Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Geen kunstenaar kon om Alma Mahler-Werfel heen

home

Co Welgraven

Geen componist of schrijver uit de eerste helft van de vorige eeuw, of Alma Mahler-Werfel had er contact mee, soms zeer intiem. Oliver Hilmes schreef een mooie biografie van deze ’geweldige’ dan wel ’verschrikkelijke’ vrouw.

Oliver Hilmes: Alma Mahler-Werfel, De biografie. Uit het Duits vertaald door Irving Pardoen. Arbeiderspers, Amsterdam. ISBN 9789029565592; 424 blz. euro 34,95

Na het eerste drinkgelag dat hij met haar aanrichtte - er zouden er nog vele volgen - noteerde de schrijver Erich Maria Remarque in zijn dagboek: ,,Deze vrouw is een wild, blond mens, gewelddadig, een zuipster. Heeft Mahler er al onder gekregen. Was met Gropius en Kokoschka, die kennelijk aan haar hebben kunnen ontkomen. Werfel zal dat niet.”

Ook Remarque, auteur van het beroemde boek ’Im Westen nichts Neues’, behoorde tot de immense mannenkring rond Alma Schindler (Wenen, 1879). De Oostenrijkse was een verdienstelijke componiste, ze kon ook schitterend pianospelen, was deskundig op diverse terreinen van de kunsten, had een scherpe pen en was – zo blijkt overduidelijk uit de jongste biografie van haar – een overtuigde antisemiet. Niet alleen vanwege deze eigenschappen heeft ze de geschiedenisboeken gehaald. maar vooral ook omdat ze ’de vrouw van’ was, en zeker niet van de minsten.

Ze is getrouwd geweest met de componist Gustav Mahler tot diens dood in 1911 (ze was dus op haar 31ste al weduwe), met de architect Walter Gropius van wie ze later scheidde, en met de schrijver Franz Werfel, van wie ze vlak na de Tweede Wereldoorlog voor de tweede keer weduwe werd. Tussendoor had ze relaties met talloze mannen: kunstenaars bij voorkeur, componisten, dirigenten en schrijvers, maar ook politici, ja, zelfs met een vooraanstaande priester.

Alma was ’het mooiste meisje van Wenen’. Bij bosjes vielen de kerels voor haar, ze wond ze om haar vingers. Ze was een mannenverslindster, een femme fatale. Mannen deden alles om in haar bed te belanden, en werden soms gek als zij hen aan de dijk zette. Neem de schilder Oskar Kokoschka. Nadat de stormachtige relatie met Alma beëindigd was, liet hij naar haar beeltenis een levensgrote pop maken. Kokoschka trok haar dure kostuums en ondergoed uit de beste Parijse modehuizen aan en vereeuwigde de pop in talloze pentekeningen en schilderijen.

Over Alma schreef de Duitse historicus Oliver Hilmes een prachtige biografie die nu pas - drie jaar later - in het Nederlands is vertaald. Maar daarover niet gezeurd, liever te laat dan helemaal niet. In zijn voorwoord ruimt de biograaf een hele pagina in voor een lijst van prominenten van de twintigste eeuw die het levenspad van Alma gekruist hebben. De lijst - die niet uitputtend is - telt 73 namen. Niet dat ze het allemaal met haar hebben gedaan - sommigen waren slechts vrienden of mensen die beroepsmatig met haar of haar partners te maken hadden. Het is hoe dan ook een indrukwekkende opsomming, met namen als Leonard Bernstein, Thomas en Heinrich Mann, Willem Mengelberg, Maurice Ravel en Arnold Schönberg.

Voor de een was ze ’muze van de vier kunsten’, iemand die genieën inspireerde tot grootse werken. Eén van haar schoonmoeders noemde haar ’de enige werkelijke koningin ofwel de heerseres van deze tijd’. De bejaarde schrijver Ludwig Karpath verzekerde Alma kort voor zijn dood dat hij ’met gloeiende herinneringen aan jou’ in het graf zou stappen.

Voor anderen was ze ’het monster’, ’een liederlijke vrouw’. Ze werd ’de slechtste mens die ik heb gekend’ genoemd, ’opgeblazen en dom’. Gevaarlijk ook: ,,Wie Alma tot vrouw heeft, wordt niet oud.’’ Haar dochter Anna zei over haar: ,,Mammie was een groot dier. (*) Af en toe was ze geweldig. En af en toe was ze verschrikkelijk.’’

