Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Excuses en erkenning wandaden in Indonesië komen op de valreep

Home

Redactioneel

De Nederlandse ambassadeur in Indonesië heeft vorige week excuses aangeboden voor de standrechtelijke executies tijdens de koloniale oorlog in het voormalige Nederlands-Indië. © EPA

Nederland heeft opnieuw een ereschuld ingelost, om de woorden van de historicus Fasseur te citeren. Het aanbieden van excuses voor de standrechtelijke executies door het Nederlandse leger tijdens de periode van dekolonisatie in Nederlands-Indië is een grote stap.

Het is goed dat de ambassadeur deze excuses niet alleen in de Indonesische hoofdstad Jakarta op de Nederlandse ambassade heeft aangeboden, maar ook afreist naar Zuid-Sulawesi om de inmiddels stokoude weduwen in de ogen te kijken. Eerder al kregen de weduwen van het bloedbad in Rawagedeh excuus aangeboden.

Het aanbod dat alle weduwen van destijds geëxecutuurde mannen een schadevergoeding tegemoet kunnen zien, komt op de valreep. Vele nabestaanden zijn immers al overleden. Toch is het een erkenning dat de excessen uit de periode tussen 17 augustus 1945, de dag van de onafhankelijkheidsverklaring, en 27 december 1949, de soevereiniteitsoverdracht van Nederland aan Indonesië, een structureel karakter hadden en plaatsvonden met politieke goedkeuring. Het is nu zaak deze regeling zeer snel en zorgvuldig uit te voeren.

Kolonisator
De man die persoonlijk verantwoordelijk was meer dan duizend van deze vaak lukrake excecuties was de Nederlandse verzetsheld Jan Vermeulen. Onder de later beruchte kapitein Westerling roeide deze militair, die voor de oorlog al diende in het Knil en in 1940 voor groot verlof naar Nederland kwam, brandhaarden van verzet in de Indonesische kampongs uit. Zijn tragische geschiedenis toont de worsteling van Nederland met zijn positie als kolonisator in die jaren.

Vermeulen werd in 1949 onderscheiden met de Bronzen Leeuw, die op een na hoogste militaire onderscheiding, voor zijn moedige verzetswerk tijdens de Tweede Wereldoorlog. Toch liep er in die periode al een strafrechtelijk onderzoek tegen hem, en zijn dossier was tot in de hoogste politieke kringen bekend. Het verdween in een la door de onafhankelijkheidsverklaring van 1949.

Dat toont eens te meer de noodzaak om het grote onderzoek voort te zetten naar de dekolonisatie, politionele acties en de excessen waarmee die gepaard gingen. Deze alomvattende studie door historici van drie gerenommeerde instituten (waaronder het Instituut voor Militaire Historie), werd helaas begin dit jaar stopgezet uit geldgebrek en omdat Indonesië dit onderzoek niet zou steunen.

Nu de allerlaatste ooggetuigen nog leven, is het tijd de laatste taboes onder ogen te zien.

Lees verder na de advertentie

 
Toch is het een erkenning dat de excessen een structureel karakter hadden en plaatsvonden met politieke goedkeuring.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie