Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geloven kan prima zonder kerk

Home

Emiel Hakkenes

Kinderen worden opgedragen aan God in de Vrije Baptisten Gemeente Bethel in Drachten. Veel Nederlandse kerkgangers vinden dat geloven ook buiten de kerk kan. © Herman Wouters/HH

De plaatselijke kerk is belangrijker dan de landelijke, maar geloven kan ook heel goed buiten de kerk, vinden Nederlandse christenen.

Het is een verzuchting die in de wandelgangen van protestantse synodevergaderingen nog wel eens wil klinken: het (vermeende) gebrek aan interesse in de lokale gemeenten voor wat zich op landelijk niveau in de kerk afspeelt. Het landelijke bestuurswerk voor de kerk zou zich 'ergens in Utrecht' voltrekken in een kantoor waar 'een stelletje technocraten' zou werken - zo verwoordde oud-scriba Bas Plaisier van de Protestantse Kerk in Nederland eens het gevoelen dat volgens hem in het land leeft.

Wat blijkt: hij zat er niet ver naast. In het donderdag gepresenteerde rapport 'Verenigd in verandering' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) wordt opgemerkt: 'Onderzoek leert dat slechts een kwart van de kerkleden het meest wordt aangesproken door zijn kerk als geheel, driekwart acht de plaatselijke kerkelijke gemeenschap van evenveel of zelfs meer belang.' Daar zul je het als synode (of bisschoppenconferentie) dus mee moeten doen.

Loyale karakter
In het SCP-rapport, dat een actuele stand van zaken geeft van grote maatschappelijke organisaties en ontwikkelingen in de Nederlandse civil society, worden de kerken vergeleken met een archipel: de rooms-katholieke kerk telt ruim 1000 parochies, de protestantse kerk meer dan 1750 gemeenten. 'Dat lokale karakter is van wezenlijk belang, en de lokale oriëntatie lijkt binnen de kerken in de afgelopen decennia versterkt', aldus de onderzoekers.

In zijn rapport vergelijkt het SCP de kerken met vakbonden en politieke partijen: het zijn drie soorten organisatie die ten tijde van de verzuiling groot waren, maar die inmiddels hun aantrekkingskracht lijken te verliezen - zie hun dalende ledentallen.

Nog altijd omvatten de rooms-katholieke kerk en de Protestantse Kerk naar schatting 85 procent van alle geregistreerde christelijke gelovigen in ons land, en daarmee ruim een derde van de Nederlandse bevolking. Loop op zondagochtend een willekeurig kerkgebouw binnen en je zult er een groep van ongeveer 150 mensen aantreffen die samen hun geloof beleven. Maar het feit dat deze mensen in de kerk zitten, stellen de onderzoekers, betekent nog niet dat zij vinden dat kerkgang een noodzakelijk onderdeel van een gelovig leven is. Integendeel: 'Dat je best een gelovig mens kunt zijn zonder ooit een kerk te bezoeken, vindt vrijwel iedereen in Nederland; het geldt zelfs voor meer dan acht op de tien trouwe kerkleden.'

Lees verder na de advertentie
Nog altijd omvatten de rooms-ka­tho­lie­ke kerk en de Protestantse Kerk naar schatting 85 procent van alle geregistreerde christelijke gelovigen in ons land

Belonging vóór believing
Wie zich daar niet in kan vinden, is Orlando Bottenbley, voorganger van de Vrije Baptisten Gemeente Bethel in Drachten, de grootste evangelische kerk van Nederland. Bottenbley is een van de drie 'sleutelfiguren' die het SCP heeft gesproken om een beeld te krijgen van de stand van zaken in christelijk Nederland.

De andere twee zijn missionair predikant Hans van Ark van de PKN en de rooms-katholieke bisschop Frans Wiertz van Roermond. Waar de meeste Nederlandse christenen zich dus goed kunnen vinden in het idee van believing without belonging (gelovig zijn zonder kerklidmaatschap), gaat volgens Bottenbley belonging vooraf aan believing: eerst maak je kennis met een gemeenschap, daarna komt het geloof. "Wij merken dat mensen eerst dichter bij ons komen te staan, van alles onderzoeken, voordat het tot de keuze komt van believing."

