Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ewald Kooiman 1938 – 2009

Home

Van onze redactie kunst

Hij was een musicus met een sportverslaving. Afgelopen weekeinde overleed Ewald Kooiman. Zijn muziek haalde menigeen de kerk binnen.

Organist prof. dr. Ewald Kooiman is in de nacht van zaterdag op zondag tijdens een vakantie in Egypte plotseling overleden aan een hartstilstand. Vorig jaar juni werd zijn zeventigste verjaardag nog groots gevierd met een symposium aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, waar hij sinds 1988 als buitengewoon hoogleraar orgelkunde (Ars Organi) aan verbonden was. Daar leverde hij drie promovendi af. „Een rijke buit voor zo’n leerstoel”, zei hij daarover.

Tijdens het symposium kreeg Kooiman een aan hem opgedragen feestbundel en werd een nieuwe compositie gespeeld die zijn oud-orgelleraar Piet Kee speciaal voor hem geschreven had. Kooiman, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, was bezig met het voor de derde keer vastleggen van het complete orgel-oeuvre van Johann Sebastian Bach, een project dat hij in 2010 zou afronden en dat in één keer op cd zou verschijnen. Voor zijn eerdere Bach-opnamen ontving hij in 2003 de Preis der Deutschen Schallplattenkritik.

In een interview vorig jaar in Trouw vertelde Kooiman dat hij drie tot vier keer per week de sportschool bezocht. „Het is een soort verslaving. Ik denk dat ik er mijn overtollige energie in kwijt kan. Bovendien is het heerlijk om regelmatig met een heel ander type mensen om te gaan dan organisten.”

Volgens hem konden een beetje extra kracht en conditie geen kwaad, omdat het spelen op historische orgels vaak zware arbeid was. Naast dit lichamelijke aspect hadden sport en muziek volgens Kooiman nog meer met elkaar gemeen: „Competitie. Musiceren met een zesje is niets.”

Kooiman, in 1938 in het Noord-Hollandse Wormer geboren, was van jongs af aan gefascineerd door het orgel, maar ging na het gymnasium Frans studeren aan de Vrije Universiteit. Aan het Muzieklyceum studeerde hij tegelijkertijd bij Piet Kee.

Na het behalen van zijn diploma vertrok hij naar Parijs om les te krijgen van Jean Langlais. Beide opleidingen sloot hij met de hoogste onderscheidingen af.

Tijdens zijn studie aan het Muzieklyceum was Kooiman organist van de Keizersgrachtkerk in Amsterdam. Daar werd hij af en toe vervangen door Bert Klei, de vorig jaar overleden chef kerkredactie en columnist van Trouw. Klei schreef een stukje over Kooiman, en die had dat, zo bleek vorig jaar tijdens het interview, bewaard en ingelijst.

De organist, die vanwege zijn vele reizen naar het buitenland niet meer vast aan een kerk verbonden was, bereidde zijn concerten thuis voor in een studio achter zijn woning in Hoofddorp. Daar stond een pijporgeltje en een elektronisch orgel. Verder maakte hij gebruik van het Couperin-orgel in de VU-aula, dat op zijn advies daar geplaatst was.

Kooiman heeft veel betekend voor de historische uitvoeringspraktijk van barokmuziek, maar zette zich ook in voor het enorme, vergeten oeuvre ná Bach. Boven alles wilde hij mensen enthousiasmeren voor zijn instrument. „We moeten mensen overtuigen dat je niet vroom hoeft te zijn om een kerkdeur binnen te gaan en dat daarachter een prachtig muziekinstrument staat dat ook voor hen bedoeld is.”


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel