Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Gisteren zag ze kinderen sterven, vandaag werd Marie Colvin zelf gedood in Homs

Home

Sacha Kester

Marie Colvin op het Tahrirplein in Caïro. © EPA

'Het is gevaarlijker dan ooit om oorlogsverslaggever te zijn', zei Marie Colvin in 2010 tijdens een herdenkingsdienst voor journalisten die tijdens hun werk om het leven zijn gekomen. Maar omdat de wereld wél moet weten hoe de oorlog er uit ziet, bleef de Amerikaanse journaliste Colvin zelf naar conflictgebieden reizen. Vandaag werd zij, samen met de Franse fotograaf Remi Ochlik, gedood in de Syrische stad Homs.

Colvin (die werkte voor de Britse krant The Sunday Times) en Ochlik verbleven in een huis dat door Syrische regeringstroepen met mortieren onder vuur werd genomen. Toen ze probeerden weg te komen, werden ze geraakt door een raket, zo meldt persbureau Reuters.

Het huis in de wijk Baba Amr werd door activisten en journalisten gebruikt werd als mediacentrum. De tuin werd door diverse raketten getroffen. Twee andere buitenlandse journalisten, de Franse verslaggeefster Edith Bouvier van Le Figaro en de Britse fotograaf Paul Conroy van The Sunday Times, raakten gewond.

Colvin was een opvallende verschijning vanwege haar ooglapje. In 2001 verloor zij op Sri Lanka een oog nadat ze door granaatscherven was geraakt.

Infuus aan een kleerhanger
Gisteren nog, vertelde ze aan de BBC wat er in Homs gebeurde. 'Ik was in een kleine kliniek, nou ja, zo kun je het eigenlijk niet noemen want het is een gewoon appartement waar gewonden worden opgevangen, met infusen die aan kleerhangers zijn bevestigd. Hier zag ik een baby sterven. Een kind van nog geen twee jaar oud had een granaatscherf in de borst gekregen. De dokter zei dat hij niets kon doen. Je zag zijn kleine buik steeds langzamer op en neer gaan totdat hij dood was.'

'Zo gaat dat hier de hele dag door. Niemand begrijpt hoe de internationale gemeenschap dit door kan laten gaan. Er wonen 28.000 mensen in deze wijk, en ze zitten hier alleen maar omdat ze niet weg kunnen. Het leger laat hen niet gaan, en schiet onophoudelijk op de woningen. En ja, het Vrije Syrische Leger is er ook, maar ze zijn slecht bewapend en zeker 80 procent van de slachtoffers die ik heb gezien, zijn gewone burgers. (...) Granaten, raketten en geschut van tanks slaan onophoudelijk neer op deze stad.'

In een artikel in de The Sunday Times van afgelopen zondag, beschreef Colvin hoe de burgers van Homs wachtten op 'een slachting'. 'De menselijke tragedie is immens. De bewoners kunnen geen kant op en leven in constante angst. Bijna elke familie lijkt iemand te hebben verloren.'

Al honderden jaren hetzelfde
In 2010 vertelde Colvin op een herdenkingsdienst over de gevaren van het werken in een oorlog. 'Ondanks alle video's van het Ministerie van Defensie of het Pentagon, en ondanks alle mooie bewoordingen waarin precisiebombardementen worden beschreven, ziet het slagveld er al honderden jaren hetzelfde uit. Kraters. Verbrande huizen. Verminkte lichamen. Moeders die huilen om hun kinderen en echtgenoten. Mannen die huilen om hun vrouwen, moeders en kinderen.'

'Het is onze missie om dit oorlogsleed eerlijk en zonder vooroordelen naar buiten te brengen. Maar we moeten onszelf altijd afvragen hoeveel risico's we kunnen nemen voor een verhaal. Wat is dapper, en wat is overmoed? (...) Journalisten die berichten over een conflict dragen een grote verantwoordelijkheid en moeten moeilijke keuzes maken. Soms betalen ze hiervoor de ultieme prijs.'

Ervaren en gerenommeerd
Colvin was een ervaren en gerenommeerde oorlogsverslaggever. Ze werkte de afgelopen decennia in onder meer het voormalige Joegoslavië, Oost-Timor, Palestina, Tsjetsjenië en Irak. In 2010 werd ze uitgeroepen tot de beste Britse buitenlandverslaggever.

De omgekomen fotograaf Ochlik, geboren in 1983, deed zijn eerste ervaring op 20-jarige leeftijd op in Haïti. De afgelopen maanden was hij werkzaam in Libië, Egypte en Tunesië. Hij werkte onder meer voor het tijdschrift Time en de krant The Wall Street Journal. Zijn foto van een Libische rebel werd dit jaar onderscheiden door World Press Photo.

Vorige week kwam Anthony Shadid, een journalist van de The New York Times, om het leven door een astma-aanval terwijl hij probeerde Syrië binnen te komen. De Franse verslaggever werd vorige maand in Homs vermoord toen een granaat in het midden van een groep journalisten ontplofte.

De website LiveLeak.com plaatse een filmpje van naar wat volgens het bericht het gebombardeerde media-compound is. Omdat er nauwelijks journalisten aanwezig zijn in Homs, is dat moeilijk te bevestigen. De beelden kunnen als schokkend worden ervaren (en zijn helaas (nog) niet in de apps voor Android en iPhone te zien).

Lees verder na de advertentie
© Getty Images
Remi Ochlik. © ap

Deel dit artikel