Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geluk zit in... een gestolen fiets

Home

Willem Pekelder

© Willem Pekelder
Klein Verslag

Van de week verdween mijn fiets. Zomaar. Binnen vijftien minuten. Het was, achteraf bezien, een groot geluk dat ik niet had willen missen. 

Het begon allemaal op maandagochtend toen er wat tijd overschoot voor mijn afspraak met de mondhygiëniste. Met een krantje van Bruna nestelde ik me in de Stationshuiskamer. Na een kwartier was het krantje uit, de koffie op, en de fiets foetsie.

Lees verder na de advertentie

Nu kan dat laatste in Rotterdam twee dingen betekenen. Óf er is een dief langs geweest óf Stadsbeheer. Snelwandelend naar de mondhygiëniste vermoedde ik het laatste. Ik had mijn rijwiel voor die luttele minuten immers gestald op een plek waar dat niet mocht: op de brommer- en scooterparkeerplaats naast CS. Een blik op internet leerde dat je je eigendom kon terughalen op het zogeheten Fietspunt, helemaal in het oosten van de stad.

Een deftige Gazelle in de schuur en een mooi, nieuw woord in het hoofd: weesfiets

Je moest dan eerst in een online database je verloren voorwerp opzoeken, het bijbehorende registratienummer noteren, een bewijs van eigendom opsnorren, en tenslotte met de hele papierwinkel naar die buitenwijk, waar je 20 euro mocht neertellen om je ingepikte bezit terug te krijgen. Ik dacht: laat dat oude beestje maar, ik koop wel iets nieuws.

Een mooi gebaar

De volgende dag beluisterde een vriend het verhaal en bood spontaan zijn eigen sportfiets te leen aan. Voor zolang als nodig. Een mooi gebaar. Een rijwiel is o zo handig in de binnenstad, en wie weet beviel deze racer wel zo goed dat ik hem zou willen kopen.Uiteindelijk waren de vele versnellingen en het spitse zadel mij net iets té sportief, waarna een tweedehands rijwielzaak in het vizier kwam. Die alras het aanleiding zou geven tot een magistrale flater.

“Goedemorgen mevrouw”, groette ik bij binnenkomst. Een vriendelijke blik ontmoette de mijne, gevolgd door een kalm: “Ik ben geen mevrouw.”

Het gelaat met de zachte trekken, het halflange grijze haar, het elegante vest en shawltje hadden deze rijwielnomade volstrekt op het verkeerde been gezet. Slechte ogen, oude bril, met de gedachten elders, de verkoper hoorde de stroom excuses uit het roodgloeiende gezicht tegenover hem minzaam aan. En sprak daarna slechts één zin: “Ik heb in mijn leven veel meegemaakt.”

Nog altijd bedremmeld, maar met een mooie, mosgroene Gazelle van slechts 200 euro aan de hand verliet ik de plaats delict. Wat had de verkoper waardig en bedaard gereageerd. Helemaal niet beledigd, boos of beschaamd. Alleen maar met een verwijzing naar een, zo te horen, turbulent verlopen leven. Waarschijnlijk wilde de man er meer over kwijt, anders had hij er niet aan gerefereerd. Misschien bij mijn eerstvolgende lekke band?

Genade

Een dag later belde ik de gemeente om te zeggen dat ze mijn stalen ros mochten houden. “Hij wordt maximaal dertien weken bewaard, en daarna is het een weesfiets”, reageerde de ambtenaar van Buitenruimte. Op internet las ik dat de brik dan in de openbare verkoop ging bij een kringloopwinkel.

‘s Avonds overdacht ik hoeveel genade mij met de ‘diefstal’ was toegevallen: een nobele geste van een vriend, een onmiddellijk vergeven blunder, een betaalbare, maar deftige Gazelle in de schuur en een mooi, nieuw woord in het hoofd: weesfiets. Geen grotere vreugde dan een verdwenen vélo.

Lees ook:

Fiets gejat. Moet dochter daarvoor boeten?

Opvoedvraag: afgelopen week werd de fiets mijn 12-jarige dochter op school gestolen. Ze had de sleutels erin laten zitten. Moet zij opdraaien voor de kosten?

Deel dit artikel

Een deftige Gazelle in de schuur en een mooi, nieuw woord in het hoofd: weesfiets