Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Eerste ijveraar voor pastor als therapeut

Home

redactie religie & filosofie

De theoloog en psycholoog dr. Heije Faber is op 93-jarige leeftijd overleden. In de jaren zeventig was hij - vrijzinnig-hervormd - hoogleraar aan de Katholieke theologische faculteit in Tilburg. Hij stond aan de wieg van de 'Klinisch pastorale vorming', de uit Amerika overgewaaide specialisatie voor pastores in de intramurale zorg.

Vóór de oorlog was de vrijzinnig-hervormde dominee Faber de eerste voorzitter van de beweging Eenheid door Democratie (EDD), die onder de leus 'Noch Moskou noch Mussert' tienduizenden tegen de NSB wist te mobiliseren. Hij moest onderduiken; in zijn geschriften spelen oorlogsherinneringen en -ervaringen meer dan eens een rol om zijn standpunt toe te lichten. ,,Door te leven, ja door te sterven en geoordeeld te worden wordt men theoloog, niet door te begrijpen, te lezen of te speculeren.'' Het citaat - was getekend: Luther - had Faber naar zijn zeggen overgenomen van een predikant die joden had geholpen aan valse doopbewijzen en die in de gevangenis was beland.

Ver voordat reizen doodgewoon was en ieders horizon tot overzee reikte stak Faber zijn licht op in Amerika. Hij leerde er van Carl Rogers, hij merkte er dat jonge pastores zeer professioneel werden getraind, in gespreksvoering, compleet met supervisie en andere technieken uit de klinische psychologie. In de sterk op de Bijbel, dogmatiek en andere boekenwetenschap gerichte theologie-opleiding in Nederland was deze specialisatie pastoral therapy geheel onbekend. Faber ging ook nog psychologie studeren, promoveerde er voor de tweede keer en won langzamerhand de harten voor de noodzaak van klinische professionalisering in het pastoraat. Overigens deed hij zelf aan die KPV niet mee - dat was vooral het werk van ds. Wybe Zijlstra. Faber met zijn dubbele doctorstitel bleef aan de wetenschappelijke kant van de streep, als lector in Leiden, later als hoogleraar in Tilburg.

Onder zijn vakbroeders waren weinigen zo vlot met de pen als hij. Zijn oeuvre aan boeken en artikelen is enorm. Hij klaagde wel eens dat zijn werk in Nederland eigenlijk minder werd opgemerkt dan de Engelse versie ervan in Amerika. Alsof hij in zekere zin te Amerikaans geworden was voor de Nederlandse godgeleerden, die toch meer lijken aan te nemen van zwaarwichtige Duitsers.

Zijn ervaringen in de EDD bleven hem bij. Hij is nooit geheel opgegaan in de individualisering die past bij klinisch pastoraat. De kerk was voor hem meer dan het individu: zij had wel degelijk een taak in de samenleving, In die zin moest van hem het individuele uiteindelijk ook weer naar het maatschappelijke worden gericht - naar de wereld, waar de kerk geroepen was te allen tijde een stem tegen Mussert en Moskou te zijn. Tot op hoge leeftijd bleef Faber schrijven, tot voor zeer kort liet hij zich in zijn woonplaats Maarn horen in gespreksgroepen of in conventen van pastores - beminnelijk, met inhoud, betrokken.

Een vrijzinnige hervormde als hoogleraar bij de roomsen in Tilburg? In de jaren zeventig was in elk geval het omgekeerde ondenkbaar. Maar Faber dacht dan ook ruim. Vooral in de begeleiding van stervenden had hij ervaren dat de katholieken daar toch meer van hadden begrepen. ,,Protestanten zijn beeldenstormers, maar uit mijn pastorale ervaring weet ik dat een kruisbeeld in de hand de stervende het gevoel geeft van niet alleen te zijn.''

Halverwege de jaren tachtig - discussie alom over euthanasie. Faber ging het om een goed sterven en dat kon in zijn ogen alleen door de negatieve gevoelens en angst eromheen toe te laten, ermee bezig te zijn, erover te praten.'' Hij wist hoezeer mensen de dood verdrongen, net als seksualiteit. Hij maakte mee dat alles 'bespreekbaar' werd, ook seks en dood. Maar de pastorale ervaring had hem geleerd dat de emotionele aanvaarding ervan toch nog weer een moeizame stap verder is.

Deel dit artikel