Deze nieuwe vervuilers worden uitgerekend gebouwd in provincies die nu al regelmatig 'rood licht' scoren op de milieumeter van de Nationale Ontwikkelings- en Hervormingscommissie. Greenpeace: "Of het nu om uitstoot of andere milieugevolgen zoals een aanslag op de schaarse watervoorraden gaat, die provincies hebben waarschijnlijk alleen gekeken of de fabrieken gebouwd kunnen worden, en niet of het verstandig is om ze te bouwen."

Greenpeace maakt zich geen illusies: die steenkoolbases komen er. De enige hoop is 'fine tuning', een term die in China vaak gebruikt wordt voor het bijstellen van voorgenomen beleid. Bijvoorbeeld door vermindering van het aantal kolencentrales.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie