Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geen school ontkomt meer aan zingeving

Home

Arlette Dwarkasing

Op de samenwerkingsschool het Twaspan in Deinum krijgen alle kinderen samen het vak levensbeschouwing. © Reyer Boxem

Zingeving in het openbaar onderwijs. Is dat een filosofieles? Een godsdienstles? Zingevingsvragen hebben te maken met identiteit en die komt voort uit een levensbeschouwing. Dat vak hoort ook thuis in het openbaar onderwijs, vinden pleitbezorgers.

Weet je dat er kinderen zijn die van openbare basisscholen af gaan en niet weten waar het Kerstfeest vandaan komt?" Het lijkt een vraag, maar is een met veel verontwaardiging uitgesproken verwijt. "Het Kerstverhaal hoort bij onze cultuur, of je erin gelooft of niet. Die cultuur is divers geworden. Dat is leuk en spannend en moeten we álle kinderen in het openbaar onderwijs mee kunnen geven."

Ineke Struijk is een gepassioneerd pleitbezorger voor het vak levensbeschouwing op openbare scholen. In de omgeving van Gorinchem zijn een aantal basisscholen met haar ondersteuning op weg om levensbeschouwing een duidelijker plaats te geven in hun onderwijs. Dat begint met intensieve gesprekken over identiteitsontwikkeling. Zitten leerkrachten daar wel op te wachten?

"We zijn bezig een omslag te maken", zegt Struijk, zelfstandig onderwijsadviseur en leerkracht bij de Brede School Academie in Utrecht. "Soms wordt te zeer vastgehouden aan het adagium: 'openbaar is neutraal'. En als je neutraal bent, is er geen plaats voor religie in de school. Maar die neutraliteit, in de wet, betekent dat je geen voorkeur mag hebben. Niet dat je er niets aan mag doen."

Openbare scholen hebben de verplichting godsdienstig en/of humanistisch vormingsonderwijs (gvo en hvo) aan te bieden, maar leerlingen gaan alleen naar die lessen - gegeven door vakdocenten die de school inhuurt - als hun ouders ervoor kiezen. "Het is een selecte groep die verdieping krijgt van een overtuiging die ze van huis uit al meekrijgen. Houd dat stukje lekker thuis of stuur het kind naar een zondagsschool. Geef in plaats daarvan álle kinderen het vak levensbeschouwing. Groepsleerkrachten weten daar niet altijd raad mee. Daarom begin ik met gesprekken over identiteitsontwikkeling."

Struijk vertelt hoe zij ooit begon als leerkracht in de regio Gorinchem en schrok van de manier waarop kinderen met elkaar omgingen. "Uitschelden vanwege een hoofddoek, uitspraken als: 'Rot op naar je eigen land'. Vaak gevoed van huis uit en niet gebaseerd op enige kennis." Voor deze situaties bestaan anti-pestprogramma's en vaardigheidstrainingen, maar Struijk zocht verdieping. "Ik wilde met de kinderen in gesprek over hun beleving zonder dat het op een godsdienstles zou lijken. Maar ik vond niet veel geschikt materiaal voor openbaar onderwijs."

Ze begon een studie 'Religies in hedendaagse samenlevingen' aan de Universiteit Utrecht, ontdekte voor haar masterscriptie dat veel openbare scholen worstelen met hun identiteit en wordt nu veel gevraagd op die scholen. "Kinderen vinden het interessant te weten waarom iemand een hoofddoek draagt, wat het lichtjesfeest is, waarom vrouwen een rode stip op het voorhoofd hebben. Maar wanneer ga je hierover met ze in gesprek?"

Lees verder na de advertentie

 
Soms wordt te zeer vastgehouden aan het adagium: 'openbaar is neutraal'

Kerndoelen
In de kerndoelen voor openbare basisscholen staan volgens Struijk te veel begrippen: levensbeschouwing, religie, godsdienstles, geestelijke stromingen, gvo, hvo, burgerschapskunde, waardenoriëntatie. Ze laakt het gebrek aan eenduidigheid. "Alle kinderen hebben recht op ontwikkeling van hun identiteit. Die komt voort uit een bepaalde levensbeschouwing. Ook als je atheïst bent. Dat bepaalt hoe jij je verhoudt tot de ander. Nu zeggen we: ga respectvol met elkaar om. Terwijl niet duidelijk is waar je dat respect voor moet hebben." Idealiter ziet Struijk op de basisschool naast de taal- en rekenspecialist een specialist levensbeschouwing die de leerkrachten ondersteunt.

