Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Gijs Bakker maakt alleen sieraden waarin de mens als lichaam of als individu centraal staat.

Home

door Liesbeth den Besten

Gijs Bakker is misschien wel het meest bekend als een van de oprichters van Droog Design, dat het aanzien van Nederlandse design internationaal veranderde. Maar Gijs Bakker (1942) is ook ontwerper van sieraden, en eigenlijk was dat er het eerst. Het Stedelijk Museum 's-Hertogenbosch (SM's) wijdt nu een overzichtstentoonstelling aan sieraadontwerper Gijs Bakker.

Tegelijkertijd verscheen een monografie met een complete oeuvrecatalogus van al zijn 332 sieraadontwerpen, van de eerste klassieke, gedreven zilveren armband uit 1958 tot aan de conceptuele ring 'You Can't Have It All' uit 2005. Hoewel, compleet? Gijs Bakker is springlevend en houdt voorlopig niet op met werken: “Ik ben volop bezig. Ik hou de nummering uit het boek aan, ik ben nu al bij 337.“

Bakker: “Het idee voor een overzichtstentoonstelling en die oeuvrecatalogus komt van het museum in Den Bosch. Twaalf jaar geleden hadden ze een overzichtstentoonstelling gemaakt van het werk van mijn vrouw (Emmy van Leersum, die in 1984 overleed, LdB). Die tentoonstelling maakte een wereldtournee. Toen wilden ze ook een tentoonstelling en een boek over mijn sieraden. Ik heb niet het gevoel dat ik iets afgesloten heb. Het is juist fantastisch om het allemaal bij elkaar te zien. Je kunt nu echt de ontwikkeling, de samenhang in het verhaal zien.“

Emmy en Gijs waren jarenlang wereldwijd een begrip in Nederland en daarbuiten. In 1966 manifesteerden zij zich als eigenzinnige sieraadontwerpers, toen ze exposeerden bij de avant-gardistische Galerie Riekje Swart in Amsterdam. Bakker: “Wij pasten daar, Ad Dekkers, Bob Bonies, Emmy en ik - het was een omhelzing, wij herkenden elkaar. Nu kijken kunstenaars op sieraden neer. Bij Riekje Swart werd het Stedelijk op ons geattendeerd.“

Een jaar later volgde een tentoonstelling in het Stedelijk Museum, in het kader van een reeks over jonge edelsmeedkunst. Bakker: “Wij kenden die kleine wandvitrines in het museum, onder de trap. Wij waren ergens mee bezig, nog in goud en gevangen in de traditie, maar die uitnodiging om in het Stedelijk te exposeren, gaf een geweldige stimulans en moed. We wilden niet in die wandvitrines, we wilden het anders. Dus hebben we van die enorme kragen zitten maken, van aluminium want het moest licht zijn. We hebben de hele zomer met puimsteen op die dingen zitten schuren. We wilden die kragen tonen op modellen, dat moest gewoon. Het was geen discussie voor ons.“

Zo kwam de eerste modeshow in het museum tot stand, en vanaf dat moment rees hun ster met ongekende snelheid. Binnen enkele jaren werd hun werk tentoongesteld in Londen, op verschillende plekken in Amerika, en op de wereldtentoonstelling in Osaka. Ondertussen werden hun sieraden in eigen land populair onder kunstenaars. Bakker: “In de periode '68 tot '78 droeg iedereen in de kunstwereld die aluminium armbanden van ons. Het was hip. We hebben er veel gemaakt, we zaten op een gegeven moment met drie assistenten armbanden te maken.“

In die periode werden ook de verschillen tussen Gijs en Emmy zichtbaar. Van Leersum concentreerde zich op het vormonderzoek, Bakker had meer ruimte nodig: “Velen zagen mij in de jaren zeventig als een afvallige, vanwege de slab en de profielsieraden (sieraden van staaldraad die het profiel van Emmy of van een ander weergaven, LdB). Maar ik deed altijd al andere dingen, zoals de lepelarmband en de kachelpijpsieraden. Het waren 'prikdingen', soms wel heel letterlijk, om de mensen te prikkelen. Bij alles wat ik doe, staat de mens centraal, als lichaam of als individu.“

Niet alleen werd Bakker als afvallige gezien in het haast 'monotheïstische' Nederlandse sieradenwereldje, ook werd hem verweten dat hij modieus was. Veel mensen vonden het verwarrend, dat hij ook producten ging ontwerpen.

Bakker: “In periodes van minder sieraden hield ik me meer met design bezig. Die afwisseling vind ik heerlijk. Ik heb op sieradengebied niet elke dag wat te vertellen. Maar in de praktijk is het een laboratorium, vaak komen dingen die ik in sieraden onderzoek terecht in producten. Zoals de Knitted Maria van Rosenthal, een theepot met een geglazuurde gehaakte theemuts. Ik vind dat in de sfeer liggen van de Holy Sport broches, waarin je twee verschillende werelden met elkaar confronteert. Ik kan absoluut niet zonder sieraden, zolang ik leef, ga ik daar mee door. Het is zo met mensen verbonden, zo'n rijk gegeven. Ik hou niet van alles wat er omheen zit, maar wel van de betekenis gevende mogelijkheden.“

Sinds de jaren tachtig laat Bakker zijn sieraden uitvoeren door professionele edelsmeden, in nauw overleg met hemzelf. De meeste sieraden worden in oplage gemaakt, tegenwoordig in beperkte edities van maximaal vijf. Daarnaast ontwerpt hij sieraden die in grotere aantallen gemaakt kunnen worden.

Deel dit artikel