Ook Hans van Ark van de PKN is het oneens met de meerderheid van de kerkgangers. Kerklidmaatschap, zegt hij in het rapport, is wel degelijk de bedoeling voor een gelovige. Om twee redenen, zegt hij: zonder 'achterban' houdt de kerk op te bestaan én medegelovigen zijn volgens hem essentieel voor de geloofsbeleving.

Vandaar dat de protestantse kerk een afdeling 'missionair werk en kerkgroei' heeft, met Van Ark als een van de voortrekkers. "Als je echt in je geloof staat en je daaruit als zijnde een kostbaar geschenk voor jezelf leeft, dan zit er ook altijd iets in van: 'Ik gun het jou ook zo'. Ik gebruik het woord gunnen omdat daar iets opens in zit; bekeren heeft iets dwingends. Deze kerk is er wel op uit haar ledental te vergroten. Niet zozeer vanwege financieel-economische redenen, maar de verdieping van zingevingsvragen is het meest vruchtbaar in de context van een gemeenschap."

Passieve opstelling
Volgens Van Ark hebben de kerken zich te lang passief opgesteld en gingen ze er ten onrechte van uit dat mensen zelf de weg naar de kerk wel zouden vinden. Dat kan niet meer. "Wij moeten de mensen veel meer opzoeken op de plekken waar zij zijn en aansluiting zoeken bij de vragen waar zij mee zitten."

Opmerkelijk genoeg doet de gemeente van Orlando Bottenbley juist bewust niet (meer) aan evangelisatie. "Vijftien jaar geleden hebben wij radicaal gebroken met actieve evangelisatie. Voor ons moet het onze levensstijl zijn die aanstekelijk is, wat maakt dat anderen gaan vragen 'waarom doe je wat je doet' en 'waarom denk je zoals je denkt'. Dat is het kantelpunt geweest, daarna hebben we gezien dat we juist enorm zijn gaan groeien."

Als je echt in je geloof staat en je daaruit als zijnde een kostbaar geschenk voor jezelf leeft, dan zit er ook altijd iets in van: ik gun het jou ook zo

Maar zijn gemeente is een uitzondering, weet Bottenbley, en dat baart hem zorgen. "Als iemand vandaag de dag, een postmodern iemand, de kerk binnen komt lopen en de muziek hoort die er wordt gemaakt en het soort liederen, de inhoud van de liederen, dan krijgt die toch het idee in een andere wereld terecht te zijn gekomen, een wereld die niet meer aansluit bij zijn leven op maandag en dinsdag en woensdag. Dat vind ik erg."

Uit eerder onderzoek, schrijven de SCP-onderzoekers, is naar voren gekomen hoe buitenkerkelijken naar de kerk kijken. 'In de ogen van veel buitenkerkelijken worden kerken gezien als overleefde instellingen, ingehaald door de moderne tijd.' De meeste kerken hebben daarop gereageerd door zich aan te passen, bijvoorbeeld door soepeler in de leer te worden of door het karakter van de kerkdiensten te veranderen. Maar daarmee komen ze voor een dilemma te staan: in een poging ontbrekende groepen te bereiken, vervreemden ze zich van de traditionele achterban.

Individuele manier
Hoe verstandig of zinvol het is om te proberen niet-kerkgaande gelovigen te verleiden tot kerkbezoek is ook om een andere reden de vraag. Volgens het SCP wijst 'enquête na enquête' uit 'dat kerkelijke normen en kerkelijke vormen van saamhorigheid voor steeds meer mensen binnen hun persoonlijke, dagelijkse leven van steeds minder belang zijn geworden.'

