Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Fred en Riny Tijssen stemmen als echtpaar elke dag hun kleren op elkaar af

Home

Saskia Aukema

© Saskia Aukema

Fred en Riny Tijssen zijn al vijftig jaar samen. Dat ze bij elkaar horen is te zien: elke dag stemmen ze hun kleren op elkaar af.

Hóé lang zijn jullie al samen? Die vraag krijgen Riny (66) en Fred (69) Tijssen uit Nootdorp geregeld. Als mensen het antwoord horen - vijftig jaar - reageren ze vaak grappend: “En nog altijd zo klef?”

Lees verder na de advertentie

“Tja”, zegt Riny, “we doen nu eenmaal alles graag samen: we bridgen samen, gaan samen naar het kerkkoor, hebben samen gestijldanst, ons duikbrevet gehaald, waren actief in de buurtvereniging, reisden het land door voor de gymnastiekbond en werken nu samen voor het Rode Kruis.”

Fred: “Je hoort weleens van mensen dat ze ook nog een weekje op vakantie gaan met een vriendin of een broer. Nou, wij niet. Wij gaan altijd samen.”

Gezamenlijk 

Mailen? Dat gaat via een gezamenlijk adres. Facebook? Een gezamenlijk profiel. En een paar jaar terug ontvingen ze een koninklijke onderscheiding vanwege al het vrijwilligerswerk dat ze al tientallen jaren doen. Zij vroeg er een aan voor hem, en hij voor haar.

Maar het meest in het oog springen hun kleren. Al bijna vijftig jaar lang stemmen ze die nauwgezet op elkaar af. Fred: “Gisteren droegen we allebei groen en beige, de dag ervoor allebei een rode broek, en vandaag zijn we allebei in spijkerstof.”

Riny: “Dat is voor ons een leuke manier om duidelijk te maken dat we bij elkaar horen.”

Via zijn zus

Fred ontmoet Riny via zijn zus. De twee meisjes kennen elkaar van hun werk bij C&A. Op een zomerse dag in 1967 wordt Riny uitgenodigd voor een uitje op het strand van Wassenaar waar Fred ook bij aanwezig is. Zodra Fred Riny ziet, is hij verkocht: “Het was liefde op het eerste gezicht. Ze was zacht, aardig en tegelijkertijd iemand die van aanpakken weet.”

Riny: “Ik vond het vooral allemaal erg spannend: dat iemand mij opeens leuk vond. Dat had ik nog nooit meegemaakt.”

Fred: “Ik vroeg haar of ze met me door de duinen wilde wandelen.”

Riny: “Hij pakte meteen mijn hand, wat ik fijn vond. En toen hij een paar maanden later naar Engeland ging, stuurde hij kaartjes met ‘Ik hou van jou’. Ik viel op zijn blauwe ogen, maar één ding vond ik na een tijdje toch minder aantrekkelijk: zijn pak, dat was klassiek, stijf en altijd hetzelfde.”

Geen oog

Fred: “Wij hadden thuis geen oog voor dat soort zaken. Omdat we het niet breed hadden, kochten we kleding in winkels als V&D en Peek, en daar deden we dan járen mee. Kleding moest vooral degelijk zijn; hoe modieus het eruitzag was minder belangrijk.”

Riny: “Bij mij is die modieuze blik juist met de paplepel ingegoten. Als coupeuse kleedde mijn moeder al mijn broers en zussen. Met z’n negenen waren we, een bezienswaardigheid als we met z’n allen een heel kerkbankje vulden: de jongens allemaal in hetzelfde matrozenpakje, de meisjes in mooie kleertjes, gemaakt van een grote lap stof die mijn moeder op de markt had gekocht. Het zorgde voor eenheid, zonder dat het voelde als een uniform.”

In de fotoalbums komt de mo­de­ge­schie­de­nis voorbij: hoge pijpen, lage pijpen, wijde pijpen, hotpants...

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Op het 12,5 jarig huwelijk van Fred en Riny in 1983, met hun drie dochters. © Saskia Aukema

Vijftig jaar modegeschiedenis

Riny neemt dat gebruik van haar moeder over als ze zelf een gezin krijgt met Fred. Ook zij koopt lappen stof op de markt, en maakt passende outfits voor henzelf en hun drie dochters die aansluiten bij de tijdgeest. Bladerend in de rijen familiealbums komt er dan ook vijftig jaar modegeschiedenis voorbij: hoge pijpen, lage pijpen, wijde pijpen, hotpants, schoudervullingen, beenwarmers, felle hippiekleuren, pasteltinten, frisse ruitjes. De gezinsleden zijn bijna nergens identiek gekleed, maar wel nauwkeurig op elkaar afgestemd. Fred: “Ik zag ooit een fotoserie in de krant van echtparen op straat, die exact hetzelfde aan hebben - zelfde fleecetrui, zelfde windjas, zelfde hoedje - maar dat doen wij dus niet.”

De drie dochters houden zich de eerste jaren hartstochtelijk aan de dresscode. Als een van hen op de peuterschool een ongelukje krijgt, weigert ze een vervangende broek aan te trekken die niet bij haar truitje past.

