Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Eensgezindheid van na de ramp is in de Bijlmer weer verdwenen

Home

RUUD VAN HAASTRECHT

AMSTERDAM - In de donkere regenlucht scheert er een vliegtuig over Groeneveen. Een halve minuut later wéér een. En wéér een. Ze fluiten en gieren en grommen.

Hun route leidt pal over het provisorische Bijlmermonument dat nabestaanden en andere rouwende buurtbewoners meteen na de vliegramp hebben opgericht. In het vrije luchtruim bestaat geen historie. Wolken komen en gaan. Op de grond is die herinnering er wel, vastgelegd in namen, foto's, vazen bloemen, planten en vaak aandoenlijke gedichtjes, om 'de boom' heen 'die alles zag'.

Streep hun naam niet door, al zijn zij tot stof vergaan, streep hun naam niet door, alsof zij nooit hebben bestaan.

En: 't Liefste dat ik heb bezeten, 't middelpunt van mijn bestaan, vraag mij niet dat te vergeten, en gewoon weer door te gaan.

En: De Bijlmer, Amsterdam en heel Nederland was in één klap één. Vooroordelen smolten weg in het helse vuur. Mijn God, moest dit daarvoor gebeuren?

In het ijzeren hek om de boom zit welgeteld één boeket. Destijds was het één grote bloemenzee. Ernaast hangt scheef gezakt een afgebladderd bord met in regenboogkleuren nog net leesbaar: 'Bijlmermeer kleurrijke wijk'. De planten en bloemen die rond de boom staan, zijn van de bewonersgroep die zich over de gedenkplek heeft ontfermd. Ze worden betaald uit de melkbus bij de boom waar bezoekers geld in kunnen doen voor bloemen en planten. In de tweeeneenhalf jaar dat de melkbus er staat, is ie nog maar één keer gejat, vertelt lid en wijkopbouwwerker Ton Borst. “Dat is hier heel wat.”

Drie jaar na het neerstorten van een vrachtvliegtuig van El Al op de hoogbouwflats Kruitberg en Groeneveen is de Bijlmer weer een gewone wijk geworden. De eensgezindheid van kort na de ramp is er niet meer. “Het leven gaat verder”, zeggen de mensen die het meemaakten wat bitter.

“In het begin praatte iedereen erover en was er een ontzettend gevoel van saamhorigheid”, zegt een medewerkster van de bibliotheek in de Bijlmer. “Nu niet meer. Misschien is wèl de omgeving buiten de Bijlmer veranderd. Voor die tijd dacht iedereen: de Bijlmer is helemaal zwart en is helemaal niks. Nu realiseert men zich dat er in de Bijlmer mensen wonen, dat zwarte mensen óók mensen zijn.”

Een medewerker van de dienst Groenvoorziening in het stadsdeel Zuidoost dacht kort na de ramp dat de wijk er veiliger op zou worden. Maar daar is hij intussen van teruggekomen. “Ik zit in een keetje waar intussen drie keer is ingebroken. Dan begint je tolerantie wel af te nemen.”

Wat veranderd is, zegt koster Henk Boer van kerkgebouw De Nieuwe Stad, is dat je geen vliegtuig meer over kunt horen komen zonder eraan te denken. “Ze dalen bij Reigersbos weleens en dan denk je: 'komt het wel goed?' Dat blijft.”

Kinderen

Sinds een maand voert kunstenares Akelei Hertzberger een paar keer per week groepen kinderen van scholen uit de Bijlmer langs het monument. Daarna gaan ze mee naar het atelier op de eerste verdieping van de hoogbouwflat Groeneveen, die nog altijd de vleugel mist waar de El Al-Boeing zich op de vroege avond van 4 oktober 1992 doorheen boorde. Als straks de bladeren gevallen zijn, kun je door de ramen de boom zien 'die alles zag'. “Daar heb ik voor gevochten”, zegt ze.

Al ruim tien jaar begeleidt Hertzberger buurtbewoners bij het maken van mozaïektegels. Die tegels worden in het plaveisel van een straat verwerkt. Zo wil ze de verloedering en de anonimiteit in de grote stad doorbreken. “Mensen kunnen zich pas thuis voelen op het moment dat herinneringen zich kunnen hechten. Aan barsten of scheuren herken je de omgeving.”

In de Bijlmer dienen de mozaïektegels nog een extra doel: de verwerking van de gebeurtenissen van drie jaar geleden. Hertzberger: “De mensen komen hier binnen, beginnen, en alles valt van ze af. Ik denk dat het heel helend werkt. Heel veel uren Riagg kun je er tegenover stellen.”

De tegels gaan deel uitmaken van het officiële Bijlmermonument, dat bij de herdenking volgend jaar klaar moet zijn. “Het wordt een grote theedoek, een bundeling van energie van alle mensen die weten wat er is gebeurd”, zegt Hertzberger over haar aandeel. Ze vindt niet dat het gedenkmonument te lang op zich heeft laten wachten. “In de buurt was men emotioneel nog niet rijp voor een monument. En de grond moest afgegraven worden. Er is nu in ieder geval over nagedacht.” Voor opbouwwerker Ton Borst komt het wel te laat: “Een aantal mensen die uit de Bijlmer weg verhuisd zijn na de ramp, komen niet meer. Die zeggen: 'Het heeft te lang geduurd'. Juist bij die mensen was de pijn het grootst.”

In het atelier vergaat je horen en zien. Met een plank slaan de kunstenaars-voor-een-middag op hun tegel om het water eruit te krijgen. Aan de muren hangen de foto's van de tot nu toe driehonderd trotse makers met hun tegel. Na de herdenking vandaag gaat het mozaïek maken verder. Tenminste duizend tegels wil Hertzberger voor het monument, juist nog van diegenen van wie Borst zegt dat ze niet meer zullen komen: de mensen die de Bijlmer na de ramp zijn ontvlucht. “Stel je voor”, zegt ze, “dat die mensen straks bij het monument staan en hun tegel is er niet bij.”

“Ik heb moeite gehad om te komen”, zegt André Simons (67), puzzelend met mozaïekstukjes. “Als m'n vrouw niet was gegaan, was ik niet gekomen.” Al een week heeft hij 's nachts geen oog dichtgedaan vanwege het vooruitzicht terug te komen in de Bijlmer. Twee jaar na de ramp verhuisde hij naar Almere. Hij was een actieve buurtbewoner. Hij zat in het bestuur van buurtcentrum De Bonte Kraai en had veel kennissen in de wijk.

Kindertijd

Maar de Bijlmerramp deed bij hem angsten herleven uit zijn kindertijd, toen zijn geboortestad Antwerpen bestookt werd door de Duitse V-1. Elke keer als er weer een toestel overkwam, was het raak. “Dat heeft bij mij geleid tot, om het maar zo voorzichtig mogelijk te zeggen, emotionele vermoeidheid.” In Almere gaat het beter met hem. Al heeft hij angst voor de komst van een zesde baan bij Lelystad of in de Markerwaard.

De vliegramp is veel vernietigender geweest voor de Bijlmer dan alleen die 39 doden, zegt opbouwwerker Borst. De sociale structuur van de wijk kreeg een geweldige dreun. Juist vele actieve, weerbare buurtbewoners trokken erna weg.

Maar bewuste blijvers zijn er ook, zoals beeldend kunstenaar Guido Rooijmans die vanaf 1972 in Groeneveen woont. “Het bijzondere van de Bijlmer is, dat er altijd weer mensen zijn die er de schouders onder zetten.” Oók na die doemzondag. Rooijmans herinnert zich hoe anderhalve maand daarna de bewoners van Groeneveen op een vergadering moesten beslissen of hun flat moest worden afgebroken of weer opgebouwd. “Op die heel indrukwekkende bijeenkomst is gezegd: we moeten het weer opbouwen.”

“Er zijn een heleboel mensen weggegaan, maar van die mensen zijn er ook weer een heleboel teruggekomen”, zegt Gerard Hendriks die met z'n gezin ook nog steeds in Groeneveen woont. “Want die mensen trokken weg met een probleem. Híér is het nooit: 'zeur niet meer over die Bijlmerramp!'. We hebben hier allemaal hetzelfde probleem. Alleen door er veel over te praten, los je het op.”

Deel dit artikel