Ook in de besturen van het openbaar onderwijs vindt een omslag plaats, vertelt Marleen Lammers, beleidsmedewerkster van VOS/ABB. "Scholen voelen dat ze iets moeten met de toenemende diversiteit en de opdracht van de openbare school als ontmoetingsplaats. Van het 'niet praten over' - omdat we neutraal zijn - gaan we naar 'het ontdekken van elkaars levensbeschouwing'. Het is voor de groepsleerkracht de kunst een manier te vinden het er met elkaar in de klas over te hebben, zonder het meteen in hokjes te plaatsen." Wat wel gebeurt met gvo (christelijk, katholiek, hindoe of islamitisch onderwijs) en hvo.

Volgens Lammers biedt de module openbaar onderwijs, die leerkrachten op veertien pabo's als aanvulling op hun studie kunnen volgen, een goed aanknopingspunt. "Je leert om te gaan met diversiteit en levensbeschouwing vorm te geven. Dat is meer dan het overdragen van kennis. Je spreekt over ervaringen van kinderen. In het openbaar onderwijs moet je voorzichtig zijn in taalgebruik. Niet zeggen: 'Wij geloven in God en vieren daarom feest'. Wel: 'Wij vieren het Kerstfeest, dit is het verhaal en sommige mensen geloven daarin'. Er zijn al schoolbesturen die verwachten dat sollicitanten dit Diploma Openbaar Onderwijs bezitten."

Fuseren
Zouden openbare scholen ook juist veel kunnen leren van de samenwerkingsscholen in krimpgebieden? Omdat het leerlingaantal daalt, moeten openbare scholen immers wel fuseren met christelijke en katholieke scholen. Erik Renkema, docent levensbeschouwelijke vorming aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle, doet een promotieonderzoek naar de identiteit van de samenwerkingsschool. Hij benaderde 35 scholen. Zeventien directeuren reageerden. De uitgangspunten van de openbare en samenwerkingsscholen blijken hetzelfde: gelijkwaardigheid, respect, aandacht voor levensbeschouwelijke verschillen. Renkema citeert één van de directeuren: 'De gedachte achter een samenwerkingsschool is de school te zien als een ontmoetingsplaats van verschillende levensovertuigingen.'

Maar als het aankomt op het bieden van levensbeschouwelijk onderwijs geeft een meerderheid van de directeuren aan dat onderwijs gescheiden aan te bieden. Renkema vermoedt dat dit gebeurt om zowel ouders als leerkrachten van de oorspronkelijke scholen tegemoet te komen. Het lijkt tegenstijdig met het idee van 'de ontmoetingsplaats'. Een minderheid van vier scholen heeft levensbeschouwing wel geïntegreerd in het onderwijs. "Interessant is dat we hierin misschien wel een school kunnen herkennen die het Nederlandse duale onderwijssysteem overstijgt." Eigenlijk de school die Ineke Struijk graag ziet.

'Is elke week een Bijbelverhaal niet te veel?'
Samenwerkingsschool Twaspan in het Friese Deinum (113 leerlingen) is sinds dit schooljaar het resultaat van een fusie tussen de christelijke en de openbare basisschool. 'Onze ouders', vertelt directeur Wiepkje Hagen, 'hebben vorig jaar gezegd één school te willen zijn waarin ook levensbeschouwing aan alle kinderen samen wordt aangeboden. Al snel waren we het eens dat er elke week een Bijbelverhaal bij hoort, naast een neutraal verhaal over hetzelfde thema. En dat er ook christelijke liedjes gezongen zouden worden. Is dit acceptabel voor de 'openbare' ouders? Is elke week een Bijbelverhaal niet te veel? Maar het loopt nu zo. De kinderen nemen de verhalen mee naar huis en er is nog niet één ouder die zegt: 'Het is te veel'.'

Hagen komt zelf van de openbare school. 'Het is hier niet zo dat je een school kan vormen volgens eigen principes. Het proces is andersom. Dit wordt een samenwerkingsschool en de vraag aan alle collega's is: sta je er open voor een zoektocht aan te gaan? Het is wennen. Als collega-scholen ga je elkaar bevragen. Ga je samen bidden bijvoorbeeld? We noemen het woord niet, maar we zijn wel bij thema-openingen en -sluitingen een klein minuutje stil met elkaar. Dan kun je aan God denken, aan je overleden oma of zieke tante of leuke dingen die bij het thema passen. 'In de gemeenschappelijke ruimte staat een 'identiteitskraampje'. In de personeelskamer een hoekje met bruikbare materialen. Leerkrachten stellen in duo's iets samen want er zijn 'of christelijke of openbare methoden, maar niets voor samenwerkingsscholen'.


 
Het is voor de groepsleerkracht de kunst een manier te vinden het er met elkaar in de klas over te hebben, zonder het meteen in hokjes te plaatsen

Deel dit artikel