De kledingstukken die me bevallen, prent ik in mijn hoofd, en dan zoek ik er in andere winkels bijkleurende kledingstukken bij

Riny Tijssen

Vanaf de jaren negentig verandert dat, als de dochters een voor een in de puberteit komen. Voor hen hoeft die afgestemde kleding dan niet meer zo nodig. Fred en Riny gaan ermee door, zij het steeds minder met zelfgenaaide kleren, doordat Riny te kampen krijgt met reuma in haar handen: “Ik koop tegenwoordig bijna alles. Nee, niet online omdat de tinten op het scherm nogal eens vertekenen. Ik trek liever de stad in. De kledingstukken die me bevallen, prent ik in mijn hoofd, en dan zoek ik er in andere winkels bijkleurende kledingstukken bij. De winkelstraat wordt daarmee één groot memoryspel, en soms heb je opeens een prachtige match.”

Buitengewoon geheugen

Fred: “Ze heeft een buitengewoon geheugen voor kleurschakeringen.”

Riny: “Ja, ik doe dat zonder aantekeningenboekje of telefoonfoto’s. Dan heb ik ergens een donkerblauwe bloemetjesblouse voor mezelf gezien, en een paar winkels verder vind ik een shirt voor hem, weliswaar met een iets ander bloemetje, maar wel met precies dezelfde kleur blauw.”

Fred: “Het gebeurt bijna nooit dat ik iets niet leuk vind of dat het niet lekker zit.”

Riny: “Hij heeft ook al jaren dezelfde maat; dat helpt.” Fred voelt aan een niet-bestaande bierbuik.

Wie bepaalt? 

Wie bepaalt ’s ochtends eigenlijk wat er wordt gedragen? In hun werkend leven was de formele kleding van Fred vaak leidend: “Voor zijn baan aan de politieacademie moest hij meestal in pak”, zegt Riny, “Dan stemde ik mijn kleding daarop af, ook als we elkaar de hele dag niet zagen.”

Fred: “Nu we met pensioen zijn, is Riny doorgaans degene die de keuze maakt. Haar kledingkast is ook groter. Zij kan meer setjes maken bij de combinaties die ik in mijn kast heb hangen.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding

© Saskia Aukema

Ze zijn nog lang niet op elkaar uitgekeken. Fred: “Ik kan nog steeds wel denken als ik wakker word: wat een mooie vrouw. Als ik naar haar kijk, ben ik…” hij denkt even na, “ja, trots!”

Riny: “En als hij de douche uit komt, moet ik hem altijd even beetpakken, dan vind ik het fijn om hem zo te zien. We zijn nog altijd heel aanhankelijk.”

Als mensen zeggen dat ze uit elkaar groeien, denk ik: doe je mond dan ook eens open tegen elkaar

Riny Tijssen

Geheim van een goed huwelijk 

Wat is volgens hen het geheim van een goed huwelijk? Riny: “Openheid, dat je het zegt als er iets is. Praten, praten, praten. Soms hoor ik wel van mensen dat ze uit elkaar groeien en dan denk ik: doe je mond dan ook eens open tegen elkaar.”

Fred: “En dat je je emoties onder controle houdt. Elkaar nooit afvallen tegenover de buitenwereld. Als Riny haar geduld verloor met de kinderen, kwam ik er ’s avonds rustig op terug: ‘Waarom reageerde je zo fel?’”

Riny: “Onze meiden zeggen wel: ‘Mam, jullie nemen veel te weinig tijd voor jezelf.’ Het klopt deels wel, want ondanks ons pensioen werken we veertig, vijftig uur per week. Zijn we niet aan het werk bij het Rode Kruis, dan gaan we wel aan de slag bij mensen in onze omgeving: familie die verhuist, vrienden die ziek worden, een decor helpen op- en afbouwen voor een musical. Dat betekent dat we inderdaad soms bekaf thuiskomen, maar het geeft ook zo veel voldoening.”

Twee maanden per jaar

Fred: “En er staat tegenover dat we twee maanden per jaar op reis gaan.”

Riny: “Met de caravan en tandem.”

Wereldwijd is er voor zover bekend zeker één ander paar dat hetzelfde doet als Fred en Riny: twee Japanse zestigers die al 37 jaar matchende outfits dragen, en daar de laatste jaren dagelijks verslag van doen op Instagram onder de naam Bonpon511. Maar of er in Europa nog een Fred en Riny rondlopen? Zij hebben zelf in elk geval nog nooit een ander koppel ontmoet dat op eenzelfde manier omgaat met kleding. Fred: “Weleens mensen die per ongeluk, eenmalig dezelfde kleur dragen, maar niet zoals wij.”

Riny: “De meeste mensen letten er alleen op tijdens hun huwelijksdag. Dan kleurt zijn stropdas bij haar jurk, of zijn blouse bij haar schoenen. Voor ons is het elke dag feest.”

Deel dit artikel

In de fotoalbums komt de mo­de­ge­schie­de­nis voorbij: hoge pijpen, lage pijpen, wijde pijpen, hotpants...

De kledingstukken die me bevallen, prent ik in mijn hoofd, en dan zoek ik er in andere winkels bijkleurende kledingstukken bij

Riny Tijssen

Als mensen zeggen dat ze uit elkaar groeien, denk ik: doe je mond dan ook eens open tegen elkaar

Riny Tijssen