Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Fransen gaan Nederlanders vermaken

Home

DORIEN PELS

Om mensen ervan te overtuigen voor hun kanalen te betalen, moet de zender iets speciaals te bieden hebben. Iets wat andere stations niet hebben, de krenten uit de pap. Voetbal, dacht Sport 7. Met sport is BskyB, de Engelse betaaltelevisie van mediagigant Rupert Murdoch, groot geworden. Dat was het dan, dacht het al tien jaar voort modderende Filmnet, Sport 7 wint de slag om de betaaltelevisie. Filmnet zag haar doodvonnis getekend toen Sport 7 de belangrijkste sportrechten van de KNVB kocht en met veel bombarie betaaltelevisie introduceerde.

Het debacle dat volgde gaat de boeken in als een heuse volksopstand. De kijkers weigerden extra te betalen voor een abonnement, de kabelexploitanten weigerden geld neer te leggen om het sportkanaal te mogen doorgeven. Sport 7 legde het loodje en de sportrechten kwamen weer in de verkoop. Het uitgeholde, financieel niet echt florissante Filmnet kreeg hulp van de Franse mediagigant Canal Plus en wist stilletjes een brok voetbal te bemachtigen: voor 145 miljoen gulden kocht het betaalkanaal de rechten voor 68 wedstrijden uit de eredivisie, die komend seizoen live worden uitgezonden, te beginnen met Ajax-Vitesse op 19 augustus. Om dat te kunnen zien, moet de kijker, net als bij Sport 7, geld neerleggen voor een abonnement en een decoder.

De pleuris brak dit keer niet uit, want Studio Sport blijft, met haar uitgebreide samenvattingen, onaangetast.

“De mensen vinden Studio Sport goed, de mensen vinden Mart Smeets goed. Daar moet niemand dus aankomen”, zegt Filmnet-directeur Joop Daalmeijer, voormalig Veronica-directeur en programmamaker, wijselijk. Hij weet wat er gebeurt als een commerciële partij de NOS probeert af te troeven. “Onze relatie met de NOS is uitstekend”, zegt Daalmeijer dan ook. Filmnet heeft al met de NOS overlegd over eventuele samenwerking. Daalmeijer denkt aan het delen van de kosten voor het filmen van de wedstrijden, zodat de NOS de Filmnet-beelden kan gebruiken voor haar samenvattingen. Het betaalkanaal zond al sport uit als Supersport, maar nooit belangrijke wedstrijden. In het kantoor in Nieuwegein zit een sportredactie van twintig mensen, de camera's en het bijbehorende personeel huurt Filmnet van het NOB.

Filmnet, binnenkort Canal Plus, bereidt zich voorzichtig voor op betere tijden. Nu nog biedt Filmnet hetzelfde programma-aanbod aan binnen de Benelux. Vanaf augustus krijgen België en Luxemburg een ander pakket dan Nederland. Daalmeijer: “Onze ervaring is dat er nogal wat verschillen in smaak zijn. In Nederland wil men actiefilms en films gericht op een breed publiek. De Belgen houden van komedie en er zijn meer cinofielen: daar doen ook de kleinere filmhuis-films het goed.”

Ook is er overleg met komedianten, zoals Paul Haenen, die mogelijk in Nederland voor vertier tussen de films door gaan zorgen en wordt het kinderprogramma uitgebreid. Met in het buitenland aangekochte programma's gaat Filmnet concurreren met andere aanbieders, zoals het commerciële Kindernet onder de motto's: geweldloos, zonder reclame en Nederlands ingesproken. Nog steeds zal er onder Canal Plus keuze zijn uit twee pakketten, een met en een zonder porno.

Zonder de financiële steun van het Franse bedrijf, de 'grote zus' schrijft de Filmnetfolder amicaal, was dit allemaal niet mogelijk geweest. Canal Plus kocht vorig jaar Nethold, het Zuid-Afrikaans-Nederlandse moederbedrijf van Filmnet en Multichoice, leverancier van decoders. Daarmee komt het aantal abonnees dat Canal Plus heeft op 8,5 miljoen.

Het leeuwendeel van de kijkers, 4,5 miljoen, zit in Frankrijk. Het Franse succes van abonneetelevisie is voor een groot deel te verklaren door de beperkte bekabeling in het land. Slechts 1.5 miljoen mensen hebben een kabelaansluiting, de rest moet het doen met een schotel of ontvangt televisie via de ether. Canal Plus begaf zich in 1984 op een maagdelijke markt, de abonneezender hoefde slechts met drie zenders te concurreren. Abonnee-televisie in goed bekabelde landen, zoals Duitsland en Nederland, is tot nu toe weinig lucratief. De kabel kan veel meer kanalen doorgeven, daar komt een abonnee-zender moeilijk tussen. De overige Canal Plus-abonnementen zijn te vinden in Franstalig België, Noord-Afrika en Polen en sinds april dit jaar ook in Nederland, Vlaanderen, Scandinavië en Italië. Vooral de aandelen die Canal Plus in het imperium van het Italiaanse Berlusconi wist te bemachtigen, zijn waardevol omdat ook Italië een slecht land bekabeld is.