Niet dat deze mensen niet zoeken naar zingeving, maar dat doen zij op een geheel individuele manier, 'waarbij kerkelijkheid gezien wordt als slechts een van de mogelijke manieren waarop je je levensbeschouwing kunt beleven en niet per se als de voor de hand liggende of meest aantrekkelijke.'

En op sommige momenten weten zij de kerk best te vinden. Die kan een waardevolle rol spelen bij belangrijke gebeurtenissen in een mensenleven, zoals een geboorte, huwelijk of uitvaart. Het SCP levert de cijfers erbij: in 2011 turfden de Nederlandse kerken zo'n 8500 huwelijken, 25.000 vormsels en belijdenissen, 32.000 dopelingen en 58.000 uitvaarten. De onderzoekers: 'Kerken worden als een collectief goed beschouwd, waarop indien nodig teruggegrepen kan worden, maar zonder dat men er zelf regelmatig in participeert.'

Kerken worden als een collectief goed beschouwd, waarop indien nodig teruggegrepen kan worden, maar zonder dat men er zelf regelmatig in participeert

'Geen antwoord'
Waarom vinden religieuze mensen kerkgang niet per se de voor de hand liggende of aantrekkelijkste invulling van hun spirituele behoeften? Daar hebben zowel Hans van Ark als Orlando Bottenbley wel hun gedachten over. Volgens Bottenbley biedt de kerk "geen adequaat antwoord op moderne levensvragen". Van Ark wijst op de 25- tot 45-jarigen, een groep die vanwege haar opvallende afwezigheid inmiddels bekend staat als 'het gat van de kerk'. Volgens deze mensen, merkt Van Ark, gaat het in de kerk op zondag niet echt over de dingen waar zij mee te maken hebben: werkdruk, jonge kinderen, hypotheken onder water, relatieproblemen, enzovoort. Zij willen niet 'een man of vrouw in jurk die vertelt hoe het moet', maar zelf aan tafel zitten en het hebben over wat hun echt ter harte gaat.

En dan, zegt Van Ark, is er nog het tijdstip van kerkdiensten: zondagmorgen om tien uur; hoe verzin je het?

Dé moeilijkheid waar de kerken volgens het SCP voor staan, is deze: zij hebben een aanbod van een geloofstraditie met bijbehorende gewoonten en zekerheden. Maar, tonen enquêtes aan, religie komt voor een groeiend aantal mensen neer op het bijeensprokkelen van inzichten uit allerlei tradities, stromingen en denkbeelden. Zie dan vraag en aanbod nog maar eens op elkaar af te stemmen.

Bisschop Wiertz van Roermond spreekt ondertussen in het rapport relativerende woorden. Dat de kerk over een paar decennia verdwenen kan zijn? Dat is volgens hem even merkwaardig als te denken dat er dan geen Chinezen meer zullen zijn. Nederland moet vooral naar de wereldkerk blijven kijken, zegt Wiertz - er zijn meer dan 1 miljard katholieken op de wereld. "Kameroen, Kenia, Indonesië: die horen ook bij ons. Misschien moeten mensen van daaruit ons komen helpen, een tijdlang, met hun inspiratie."

Dat de kerk over een paar decennia verdwenen kan zijn? Dat is even merkwaardig als te denken dat er dan geen Chinezen meer zullen zijn

Deel dit artikel

Nog altijd omvatten de rooms-ka­tho­lie­ke kerk en de Protestantse Kerk naar schatting 85 procent van alle geregistreerde christelijke gelovigen in ons land

Als je echt in je geloof staat en je daaruit als zijnde een kostbaar geschenk voor jezelf leeft, dan zit er ook altijd iets in van: ik gun het jou ook zo

Kerken worden als een collectief goed beschouwd, waarop indien nodig teruggegrepen kan worden, maar zonder dat men er zelf regelmatig in participeert

Dat de kerk over een paar decennia verdwenen kan zijn? Dat is even merkwaardig als te denken dat er dan geen Chinezen meer zullen zijn