Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Er moeten simpelweg meer Nobelprijzen naar vrouwen. Punt.

Home

Daan van Eijk en Jan Beuving

Daan van Eijk © Maartje Geels
DAAN VRAAGT JAN

Daan van Eijk en Jan Beuving vormden samen het (wetenschaps)cabaretduo Jan & Daan. Jan is wiskundige en theatermaker. Daan is natuurkundige aan de University of Wisconsin in Madison, VS. Om de week stellen zij elkaar hier een vraag.

Dag Jan,

Lees verder na de advertentie

Vorige week werden de Nobelprijzen uitgereikt en eindelijk zaten bij de prijswinnaars weer eens vrouwen. Dat werd tijd. Sinds ze worden uitgereikt, zijn er van de in totaal 892 winnaars slechts 49 vrouw: nog geen 6 procent. Bij de natuurkunde is de situatie het allerberoerdst: slechts drie vrouwen wonnen de Nobelprijs, nog niet eens anderhalf procent van alle uitgereikte ­natuurkundeprijzen sinds 1901.

Aan die onwaarschijnlijke en ronduit achterlijke getallen zie je al dat er iets grondig mis is met hoe het Nobelprijscomité naar de rol van vrouwen in de wetenschap kijkt. Want ja, de verhouding man-vrouw in de wetenschap is scheef. En ja, dat moet beter, maar die verhouding is bij lange na niet zo scheef als het percentage vrouwelijke Nobelprijswinnaars. Er moeten simpelweg meer Nobelprijzen naar vrouwen. Punt.

Laten we net zolang prijzen aan vrouwen geven, totdat de verhouding man-vrouw van de winnaars ten minste gelijk is aan de verhouding man-vrouw in het vakgebied zelf

Ik heb een idee voor het Nobelprijscomité. In elke categorie geven we net zolang prijzen aan vrouwen totdat de verhouding man-vrouw van de winnaars ten minste gelijk is aan de verhouding man-vrouw in het vakgebied zelf.

Laten we de fysica als voorbeeld nemen. Het is lastig een wereldwijde schatting te geven van de verhouding vrouw-man in de natuurkunde, maar die lijkt zo rond de 1:4 te liggen. Zoals gezegd: dat is op zichzelf al schandalig en moet gewoon beter. Maar als we nu aannemen dat de ­Nobelprijs voor de natuurkunde de komende jaren gemiddeld naar twee vrouwen gaat, dan delen we 25 jaar lang alleen maar prijzen aan vrouwen uit. Als de prijs gemiddeld met drie vrouwen per jaar wordt gedeeld, gaat het natuurlijk sneller: 16 jaar.

Ander voorbeeld: scheikunde. Omdat de vrouw-manverhouding daar nog schever is, zou het nog veel langer duren voordat het percentage Nobellaureaten gelijk is aan de verhouding op de werkvloer: vijftig jaar lang twee vrouwen per jaar als winnaar is een aardige schatting.

Voor nu wil ik je vragen of je een vrouwelijke wetenschapper wilt eren. Er zijn zóveel kandidaten ­geweest in het verleden en vooral ook nu aan het werk. Kun jij er een kiezen en uitleggen waarom zij de Nobelprijs had moeten krijgen of moet krijgen?

Ha Daan,

Interessant voorstel! Vooral omdat het zo pijnlijk duidelijk maakt hoe belachelijk achtergesteld vrouwen zijn. Overigens: vroeger waren er nauwelijks vrouwelijke wetenschappers. Laten we dus hopen dat er nog een kleine natuurlijke correctie plaatsvindt in de cijfers omdat Nobelprijzen vaak pas tientallen jaren na het belangrijke onderzoek worden toegekend.

Er zijn vrouwen genoeg die in aanmerking komen en kwamen. Neem nu Vera Rubin, die in 1951 niet naar Princeton mocht omdat die universiteit geen vrouwen toeliet in de astronomiemaster. Drie jaar later promoveerde ze op de clustering van sterrenstelsels. Haar resultaten werden verworpen, maar vijftien jaar later geaccepteerd. Ze werd 88 – oud genoeg toch om haar eens te eren, maar stierf twee jaar geleden op ­Eerste Kerstdag zonder Nobelprijs.

Mag ik een volslagen on­con­ven­ti­o­ne­le kandidaat aandragen? De Engelse Mandy Haberman. Zij vond de zogenoemde Haberman feeder uit

Of neem Chien-Shiung Wu, de ‘Marie Curie van China’. (Marie Curie won trouwens een Nobelprijs in de scheikunde én de natuurkunde, iets wat niet één man haar na kan zeggen.) In 1956 bedacht Wu het experiment waarmee kon worden aangetoond dat pariteit (een zekere spiegelsymmetrie in een deeltje) niet behouden blijft bij bepaald radioactief verval. Er waren twee theoretici, Yang en Lee, die hadden bedacht dat dit misschien zo was, maar ze konden het niet aantonen. Wu wel. Na dat experiment kregen Yang en Lee (drie keer raden: allebei mannen) de Nobelprijs. Wu niet.

Maar mag ik een volslagen onconventionele kandidaat aandragen? De Engelse Mandy Haberman. Zij vond de zogenoemde Haberman feeder uit, een fles met een speen en een ventiel ertussen. Door dat ventiel kun je in de speen knijpen en de melk in de mond van een baby spuiten. Door datzelfde ventiel vult de speen zich na het knijpen weer met melk uit de fles. Een doodsimpel idee, dat gebruikmaakt van technieken die allang bestonden, maar kom er maar eens op! Dankzij die ingeving kunnen wereldwijd tienduizenden baby’s die moeite hebben met zuigen aan een borst of een normale fles – bijvoorbeeld kinderen met een schisis die geen vacuüm kunnen ­maken – gewoon thuis door hun eigen ouders worden gevoed. Nobelprijs voor de geneeskunde wat mij betreft.

En als het daarvoor te simpel is, denk dan even aan al het gehuil dat niet klinkt omdat die kinderen bij hun eigen ouders zijn. De vredesprijs zou ook niet misstaan.

Lees ook:

Controverse is wezenlijk voor íedere prijs die er toe doet, dus ook voor de Nobelprijs

Geen Nobelprijs dit jaar voor Javier Marías, noch voor Haruki Murakami, de Syrische dichter Adonis en zelfs niet voor Cees Nooteboom. Omwille van een bizar conflict binnen het Nobelprijscomité voor de literatuur moet die laatste het dit jaar zonder haar mooiste feestje stellen. Zwartkijkers zien er al een voorbode van de ondergang van de Nobelprijs zelf in en zijn een alternatieve prijs gaan optuigen. Zo’n vaart zal het niet lopen, schrijft Ger Groot.

Deel dit artikel

Laten we net zolang prijzen aan vrouwen geven, totdat de verhouding man-vrouw van de winnaars ten minste gelijk is aan de verhouding man-vrouw in het vakgebied zelf

Mag ik een volslagen on­con­ven­ti­o­ne­le kandidaat aandragen? De Engelse Mandy Haberman. Zij vond de zogenoemde Haberman feeder uit