Ook in Engeland hebben lang niet alle huishoudens een kabelaansluiting, daar profiteert de Engelse monopolist voor betaaltelevisie, BskyB, van. De overeenkomst die Canal Plus in Nederland gesloten heeft met de Eredivisie NV, lijkt op die tussen de Engelse Premier League en BskyB. De voetbalclubs hebben het heft zelf in handen genomen om zoveel mogelijk geld uit hun kostbare voetbalhandel te slepen. In Duitsland heeft het grote mediaconcern Bertelsmann-Kirch met Premiere de betaaltelevisiemarkt in handen. Canal Plus kocht onlangs aandelen in het weinig winstgevende Premiere.

Met de Nederlandse aankoop groeit het abonnementenbestand van Canal Plus met slechts 200 000. Wat de toekomst van betaaltelevisie in Nederland zal zijn, is nog volstrekt onduidelijk. Eén ding is zeker: Canal Plus is erbij.

Jean Louis Erneui, Canal Plus-woordvoerder in Frankrijk: “Franstalig België was in 1989 onze eerste stap buiten de landsgrenzen. Net als in Nederland was de markt daar toen vrij vol en hadden de meeste mensen een kabelaansluiting. Nu maken we, met 181 000 aansluitingen, winst in dit gebied. Natuurlijk was het iets makkelijker vanwege de taal. Er konden programma's worden uitgewisseld. We zullen zien hoe het in Nederland gaat.”

De Nederlanders moeten nog leren hoe ze met betaaltelevisie omgaan, zegt Erneui: “Wij geven onze ervaringen door, de lokale Canal Plus-vertegenwoordigers voeren het beleid. Zo wordt het programma-aanbod in de verschillende landen aan de behoeften van de lokale bevolking aangepast.” Canal Plus produceert in Frankrijk ook programma's, vooral documentaires, muziek en sport. Het bedrijf is door de chauvinistische Franse overheid verplicht voornamelijk Franstalige programma's uit te zenden en om te investeren in de productie van Franstalige films.

Daalmeijer kreeg van Canal Plus de opdracht om documentaires te maken. “Of we dat ook werkelijk zelf gaan doen, of dat we het uitbesteden aan Nederlandse productiemaatschappijen, weten we nog niet.” De Franse ervaring met het aanbieden van documentaires achter een decoder is goed. Het is afwachten of ook Nederlanders naast het bestaande aanbod dat vrij over de kabel komt, behoefte aan meer hebben.

In Nederland betaalt Filmnet de kabelmaatschappijen voor doorgifte, de abonnee kan met behulp van een decoder van Filmnet de programma's ontvangen. Ook op de decodermarkt strijden Europese bedrijven om de macht. De technieken die worden gebruikt door aanbieders van betaaltelevisie, lopen sterk uiteen. Dat betekent dat mensen voor verschillende abonnementen ook verschillende zogenaamde 'kastjes' in hun huiskamer moeten hebben om de programma's te kunnen 'decoderen'. Ook op dit gebied probeert Canal Plus haar slag te slaan.

Canal Plus-delegaties zijn op bezoek geweest bij Casema, Nederlands grootste kabelexploitant. Volgens Lex Nicolai, hoofd van de afdeling die zich buigt over betaaltelevisie, om te praten over uitwisseling van programma's. Volgens de Franse woordvoerder Erneui wordt met kabelmaatschappijen echter ook druk onderhandeld over samenwerking op technisch gebied.

Casema heeft zelf al betaaltelevisie, Max TV, met slechts 1 200 afnemers. Ook A2000, de kabelmaatschappij voor Amsterdam en omgeving, startte een vergelijkbaar project, TV à la Carte, maar dat is in de experimenteerfase wegens gebrek aan belangstelling ter ziele gegaan.

Kabelmaatschappijen onderzoeken de mogelijkheden om zelf de markt voor betaaltelevisie in handen te houden. Ze zijn verplicht minimaal vijftien kanalen, waaronder de Nederlandstalige publieke zenders, vrij door te geven. Nu is het kabelnet te druk bezet om daarnaast individuele pakketten aan te bieden. De oplossing voor de schaarste, digitale televisie, ligt al klaar. Als de kabelmaatschappijen hierop overstappen, kunnen er naar schatting tien keer zoveel kanalen over het net, en is er ruimte voor nieuwe initiatieven, zoals internet en telefonie via de kabel.

De invoering van digitale televisie kost echter veel geld. Dat valt moeilijk terug te verdienen, want de televisiemarkt is met drie publieke, vier Nederlandse commerciële stations en een groot aantal buitenlandse zenders, behoorlijk verzadigd. Karin van den Oort, woordvoerder van de Vecai, de belangenvereniging van de kabelmaatschappijen, denkt dat in de toekomst moet worden gedacht aan clusters stations, waaruit de kijker tegen betaling zoveel kan kiezen als hij wil. “Daarvoor moet eerst wel enorm worden geïnvesteerd. Daarvoor zijn 'smartcards' nodig, electronische kaarten waarmee ieder huishouden zelf een pakket kan samenstellen. Het summum is natuurlijk dat iedereen een pakket kan kiezen uit alle stations die Nederland kan ontvangen. De techniek daarvoor is vreselijk duur, dus de consument moet meer gaan betalen. Dat zijn we in Nederland niet gewend.”

Deel dit artikel