Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Eerst maar eens lekker klimmen, dan pas olympisch denken

Home

Kick Hommes

De 18-jarige Lynn van der Meer uit Roosendaal in actie bij het NK sportklimmen. © Olaf Kraak

Sportklimmen is in 2020 voor het eerst olympisch. Maar de Nederlandse klimbond is nog aan het bouwen. De jeugd komt op, bewijst de vrouwenfinale bij het Nederlands Kampioenschap Lead-klimmen, de koningsklasse in de klimsport.

Voor Lynn van der Meer begint het NK Lead-klimmen in Utrecht met een dans zonder partner. Tijdens het schouwen vooraf, het minutieus bekijken van de route, oefenen de handen de grepen, de benen dartelen naar links en rechts. Een verrekijker hangt om de nek, om indien nodig de hoogste blokken dichtbij te halen.

Lees verder na de advertentie

Van der Meer (18) is de favoriet bij dit Nederlands kampioenschap, dat deze zaterdag in de slechts een paar weken oude Neoliet-hal wordt gehouden. Vijfhonderd toeschouwers stuwen haar omhoog.

Koningsnummer

Lead is het ‘koningsnummer’ van het sportklimmen. Op de wand van ruim twintig meter hoog moet in zes minuten zo ver mogelijk geklommen worden. Samen met boulderen (klimmen zonder zekering over een kleiner blok) en speed (een vast parcours dat zo snel mogelijk moet worden afgelegd) vormt Lead voor het eerst ook een olympische combidiscipline.

Want klimmen is erbij in 2020, op de Olympische Spelen in Tokyo. Naast bijvoorbeeld skateboarden of freestyle BMX is het een nieuwe discipline. En dus liggen er kansen voor Nederland.

Maar klimmen, dat is een kleine sport in Nederland. De bond krijgt ook geen subsidie van sportbond NOC*NSF. Toch is de klimcultuur wel degelijk aanwezig, zegt bondsdirecteur Robin Baks. De laatste jaren zijn de aantal klimhallen in Nederland fors toegenomen, de bond kent bijna 62.000 leden.

De prestaties komen nu vooral van Tim Reuser (verreweg de sterkste in de mannenfinale) en met name Jorg Verhoeven. Die laatste geldt als de beste van Nederland, maar woont in het buitenland. Nikki van Bergen is bij de dames de beste, maar die doet vanwege een blessure dit jaar niet mee.

Jeugdteam

Sinds drie jaar wordt ook vooral aan het Nederlands jeugdteam gewerkt. Daar ligt de focus. De bond heeft een intensief jeugdprogramma met veertien klimmers. Van der Meer, die het klimmen op haar negende ontdekte op haar eigen verjaardagsfeestje, is een van hen. Dit jaar haalde ze de halve finale van het wereldkampioenschap junioren. Dat was haar doel voor dit klimseizoen. Ze neemt een tussenjaar om zich te kunnen focussen op haar sport.

Er is in het kabinet wel een beweging die geld wil geven voor nieuwe olympische disciplines

Bondsdirecteur Robin Baks

Op dat jeugd-WK zaten onder meer die verrekte Japanners dwars. De Japanners, die sowieso de discipline beheersen. Hoe dat komt? Ze zijn megaflexibel, zegt bondscoach Aukje van Weert. Bovendien zijn ze mentaal sterk en is hun team ‘als een familie’.

Dat moet in Nederland allemaal nog groeien. Bij sportbond NOC*NSF adviseert inmiddels een prestatiemanager de bond in bijvoorbeeld ontwikkelingsvraagstukken. De volgende stap: geld. Van Weert: “Ook al is het maar een klein beetje.” Bondsdirecteur Baks ziet wel mogelijkheden. “Er is in het kabinet wel een beweging die geld wil geven voor nieuwe olympische disciplines.”

Van der Meer moet alles zelf nog regelen. Ze krijgt haar schoentjes, kan in haar thuishal in Roozendaal sporten, maar verder is het op sponsorgebied nog mager.

In Utrecht gaat het daar niet om. Daar gaat het om de titel. Als laatste mag ze de wand in. Eenmaal aan het klimmen is het problemen tegenkomen en oplossen. De benen trillen, de armen verzuren. Even zweeft ze door de lucht, als ze zich moet afzetten om bij een nieuw blok te geraken. De dj draait een nummer dat ze niet kent: Acceptable in the 80’s, van Calvin Harris.

Vroeger, in die jaren tachtig toen de sport in opkomst kwam, was klimmen veel meer rechttoe, rechtaan, vertelt Van Weert. Het was ‘uitmergelen en volhouden’. Nu is de trend om ook op de grote klimmuur moeilijkere routes te maken, die veel meer explosiviteit vereisen.

Klimmen is altijd anders. Je moet je lichaam telkens in andere hoeken krijgen

Aukje van Weert

Van der Meer is een goed voorbeeld van een fysieke klimmer die veel meer moet oefenen op de uitdagende routes, zegt Van Weert. Dat komt tot uiting in de sprong die Van der Meer uitvoert.

In de sportschool zit ze eigenlijk niet. Ze hoeft toch niet telkens dezelfde beweging te doen. Van Weert: “Klimmen is altijd anders. Je moet je lichaam telkens in andere hoeken krijgen. Alleen je arm omhoog en omlaag doen tijdens fitness werkt niet. Daarom is klimmen in de wand, zoals wij dat noemen, beter.”

Van der Meer valt uiteindelijk nog ruim onder de top. Het blijkt wel genoeg voor haar eerste Nederlandse titel. “Ik begon te twijfelen. Dat moet je nooit doen tijdens een wedstrijd, en daarom denk ik dat het mis ging.”

Een goede les voor later. Terwijl Van der Meer naar de dopingcontrole moet, analyseert de bondscoach het niveau. “Voor wat ze kunnen, is het goed.” Van der Meer op de Spelen? Ze heeft (nog) niet de ambitie. Bondscoach Van Weert: “Dan moet ze ook alle onderdelen kunnen. Dat is nog niet zo. Maar dat is prima. Eerst maar eens lekker klimmen.”

Deel dit artikel

Er is in het kabinet wel een beweging die geld wil geven voor nieuwe olympische disciplines

Bondsdirecteur Robin Baks

Klimmen is altijd anders. Je moet je lichaam telkens in andere hoeken krijgen

Aukje van Weert