Over Alma Mahler-Werfel (zo noemde ze zichzelf, naar haar twee overleden echtgenoten) bestonden al vijf biografieën. Gelukkig heeft Oliver Hilmes het aangedurfd een zesde te schrijven. Want hij weet essentiële informatie toe te voegen aan het beeld dat van Alma bekend was en dat ze zelf graag koesterde. Zo toont de historicus aan dat de vrouw een veel grotere antisemiet was dan algemeen gedacht.

Hilmes heeft ontdekt dat Alma haar autobiografie ’Mijn Leven’ (waarop de vorige biografieën min of meer leunden) grondig heeft opgeschoond en van antisemitische citaten heeft ontdaan. Zijn boek is gebaseerd op de dagboekaantekeningen die Alma haar hele leven heeft bijgehouden. Hilmes heeft die dagboeken zelf ingekeken en vergeleken met haar autobiografie. Hij kwam tot verbluffende ontdekkingen.

Een voorbeeld: in juli 1927 waren er in Wenen zware rellen. In haar autobiografie geeft Alma ’de intellectuelen’ daarvan de schuld – zij steken ’de wereld door hun fantasieloosheid in brand’. ,,Het intellectuele is in de politiek het ergste ongeluk voor Europa en Azië.’’ Maar in haar nooit gepubliceerde dagboekaantekeningen zijn het de joden die de wereld in brand steken: ,,Het onkruid van het jodendom schiet omhoog. De jood is in de politiek het ergste ongeluk voor Europa en Azië.’’

Alma’s virulente antisemitisme is des te opvallender omdat veel van haar minnaars van joodse afkomst waren, ze had van joodse mannen kinderen – een van hen noemde ze notabene ’bastaard’. Ze ging in 1938 tegen haar zin mee toen haar echtgenoot Franz Werfel voor de nazi’s naar de Verenigde Staten vluchtte. Zelf was ze nogal onder de indruk van Adolf Hitler, wat ze later maar al te graag wilde verdoezelen.

Haar antisemitisme had een doel, oordeelt Hilmes, die ook psychologie heeft gestudeerd. Vijandschap jegens de joden was ’een werkzaam machtsinstrument’. Want iemands joodse afstamming stelde haar in staat er haar eigen ’arische’ superioriteit tegenover te stellen. Ze was zeer machtsbelust en had een ’extreem grote behoefte’ om andere mensen, met name mannen, te onderdrukken en klein te houden.

Hilmes heeft zich door tienduizenden pagina’s van en over Alma heen geploegd, vele psychiatrische handboeken geraadpleegd, en komt tot de conclusie dat ze hysterische trekjes had. Wetend dat dit een zeer vrouwvijandelijke omschrijving is, neemt hij onmiddellijk gas terug: ,,Alma was niet ziek, haar leven is geen gevalsbeschrijving.”Om er toch weer aan toe te voegen: „Maar bij lezing van de wetenschappelijke literatuur over de hysterische vorm van het neurotisch lijden, zullen bij iedereen de overeenkomsten met Alma opvallen.”

Het boek van Hilmes is niet alleen een geslaagde biografie van het leven van een omstreden vrouw, het is ook een mooie schets van de houding van de Duitse en Oostenrijkse elite in de eerste helft van de vorige eeuw, ten tijde van de Eerste Wereldoorlog, maar vooral in de jaren dertig, toen de nazi’s aan de macht kwamen. Alma kende als geen ander de representanten van het maatschappelijke, artistieke en politieke establishment in Midden-Europa – ze ging ook om met de Oostenrijkse bondskanselier Kurt van Schusnigg.

Oliver Hilmes weet het politieke en het persoonlijke redelijk goed met elkaar te verbinden, al krijgt dat laatste element wel erg veel accent - de lezer moet ontelbare namen verstouwen van mannen en vrouwen die Alma gekend heeft. Toch al met al een vlot geschreven biografie. Ook voor de Nederlandse lezer, want een enkel foutje daargelaten is de vertaling uitstekend.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie