Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Godsdienst mag weer in de literatuur

Home

Wilfred van de Poll

Hoe beleven moderne Nederlandse schrijvers religie in hun werk? In zijn pas verschenen boek ’Nederlandse schrijvers en religie 1960-2010’ gaat literatuurwetenschapper en recensent Jaap Goedegebuure in op die vraag. Een interview aan de hand van citaten.

Eigenlijk geloof ik niets en twijfel ik aan alles, zelfs aan U.

’Het begon met een eenling”, zegt Jaap Goedegebuure. „Zonder Gerard Reve is het religieuze reveil in de vaderlandse letterkunde van de afgelopen decennia ondenkbaar. Niet dat religie opeens alomtegenwoordig is, maar het mág weer. In de jaren zestig leek zo’n herleving allerminst ophanden. Religie was uit de literatuur gebannen en zou spoedig helemaal verdwenen zijn. En juist in dat klimaat bekeerde Gerard Reve zich tot het katholicisme.

„Zijn bekering was volstrekt origineel. Er is niemand die hem over de streep trok. De enige die hem heeft beïnvloed, zou je kunnen zeggen, was de psycholoog Carl Gustav Jung. Voordat Reve ’De Avonden’ schreef, was hij in therapie bij een jungiaanse psychiater. Reve dacht mythisch en Jung was toentertijd de enige psycholoog die een serieuze belangstelling had voor mythologie.

„Reve koppelde zijn religieuze beleving sterk aan zijn homoseksualiteit. Dat was ongehoord en scandaleus. Hij werd daarom totaal niet serieus genomen door collega’s en literaire critici, die in zijn bekering op zijn best een reclamestunt zagen. Ook familie en kennissen vonden hem een idioot. Toegegeven, er zát ook een flinke steek los aan Reve. Zijn sadomasochistische kant stoot nog steeds mensen af. Maar een pias vindt niemand hem meer. De schrijvers die ik in mijn boek bespreek, bewonderen hem stuk voor stuk. Hij was hun wegbereider.”

Er is geen grotere eenzaamheid dan de taal.

„Hoewel Frans Kellendonk door Reve is beïnvloed, is hij toch een totaal ander type. Was Reve één bonk hartstocht en woestheid, Kellendonk was beheerst, gereserveerd, afstandelijk. Bij hem primeerde de rede. Die belette hem ook om echt te kunnen geloven. Kellendonk zei dat hij een ’leemte in de schepping zag, waarin God mooi zou passen’. Maar ja, de wetenschap heeft van die God niet zoveel heel gelaten. Met zijn hart verlangde Kellendonk naar het geloof, maar zijn verstand sloot de toegangsweg af.

„Zijn oplossing is een vlucht in de taal. Zoals een roman bestaat bij gratie van the willing suspense of disbelief, zo is dat bij bijvoorbeeld de eucharistie ook, zei Kellendonk. Zolang het ritueel duurt, is het reëel. God als heilzame fictie, die woont op de gezangen van zijn volk. Letterlijk.

„Toch, en dat is de tragiek van Kellendonk, blijkt taal ontoereikend om de kloof tussen hart en hoofd te overbruggen. Of tussen het ik en de ander. Je kunt niet één worden met jezelf, en ook niet met een medemens. Laat staan met God, als die al zou bestaan. Die tragiek schemert overal in Kellendonks werk door. Zijn hoofdpersonen, het zijn geïsoleerde figuren, en blijven dat ook. Eenzaam – van taal.”

Wij zwijgen van wie we niets weten.

„Taal schept afstand; wie werkelijk God ervaart, die zwijgt dan ook. Dat is de richting die Anton Ent – een nom de plume voor Henk van der Ent – is ingeslagen.

„Van der Ent, van huis uit gereformeerd, is een eigenaardige man. Hij heeft ook onder een vrouwelijk pseudoniem geschreven, Marieke Jonkman. Die liet hij allerlei shockerende dingen zeggen over incest, verkrachting en vrouwelijke seksualiteit.

„Juist vanwege die gespletenheid vind ik Van der Ent zo interessant. Die heeft hij namelijk ook als gelovige. Net als Kellendonk wil hij wel geloven, met zijn hart, zijn gevoel, maar lukt het hem niet de bedenkingen van de rede overboord te zetten. Van der Ent is nooit van zijn geloof gevallen en gaat zondags trouw ter kerke. Tegelijk realiseert hij zich dat je de kerkelijke dogma’s of de Bijbel niet letterlijk kunt nemen. Hij is een chronische twijfelaar.

„Maar anders dan Kellendonk vlucht Van der Ent juist weg van de taal. De mystieke stilte in. Hij is erg beïnvloed door de middeleeuwse mysticus Meister Eckhart, die in de traditie van de negatieve theologie staat. ’Ik bid God dat hij mij van God verlost’, schreef Eckhart. Daarmee drukte hij het besef uit dat alles wat mensen over God zeggen menselijke projectie is. Dat onderschrijft Van der Ent, en in zijn poëzie doet hij via de taal een poging te ontsnappen aan de taal. The only way out is through.”

Het gaat er om dat je leert denken met je hart en voelen met je verstand.

„Afkomstig uit een joods gezin is Andreas Burnier – pseudoniem van Irma Dessaur – seculier opgevoed. Ze studeerde criminologie en schreef een extreem rationalistisch proefschrift. Toch had ze steeds minder vrede met die eenzijdig verstandelijke houding. Ze wist van jongs af aan dat ze ook religieus was aangelegd. Net als Reve begon ze zich met Jung bezig te houden. Die werd een inspiratiebron voor haar.

„Burnier was een van de eerste intellectuelen die Reve als religieus dichter en schrijver openlijk bewonderden. Eind jaren zestig al, kort na Reve’s bekering, beschreef ze hem als ’Een postbode van bovenzinnelijke schoonheid’.

„Op latere leeftijd heeft Burnier zich op het boeddhisme georiënteerd. En ten slotte, toen ze dat alles achter de rug had, is ze teruggekeerd naar het jodendom.

„Op zeer hoge leeftijd, ze was de zestig al voorbij, is ze Hebreeuws gaan studeren, en zich gaan verdiepen in Thora en Talmoed. Op de sabbat bezocht ze de synagoge. Na lange omzwervingen was ze thuisgekomen.

„Voor de meeste mensen zijn hart en verstand polariteiten. Burnier wilde ze bij elkaar brengen en liet ze stuivertje wisselen: denken met je gevoel en voelen met je verstand. Dat is wat een religieus leven voor haar betekent: dat je de twee kanten van je persoonlijkheid leert integreren.

„En ik denk dat dit haar, als enige van de vier schrijvers die hier genoemd zijn, ook daadwerkelijk is gelukt. Frans Kellendonk heeft naar het geloof verlangd, maar wist dat het niet haalbaar was voor hem. ’Ik heb de gave des geloofs niet gekregen’, zei hij, ’ik ontbeer het talent’. En hoewel Henk van der Ent het gereformeerde geloof der vaderen belijdt, zoekt hij een ontsnappingsweg in de mystiek. Hij ontvlucht de rede. Allebei ontkomen ze dus niet aan het dilemma van verstand en gevoel: bij Kellendonk wint de rede het, bij Van der Ent de ervaring.

„Ook Reve ontsnapt niet aan de tweespalt, hoewel hij meer aanleg had voor religie dan Kellendonk of Van der Ent. Hij was van nature geneigd tot spiritualiteit, maar ervoer wel degelijk een conflict met de rede. Zijn wapen was de ironie: in alles wat hij schreef, stak hij tegelijkertijd ook de draak met wat hij schreef.

„Burnier had die ironie niet nodig. Misschien omdat ze een vrouw is. Misschien is het vrouwen wel gegeven, en mannen niet. In mijn boek heb ik die conclusie niet getrokken, maar nu we erover praten, valt het me op dat de vrouwelijke schrijvers in mijn boek er nog het beste in slagen rede en gevoel te integreren. ’Een man moge veel weten’, schrijft Reve in een van zijn brieven, ’maar een vrouw begrijpt alles’.”

Lees verder na de advertentie
(Trouw)



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie