Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Eldorado aan de spoorlijn

Home

KIRSTEN DORRESTIJN

Met faunapassages onder en over het spoor compenseert ProRail de schade van spoorlijnen aan natuurgebieden. En met een bijenhotel hier en een reptielenbult daar doet het bedrijf zelfs meer dan de wet verplicht.

Dit is een Zootel," zegt projectmanager van ProRail Camiel Meijneken, wijzend naar een klein betonnen huisje naast het spoor bij Den Dolder. "Een hotel voor dieren." Door het mulle zand loopt hij naar het faunaverblijf en gluurt door een rechthoekige opening vlak onder het dak. "Aan het plafond zijn grijze platen gemonteerd waar vleermuizen aan kunnen hangen. Op de bodem blijft regenwater staan zodat de luchtvochtigheid goed is."

Honderd meter verderop begint vliegbasis Soesterberg. De startbaan ligt er verlaten bij. "Vroeger was dit een militair wachthuisje," vertelt Meijneken. "We hebben het laten staan voor de dieren.' Achter hem ligt ecoduct Op Hees, dat ProRail vorig jaar aanlegde om de natuurgebieden in het noorden en het midden van de Utrechtse Heuvelrug over het spoor met elkaar te verbinden. Om de paar minuten raast er een trein onderdoor.

Meijneken loopt om het betonnen huisje heen. Aan de achterkant doemt een muur op, volledig bedekt met bamboe- en rietstengels. Het is een immens bijenhotel. Metselbijen hebben hier en daar een gaatje dichtgeplamuurd.

Verder liggen rond het ecoduct boomstobben (wortelstronken) en hoopjes opgestapelde stenen, zogenoemde reptielenbulten waarin padden, kikkers, hagedissen, hazelwormen en ringslangen zich kunnen opwarmen en kunnen overwinteren. Ook is er een poel gegraven als drinkplaats. Er groeien talloze bloemen, het resultaat van een door ProRail ingezaaid bloemenmengsel.

Allemaal voorbeelden van extra voorzieningen die ProRail treft om dieren een handje te helpen. "Wij dachten, als we toch een aannemer aan het werk zetten voor een faunapassage, kunnen we heel makkelijk iets extra's doen. Bij kleine faunapassages plaatsen we bijenhotels en broeihopen van paardenmest, houtsnippers en compost, waarin ringslangen hun eieren kunnen afzetten. Een aannemer met een graafmachine vragen we of hij meteen een uitstapplaats voor amfibieën maakt in een naastgelegen sloot, en in viaducten en duikers monteren we latjes voor vleermuizen. Als je zulke maatregelen meeneemt in een groot project, kosten ze bijna niets."

De extra voorzieningen zijn niet opgenomen in het Meerjarenplan Ontsnippering (zie kader), ProRail treft ze op eigen initiatief. Meijneken: "Samen met een collega bedacht ik twee jaar geleden dat we best wat meer kunnen doen om de biodiversiteit plaatselijk te verhogen." Stichting Veldonderzoek Flora en Fauna maakte voor ProRail een handleiding waarin precies staat beschreven waaraan bijenhotel moet voldoen, hoe je een broeihoop maakt, een reptielenbult, een egelsuite (een huisje waarin egels kunnen slapen en overwinteren), of een fauna Stay Okay (steenkorf waarin amfibieën kunnen opwarmen). "Die handleiding geven we mee aan onze aannemers."

Als aannemers de beschrijvingen niet goed opvolgen, blijken dit soort ingrepen vaak zinloos, zegt Richard Struijk van stichting Ravon, die onderzoek doet naar reptielen, amfibieën en vissen: "Ik weet niet hoe de aannemers van ProRail te werk gaan, maar soms laten uitvoerders gemaaid riet liggen en noemen dat dan een broeihoop. Zo werkt het natuurlijk niet."

Ook een goede faunapassage is niet makkelijk aangelegd. "Ik ken passages die uitstekend werken, maar de meeste die ik tegenkom, zijn niet optimaal. De lichtinval, luchtstroming en afmetingen moeten precies goed zijn, anders kruipt een rugstreeppad of zandhagedis er niet in."

Aannemer Heijmans legt alle kleine faunapassages aan voor ProRail. In het contract staat dat bij elke passage minimaal twee extra voorzieningen moeten komen. Werkvoorbereider Math Beckers: "Wij gebruiken de handleiding als basis en huren bij elke locatie een ecoloog in voor een inventarisatie. Aan de hand daarvan bepalen we welk soort faunahotel we het best kunnen plaatsen." Bij vrijwel elke passage zet Heijmans bijenhotels bij ingang en uitgang, en afhankelijk van de aanwezigheid van ringslangen in het gebied, legt de aannemer ook broeihopen aan.

Boswachter Jan Tupker is blij met ecoduct Op Hees. "Het wordt volop gebruikt, dat zie ik aan de sporen van dassen en reeën. Ook andere dieren maken er gebruik van: egels, boommarters, hazen, vogels, vlinders en rupsen. Voorheen trof ik geregeld slachtoffers aan langs het spoor, zo'n vijf dode reeën per jaar. Dit jaar heb ik er nog niet een gezien."

De boswachter is vanaf het begin betrokken geweest bij de aanleg van het ecoduct en heeft meegedacht over de aanpak. De reptielenbult en het bijenhotel werken volgens hem naar behoren. "Als je een steen optilt van die hoop kom je geheid een ringslang of adder tegen. En op zonnige dagen zoemt het rond het bijenhotel." Het wachthuisje is nog niet in gebruik genomen. Tupker hoopt in de winter de eerste vleermuizen aan te treffen.

Midden op het ecoduct blijft Meijneken staan en wijst naar het zand. "Kijk, een reeënspoor!', roept hij enthousiast. 'Een beter bewijs dat het werkt, is er niet."

Lees verder na de advertentie

Meerjarenplan Ontsnippering

In het Meerjarenplan Ontsnippering is vastgelegd dat ProRail, de provincies en Rijkswaterstaat samen 215 knelpunten voor dieren en planten oplossen. Door (vaar)wegen en spoorlijnen zijn natuurgebieden geïsoleerd geraakt. Dieren en planten zijn opgesloten in onnatuurlijk kleine leefgebieden, waardoor ze soms lokaal uitsterven. De faunapassages moeten ervoor zorgen dat reeën, dassen, vossen en andere dieren veilig kunnen oversteken. ProRail legt in totaal dertien ecoducten aan en bijna honderd kleine faunapassages (dassen- en amfibieëntunnels).

Deel dit artikel